Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | Vacatures | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
» Energiewijzer « advertorial
Bespaar geld en stap over!
Energiewijzer.nl, eerlijk over energie.

Juridische vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Powered by Jbmatch.nl

Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Begripsomschrijving
+ Hoofdstuk II. Rijks planologisch beleid
+ Hoofdstuk III. Provinciaal planologisch beleid
- Hoofdstuk IV. Gemeentelijk planologisch beleid
+ Hoofdstuk IVA. Regionaal planologisch beleid
+ Hoofdstuk V. Voorschriften van hoger gezag inzake gemeentelijke planologische maatregelen
+ Hoofdstuk Va. Projectcoördinatie
+ Hoofdstuk VI. Exploitatieverordeningen
+ Hoofdstuk VII. Aanlegvergunningen
+ Hoofdstuk VIII. Financiële bepalingen
+ Hoofdstuk IX. Planologische organen en adviesraden
+ Hoofdstuk IXA. Bezwaar en beroep
+ Hoofdstuk IXB. Advisering inzake beroepen ruimtelijke ordening
+ Hoofdstuk X. Dwang- en strafbepalingen
+ Hoofdstuk XI. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Parlement
Documenten bij de totstandkoming van (deze versie van) de wet.

Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Artikel 28 Wet op de Ruimtelijke Ordening

Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Ook bekend als:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Let op. Deze wet is vervallen op 1 juli 2008. U leest nu de tekst die gold op 30 juni 2008.
1.
Het bestemmingsplan behoeft de goedkeuring van gedeputeerde staten. Het plan wordt daartoe zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen vier weken na de dagtekening van het raadsbesluit tot vaststelling, aan gedeputeerde staten verzonden.
2.
Indien tegen het vastgestelde plan tijdig bedenkingen zijn ingebracht krachtens artikel 27, wordt het besluit omtrent goedkeuring bekendgemaakt binnen zes maanden na afloop van de termijn van terinzagelegging, bedoeld in artikel 26. Alvorens het besluit te nemen, horen gedeputeerde staten de provinciale planologische commissie. Artikel 10:31, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. De goedkeuring kan worden onthouden indien de ingebrachte bedenkingen daartoe aanleiding geven dan wel wegens strijd met een goede ruimtelijke ordening.
3.
Aan het plan wordt geacht goedkeuring te zijn onthouden, indien het eerste lid, tweede volzin, niet is nageleefd en niet tijdig een besluit omtrent goedkeuring is bekendgemaakt.
4.
Indien het besluit van gedeputeerde staten strekt tot het onthouden van goedkeuring, kunnen daarbij voorschriften als bedoeld in artikel 14 worden gegeven voor zover dat noodzakelijk is om te voorkomen dat een terrein minder geschikt wordt voor de verwerkelijking van een daaraan bij het plan te geven bestemming.
5.
Gelijktijdig met de bekendmaking doen gedeputeerde staten mededeling van hun besluit door toezending van een afschrift aan hen die bedenkingen hebben ingebracht krachtens artikel 27, aan de provinciale planologische commissie en aan de inspecteur. Indien het derde lid dan wel artikel 10:31, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht toepassing heeft gevonden wordt het besluit van gedeputeerde staten vervangen door een schriftelijke mededeling van gedeputeerde staten van dat feit.
6.
Behoudens indien toepassing kan worden gegeven aan artikel 29, eerste lid, wordt binnen twee weken na de bekendmaking van het besluit omtrent goedkeuring van gedeputeerde staten dit besluit, of zo het derde lid dan wel artikel 10:31, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht toepassing heeft gevonden, de schriftelijke mededeling van dat feit, met het bestemmingsplan ter gemeentesecretarie voor een ieder ter inzage gelegd voor de duur van zes weken. Artikel 23, eerste lid, onder a, is van overeenkomstige toepassing.
7.
Een besluit van gedeputeerde staten omtrent goedkeuring treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beroepstermijn afloopt.