Artikel 3
Dit besluit is niet van toepassing op een inrichting als bedoeld in
artikel 2, indien:
a.
in de inrichting of een onderdeel daarvan één of meer stooktoestellen voor verwarming of warmtekrachtopwekking aanwezig zijn met een thermisch vermogen per toestel van 7 500 kW of meer;
b.
in de inrichting of een onderdeel daarvan één of meer installaties of voorzieningen, met uitzondering van een smidse, aanwezig zijn, die kunnen worden gebruikt voor het verstoken of verbranden van andere brandstoffen dan aardgas, propaangas, butaangas of gasolie;
c.
het emissiepunt van een verfspuit- of antiroestbehandelingscabine is gelegen op minder dan 50 meter van een stankgevoelig object, met uitzondering van die situaties waarvoor onmiddellijk voorafgaand aan 1 oktober 2000 een vergunning nog in werking en onherroepelijk was, of die situaties waarvoor onmiddellijk voorafgaand aan 1 april 1990 een vergunning nog in werking en onherroepelijk was en waarvoor de voornoemde afstand van 50 meter is vervangen door een afstand van 30 meter;
d.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht voor carrosseriebouw;
e.
de inrichting in hoofdzaak is ingericht voor het reviseren van motoren;
f.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht voor het afleveren van LPG of aardgas voor tractie;
g.
de inrichting in hoofdzaak is ingericht voor het onderhouden, repareren, behandelen van de oppervlakte, keuren, reinigen van carrosserie en bekleding, stallen of proefdraaien van militair materieel;
h.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht voor de opslag van vuurwerk;
i.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht voor het opslaan van vloeibare gevaarlijke stoffen, vloeibare gevaarlijke afvalstoffen of brandbare vloeistoffen in tanks, tenzij sprake is van het opslaan in ondergrondse tanks, waarop het
Besluit opslaan in ondergrondse tanks 1998 van toepassing is, dan wel sprake is van opslaan van brandbare vloeistoffen in bovengrondse tanks;
j.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht voor het inwendig reinigen van tanks en tankwagens;
k.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht voor het opslaan van gassen of gasmengsels in tanks, tenzij sprake is van opslag waarop het
Besluit voorzieningen en installaties milieubeheer van toepassing is;
m.
de inrichting of een onderdeel daarvan is ingericht als brandweerkazerne;
n.
de inrichting een gemechaniseerd loonbedrijf is waarop het
Besluit landbouw milieubeheer van toepassing is.