Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | Vacatures | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
» Energiewijzer « advertorial
Bespaar geld en stap over!
Energiewijzer.nl, eerlijk over energie.

Juridische vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Powered by Jbmatch.nl

Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Definities en toepassing
- Hoofdstuk 2. Strafbare feiten
+ Hoofdstuk 3. Afweging van belangen
+ Hoofdstuk 4. Aanvraag van een advies
+ Hoofdstuk 5. Bijzondere omstandigheden
+ Hoofdstuk 6. Overige bepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Beleidsregel van de Stichting Nationale en Internationale Wegvervoer Organisatie (NIWO) toetsing vergunningen beroepsgoederenvervoer over de weg aan de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob)

Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Artikel 3
De NIWO kan op grond van artikel 7, tweede lid, en artikel 12, tweede lid, van de Wet goederenvervoer over de weg een vergunning weigeren of intrekken indien er ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten.
Artikel 3
De NIWO kan op grond van artikel 7, tweede lid, en artikel 12, tweede lid, van de Wet goederenvervoer over de weg een vergunning weigeren of intrekken indien er ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten.
1.
De NIWO neemt ingevolge het gevaar als bedoeld in artikel 3 uitsluitend strafbare feiten in aanmerking:
1.
De NIWO neemt ingevolge het gevaar als bedoeld in artikel 3 uitsluitend strafbare feiten in aanmerking:
a. die zijn gepleegd;
a. die zijn gepleegd;
b. ingevolge waarvan aanzienlijke voordelen zijn of kunnen worden behaald; waaronder financiële middelen, zaken, producten, diensten, gegevens, informatie, waardepapieren, concurrentievoordeel, goodwill, goede naam en andere voordelen zonder een in het zakelijk verkeer gebruikelijke tegenprestatie;
b. ingevolge waarvan aanzienlijke voordelen zijn of kunnen worden behaald; waaronder financiële middelen, zaken, producten, diensten, gegevens, informatie, waardepapieren, concurrentievoordeel, goodwill, goede naam en andere voordelen zonder een in het zakelijk verkeer gebruikelijke tegenprestatie;
c. waarvan de voordelen kunnen worden benut in de uitoefening van het beroep of bedrijf van de aanvrager of houder dan wel de activiteiten waarvoor de vergunning is bedoeld;
c. waarvan de voordelen kunnen worden benut in de uitoefening van het beroep of bedrijf van de aanvrager of houder dan wel de activiteiten waarvoor de vergunning is bedoeld;
d. die worden aangemerkt als een misdrijf; en
d. die worden aangemerkt als een misdrijf; en
e. die van zodanig gewicht zijn dat in handeling en gevolg de rechtsorde dan wel economische, maatschappelijke of openbare belangen kunnen worden geschaad.
e. die van zodanig gewicht zijn dat in handeling en gevolg de rechtsorde dan wel economische, maatschappelijke of openbare belangen kunnen worden geschaad.
Artikel 5
Als strafbare feiten, bedoeld in artikel 4, kunnen in ieder geval worden aangemerkt:
Artikel 5
Als strafbare feiten, bedoeld in artikel 4, kunnen in ieder geval worden aangemerkt:
1. De commune delicten uit het Wetboek van Strafrecht :
1. De commune delicten uit het Wetboek van Strafrecht :
a. deelneming aan een criminele organisatie ( 140 WvSr), voor zover het betreft organisaties die zich schuldig hebben gemaakt aan de in dit artikel genoemde feiten;
a. deelneming aan een criminele organisatie ( 140 WvSr), voor zover het betreft organisaties die zich schuldig hebben gemaakt aan de in dit artikel genoemde feiten;
b. omkoping van of dwanguitoefening op een ambtenaar, bestuurder of beëdigde beambte ( 177, 179, 183 lid 1 WvSr);
b. omkoping van of dwanguitoefening op een ambtenaar, bestuurder of beëdigde beambte ( 177, 179, 183 lid 1 WvSr);
c. omkoping van een rechter ( 178 WvSr);
c. omkoping van een rechter ( 178 WvSr);
d. het illegaal te werk doen stellen van zich onrechtmatig in Nederland bevindende personen ( 197b WvSr);
d. het illegaal te werk doen stellen van zich onrechtmatig in Nederland bevindende personen ( 197b WvSr);
e. valsheid in geschrifte ( 225-227, 230 WvSr);
e. valsheid in geschrifte ( 225-227, 230 WvSr);
f. mensenhandel, specifiek het vervoeren van personen die worden bewogen tot seksuele handelingen met derden tegen betaling ( 250a, eerste lid, onder 2 WvSr);
f. mensenhandel, specifiek het vervoeren van personen die worden bewogen tot seksuele handelingen met derden tegen betaling ( 250a, eerste lid, onder 2 WvSr);
g. mensenroof ( 278 WvSr);
g. mensenroof ( 278 WvSr);
h. slavenhandel ( 276 WvSr);
h. slavenhandel ( 276 WvSr);
i. schaking ( 281 WvSr);
i. schaking ( 281 WvSr);
j. wederrechtelijke vrijheidsberoving ( 282, 283 WvSr) en gijzeling ( 282a WvSr);
j. wederrechtelijke vrijheidsberoving ( 282, 283 WvSr) en gijzeling ( 282a WvSr);
k. diefstal en diefstal met geweld ( 310, 312 WvSr);
k. diefstal en diefstal met geweld ( 310, 312 WvSr);
l. afpersing ( 317 WvSr) en afdreiging ( 318 WvSr);
l. afpersing ( 317 WvSr) en afdreiging ( 318 WvSr);
m. verduistering ( 321 WvSr) en beroepshalve verduistering ( 322 WvSr);
m. verduistering ( 321 WvSr) en beroepshalve verduistering ( 322 WvSr);
n. oplichting ( 326 WvSr) en betalingsbedrog ( 326a WvSr);
n. oplichting ( 326 WvSr) en betalingsbedrog ( 326a WvSr);
o. verzekeringsoplichting ( 328 WvSr);
o. verzekeringsoplichting ( 328 WvSr);
p. oneerlijke mededinging door misleiding ( 328bis WvSr);
p. oneerlijke mededinging door misleiding ( 328bis WvSr);
q. de aflevering van vervalste voedselwaren en geneesmiddelen ( 330 WvSr) en het plegen van bedrieglijke handelingen bij de levering van materialen ( 331, tweede lid WvSr);
q. de aflevering van vervalste voedselwaren en geneesmiddelen ( 330 WvSr) en het plegen van bedrieglijke handelingen bij de levering van materialen ( 331, tweede lid WvSr);
r. het in-, door- of uitvoeren, afleveren en in voorraad hebben van valse waren of merken ( 337, eerste lid, WvSr), in het bijzonder het plegen beroepshalve (337, tweede WvSr);
r. het in-, door- of uitvoeren, afleveren en in voorraad hebben van valse waren of merken ( 337, eerste lid, WvSr), in het bijzonder het plegen beroepshalve (337, tweede WvSr);
s. bankbreuk ( 340 WvSr) en bedrieglijke bankbreuk ( 341 WvSr);
s. bankbreuk ( 340 WvSr) en bedrieglijke bankbreuk ( 341 WvSr);
t. opzetheling ( 416 WvSr) en schuldheling ( 417bis WvSr);
t. opzetheling ( 416 WvSr) en schuldheling ( 417bis WvSr);
u. de medeplichtigheid aan of poging tot het begaan van onder b tot en met t genoemde strafbare feiten.
u. de medeplichtigheid aan of poging tot het begaan van onder b tot en met t genoemde strafbare feiten.
2. De delicten uit de Wet wapens en munitie :
Het vervoeren, doen binnenkomen of doen uitgaan van wapens van categorieën I, II en III ( 13, eerste lid; 22, eerste lid, WWM).
2. De delicten uit de Wet wapens en munitie :
Het vervoeren, doen binnenkomen of doen uitgaan van wapens van categorieën I, II en III ( 13, eerste lid; 22, eerste lid, WWM).
3. De delicten uit de Opiumwet :
3. De delicten uit de Opiumwet :
a. het importeren, exporteren, bereiden, telen, bewerken, verwerken, afleveren, verstrekken, vervoeren of aanwezig hebben van verboden middelen ( 2, eerste lid, onder A, B, C en D en 3, eerste lid, onder A, B, C en D van de Opiumwet);
a. het importeren, exporteren, bereiden, telen, bewerken, verwerken, afleveren, verstrekken, vervoeren of aanwezig hebben van verboden middelen ( 2, eerste lid, onder A, B, C en D en 3, eerste lid, onder A, B, C en D van de Opiumwet);
b. het medeplichtig zijn aan of op enigerlei wijze behulpzaam zijn bij de onder a bedoelde handelingen ( 10a, eerste lid Opiumwet).
b. het medeplichtig zijn aan of op enigerlei wijze behulpzaam zijn bij de onder a bedoelde handelingen ( 10a, eerste lid Opiumwet).
4. De delicten uit de Algemene wet inzake rijksbelastingen :
4. De delicten uit de Algemene wet inzake rijksbelastingen :
a. het opzettelijk of met grove schuld ontduiken van belasting die een rechtspersoon verplicht is af te dragen op grond van de Wet op de omzetbelasting , Wet op de inkomstenbelasting en de Algemene wet inzake rijksbelastingen ( artikelen 67, sub e, Awr);
a. het opzettelijk of met grove schuld ontduiken van belasting die een rechtspersoon verplicht is af te dragen op grond van de Wet op de omzetbelasting , Wet op de inkomstenbelasting en de Algemene wet inzake rijksbelastingen ( artikelen 67, sub e, Awr);
b. het opzettelijk of met grove schuld niet of niet tijdig betalen van belasting die een rechtspersoon verplicht is af te dragen op grond van de Wet op de omzetbelasting , Wet op de inkomstenbelasting en de Algemene wet inzake rijksbelastingen ( artikelen 67, sub f, Awr).
b. het opzettelijk of met grove schuld niet of niet tijdig betalen van belasting die een rechtspersoon verplicht is af te dragen op grond van de Wet op de omzetbelasting , Wet op de inkomstenbelasting en de Algemene wet inzake rijksbelastingen ( artikelen 67, sub f, Awr).
5. De delicten uit de Wet vervoer gevaarlijke stoffen :
5. De delicten uit de Wet vervoer gevaarlijke stoffen :
a. het is verboden de handelingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, te verrichten ten aanzien van gevaarlijke stoffen en vervoermiddelen die zijn aangewezen ingevolge artikel 3, onderdeel a ( artikel 4, WVGS);
a. het is verboden de handelingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, te verrichten ten aanzien van gevaarlijke stoffen en vervoermiddelen die zijn aangewezen ingevolge artikel 3, onderdeel a ( artikel 4, WVGS);
b. het is verboden de handelingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, te verrichten ten aanzien van gevaarlijke stoffen en vervoermiddelen die zijn aangewezen ingevolge artikel 3, onderdeel b, anders dan met inachtneming van de in dat onderdeel bedoelde regels ( artikel 5, WVGS).
b. het is verboden de handelingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, te verrichten ten aanzien van gevaarlijke stoffen en vervoermiddelen die zijn aangewezen ingevolge artikel 3, onderdeel b, anders dan met inachtneming van de in dat onderdeel bedoelde regels ( artikel 5, WVGS).
1.
De NIWO kan de in artikel 4 bedoelde strafbare feiten buiten beschouwing laten indien naar zijn oordeel een gepleegd strafbaar feit door de omstandigheden van het geval in geringe mate ernstig is.
1.
De NIWO kan de in artikel 4 bedoelde strafbare feiten buiten beschouwing laten indien naar zijn oordeel een gepleegd strafbaar feit door de omstandigheden van het geval in geringe mate ernstig is.
2.
De ernst van een strafbaar feit wordt bepaald door:
2.
De ernst van een strafbaar feit wordt bepaald door:
a. recidive van een zelfde of verwant strafbaar feit;
a. recidive van een zelfde of verwant strafbaar feit;
b. de mate van schuld;
b. de mate van schuld;
c. de hoogte van het behaalde voordeel;
c. de hoogte van het behaalde voordeel;
d. de hoogte van de opgelegde of bij het strafbaar feit behorende strafmaat;
d. de hoogte van de opgelegde of bij het strafbaar feit behorende strafmaat;
e. de verleden tijd sinds het feit is begaan;
e. de verleden tijd sinds het feit is begaan;
f. het aantal betrokkenen bij het strafbare feit;
f. het aantal betrokkenen bij het strafbare feit;
g. betrokkenheid van de leidinggevenden binnen het bedrijf van de houder of aanvrager van een vergunning;
g. betrokkenheid van de leidinggevenden binnen het bedrijf van de houder of aanvrager van een vergunning;
h. de aan mens en goed toegebrachte schade.
h. de aan mens en goed toegebrachte schade.