Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | Vacatures | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
» Energiewijzer « advertorial
Bespaar geld en stap over!
Energiewijzer.nl, eerlijk over energie.

Juridische vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Powered by Jbmatch.nl

Inhoudsopgave
Inleiding
Artikel 1
Artikel 2. De bestuursrechtelijke randvoorwaarden bij de afdoening van concentratiemeldingen
Artikel 3. Voorwaarden voor afdoening bij verkort besluit
Artikel 4. De inhoud van een verkort besluit
Artikel 5. Volledigheid van de melding
Artikel 6. Openbaarmaking van een verkort besluit
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Artikel 3 lid 1 c 2 Besluit afdoening concentratiemeldingen d.m.v. verkort besluit

Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Let op. Deze wet is vervallen op 7 september 2008. U leest nu de tekst die gold op 6 september 2008.
1.
Een verkort besluit is passend in gevallen waarin is voldaan aan de volgende drie voorwaarden:
(c) Het moet evident zijn dat de concentratie uit mededingingsoogpunt geen bezwaren oproept. Daarom moet één van de volgende situaties zich voordoen:
2) Er is wel sprake van een horizontale of verticale relatie tussen de activiteiten van de betrokken ondernemingen, maar de marktaandelen in kwestie zijn kleiner dan 25% wanneer het gaat om een horizontale relatie en kleiner dan 30% wanneer het gaat om een verticale relatie. Ten aanzien van de omvang van de markt is voldoende informatie aanwezig. De markt of markten in kwestie zijn bekend uit eerdere zaken van de NMa of van de Europese Commissie, dan wel, indien dat niet het geval is, is duidelijk dat bij geen enkele reëel mogelijke marktafbakening de marktaandelen boven de 25% resp. 30% uitkomen.
Toelichting: Indien er geen horizontale of verticale relatie bestaat tussen de activiteiten van de betrokken ondernemingen dan is er sprake van een concentratie die wel als ‘conglomeraat’ wordt aangeduid. Het is dan slechts in zeer uitzonderlijke situaties denkbaar dat er een mededingingsprobleem ontstaat. In dit soort gevallen zal in de regel een verkort besluit passend zijn. Hierbij moet wel worden aangetekend dat de vraag of er sprake is van een horizontale of verticale relatie strikt genomen pas kan worden beantwoord nadat is vastgesteld welke markten in het geding zijn. In de praktijk kan de analyse die ertoe strekt deze vraag te beantwoorden achterwege blijven wanneer het gaat om goederen of diensten die vanuit het oogpunt van de behoefte van de afnemer te ver van elkaar zijn verwijderd terwijl er ook vanuit een oogpunt van aanbodsubstitutie op het eerste gezicht geen reden is om een horizontale of verticale relatie tussen de activiteiten van de betrokken ondernemingen te veronderstellen. In de hier bedoelde gevallen moet dus uitgesloten worden geacht dat, ongeacht tot welke relevante markten zou worden geconcludeerd, er sprake zou kunnen zijn van een horizontale of verticale relatie tussen de activiteiten van de betrokken ondernemingen. Indien er wèl sprake is van een horizontale of verticale relatie tussen de activiteiten van partijen dan zal een verkort besluit passend zijn wanneer de marktaandelen laag zijn, de grootte van deze marktaandelen mede af te leiden is uit voldoende betrouwbare informatie uit onafhankelijke bron, terwijl voorts de markten in kwestie bekend zijn uit eerdere zaken. Ook kan verkort worden afgedaan indien, ook als de markten nog niet eerder zijn afgebakend, duidelijk is dat bij alle reëel mogelijke marktafbakeningen, de marktaandelen kleiner zijn dan 25% (bij een horizontale relatie) dan wel 30% (bij een verticale relatie). Binnen die randvoorwaarden zal het immers veelal om gevallen gaan waarbij het, ongeacht wat de overige marktomstandigheden zijn, uitgesloten is dat het ontstaan of de versterking van een machtspositie in het geding zou kunnen zijn. Dit laat onverlet dat zich bijzondere gevallen kunnen voordoen waarin het desondanks niet op voorhand duidelijk is dat er geen sprake kan zijn van het ontstaan of de versterking van een machtspositie; in een dergelijk geval zal niet met verkorte afdoening worden volstaan. Voorts moet worden opgemerkt dat deze benadering niet impliceert dat in een eerder besluit al een uitspraak is gedaan over de relevante markt. Het kan immers zo zijn dat in eerdere gevallen, die dezelfde economische activiteiten als onderwerp hadden, kon worden geconcludeerd dat bij geen van de overwogen marktomschrijvingen een machtspositie zou kunnen ontstaan of worden versterkt, terwijl in een later besluit een zelfde conclusie kan worden getrokken. Dat latere besluit leent zich dan voor een verkort besluit indien de aangegeven marktaandelen bij geen van die eerder overwogen marktomschrijvingen wordt overschreden.