Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | Vacatures | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
» Energiewijzer « advertorial
Bespaar geld en stap over!
Energiewijzer.nl, eerlijk over energie.

Juridische vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Powered by Jbmatch.nl

Inhoudsopgave
+ TITEL I. ALGEMENE BEPALINGEN
+ TITEL II. TOEPASSING VAN TITEL I VAN HET VERDRAG (ALGEMENE BEPALINGEN)
+ TITEL III. SAMENTELLING VAN TIJDVAKKEN VAN VERZEKERING
- TITEL IV. TOEPASSING VAN TITEL III VAN HET VERDRAG
+ TITEL V. FINANCIËLE BEPALINGEN
+ TITEL VI. DIVERSE BEPALINGEN
+ TITEL VII. SLOTBEPALINGEN
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Administratieve Schikking voor de toepassing van het Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden (herzien), Straatsburg, 26-11-1987

Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Ook bekend als:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
(authentiek: nl)
1.
Om in aanmerking te komen voor uitkeringen krachtens de artikelen 25 en 27 van het Verdrag, daaronder begrepen in de gevallen bedoeld in artikel 28, tweede lid, artikel 29, eerste lid en artikel 30, tweede lid van het Verdrag, richt de aanvrager een verzoek hetzij tot het orgaan van de Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan hij onderworpen was op het tijdstip waarop de arbeidsongeschiktheid met daaropvolgende invaliditeit of de toeneming van deze invaliditeit is ontstaan, hetzij tot het orgaan van de woonplaats, dat de aanvraag dan aan eerstgenoemd orgaan doorzendt onder vermelding van de datum waarop deze werd ingediend. Deze datum wordt beschouwd als de datum waarop de aanvraag bij eerstbedoeld orgaan werd ingediend. Indien evenwel ziekengeld werd toegekend, moet de dag waarop het tijdvak van de toekenning van deze uitkering eindigt, in voorkomend geval worden beschouwd als de datum waarop de aanvraag om uitkeringen werd ingediend.
2.
In het in artikel 29, eerste lid, sub b) van het Verdrag bedoelde geval stelt het orgaan waarbij de aanvrager laatstelijk was aangesloten, het orgaan dat deze uitkeringen oorspronkelijk verschuldigd was, in kennis van het bedrag en de datum van ingang van de krachtens de door eerstbedoelde orgaan toegepaste wetgeving verschuldigde uitkeringen.
Artikel 25. Bewijs betreffende de gezinsleden die in aanmerking moeten worden genomen
Om in aanmerking te komen voor toepassing van artikel 27, vijfde lid van het Verdrag legt de aanvrager een bewijs over betreffende zijn gezinsleden, die op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij wonen dan dat waar zich het orgaan bevindt dat de uitkeringen moet vaststellen. Dit bewijs wordt afgegeven door het voor de ziekteverzekering bevoegde orgaan van de woonplaats van deze gezinsleden of door een ander orgaan dat is aangewezen door de bevoegde autoriteit van de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan deze gezinsleden wonen. Artikel 18, tweede lid van deze Schikking is van overeenkomstige toepassing.
1.
Indien het orgaan waarbij een aanvraag om invaliditeitsuitkering is ingediend vaststelt dat artikel 25, eerste lid van het Verdrag van toepassing is, wendt het zich, zo nodig, tot het orgaan waarbij de aanvrager laatstelijk aangesloten is geweest, ter verkrijging van een verklaring waarin de door hem krachtens de door dit laatste orgaan toegepaste wetgeving vervulde tijdvakken van verzekering zijn vermeld.
2.
Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing, indien het nodig is met de vroeger onder de wetgeving van enige andere Verdragsluitende Partij vervulde tijdvakken van verzekering rekening te houden om aan de in de wetgeving van de bevoegde Staat gestelde voorwaarden te voldoen.
3.
In het in artikel 27, derde lid van het Verdrag bedoelde geval zendt het orgaan dat het dossier van de aanvrager behandelt dit toe aan het orgaan waarbij de aanvrager laatstelijk aangesloten is geweest.
4.
In het in artikel 27, vierde lid van het Verdrag bedoelde geval wordt de aanvraag eventueel doorgezonden aan het terzake van invaliditeit bevoegde orgaan, waarbij de aanvrager laatstelijk voor het risico van invaliditeit aangesloten is geweest. Het bepaalde in het vorige lid is van overeenkomstige toepassing.
5.
Er moet onder dezelfde voorwaarden, eventueel worden teruggegaan tot het voor invaliditeit bevoegde orgaan van de Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan de aanvrager het eerst onderworpen was.
Artikel 27. Bepaling van de mate van invaliditeit
Het orgaan van een Verdragsluitende Partij houdt voor het bepalen van de mate van invaliditeit rekening met alle inlichtingen van medische en administratieve aard welke door het orgaan van enige andere Verdragsluitende Partij zijn ingewonnen. Elk orgaan behoudt echter de bevoegdheid de aanvrager voor eigen rekening door een arts van eigen keuze te laten onderzoeken.
Artikel 28. Geval waarin de aanvrager achtereenvolgens of afwisselend onderworpen is geweest aan wettelijke regelingen waarvan ten minste een niet wordt vermeld in bijlage VI van het Verdrag
Voor de toepassing van artikel 28, eerste lid van het Verdrag zijn de artikelen 29 tot en met 38 van deze Schikking van overeenkomstige toepassing.
1.
Om in aanmerking te komen voor uitkeringen krachtens de artikelen 32 tot en met 39 van het Verdrag, richt de aanvrager zijn aanvraag tot het orgaan van de woonplaats, volgens de voorschriften van de door dat orgaan toegepaste wetgeving. Indien de aanvrager of de overledene niet aan deze wetgeving onderworpen is geweest, zendt het orgaan van de woonplaats de aanvraag door aan het orgaan van de Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan de aanvrager of de overledene laatstelijk onderworpen is geweest, zulks onder opgave van de datum waarop de aanvraag werd ingediend. Deze datum wordt beschouwd als de datum waarop de aanvraag bij laatstgenoemd orgaan werd ingediend.
2.
Wanneer de aanvrager niet woont op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan hij of de overledene onderworpen is geweest, kan hij zijn aanvraag richten tot het orgaan van de Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan hijzelf of de overledene laatstelijk onderworpen is geweest.
Artikel 30. Bij de aanvraag te voegen stukken en aanwijzingen
Voor de indiening van de in artikel 29 van deze Schikking bedoelde aanvragen gelden de volgende regels.
a) de aanvraag dient vergezeld te gaan van de vereiste bewijsstukken en te zijn opgesteld volgens de formaliteiten voorzien
i) hetzij in de wetgeving van de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan de aanvrager woont, in het geval bedoeld in artikel 29, eerste lid van deze Schikking;
ii) hetzij in de wetgeving van de Verdragsluitende Partij waaraan de aanvrager of de overledene laatstelijk onderworpen is geweest, in het geval bedoeld in artikel 29, tweede lid van deze Schikking;
b) de juistheid van de door de aanvrager verstrekte gegevens moeten worden aangetoond door bij de aanvraag gevoegde officiële stukken of worden bevestigd door de bevoegde instanties van de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan hij woont;
c) voor zover mogelijk moet de aanvrager vermelden, ofwel het orgaan of de organen van de invaliditeits- of ouderdomsverzekering of van de verzekering bij overlijden (pensioenen) van elke Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan hijzelf of de overledene onderworpen is geweest, ofwel de werkgever of werkgevers bij wie hijzelf of de overledene werkzaam is geweest, zulks onder overlegging van de bewijzen van verrichte arbeid waarover hij mocht beschikken.
Artikel 31. Bewijs betreffende de gezinsleden die in aanmerking moeten worden genomen
Voor de toepassing van artikel 34, derde lid van het Verdrag, is artikel 25 van deze Schikking van overeenkomstige toepassing.
1.
De aanvragen om uitkering worden behandeld door het orgaan waaraan zij, overeenkomstig artikel 29 van deze Schikking zijn gericht, dan wel doorgezonden. Dit orgaan wordt het „behandelende orgaan” genoemd.
2.
Het behandelende orgaan stelt alle betrokken organen onmiddellijk in kennis van de aanvragen om uitkeringen die bij haar zijn ingediend opdat deze aanvragen gelijktijdig en onverwijld door deze organen kunnen worden behandeld.
Artikel 33. Bij de behandeling van de aanvragen voor uitkeringen te gebruiken formulieren
Voor de behandeling van de aanvragen om uitkeringen maakt het behandelende orgaan gebruik van een formulier waarin met name een opsomming en een samenvatting voorkomen van de door de belanghebbende of de overledene krachtens de wetgevingen van alle betrokken Verdragsluitende Partijen vervulde tijdvakken van verzekering, onder vermelding van de tijdvakken die zijn vervuld in de hoedanigheid van rijnvarende.
1.
Het behandelende orgaan vermeldt op het in artikel 33 van deze Schikking bedoelde formulier de tijdvakken van verzekering die krachtens de door dit orgaan toegepaste wetgeving zijn vervuld, en zendt een exemplaar van dit formulier aan het orgaan van de invaliditeits- of ouderdomsverzekering of de verzekering bij overlijden (pensioenen) van iedere Verdragsluitende Partij waarbij de belanghebbende of de overledene aangesloten is geweest, in voorkomend geval onder bijvoeging van de bewijzen van verrichte arbeid die de aanvrager heeft overgelegd.
2.
Indien er slechts een ander orgaan bij betrokken is, vult dit orgaan het hem overeenkomstig het vorige lid toegezonden formulier aan met de vermelding van de tijdvakken van verzekering welke krachtens de door dit orgaan toegepaste wetgeving zijn vervuld. Vervolgens stelt dit orgaan, rekening houdende met artikel 32 van het Verdrag, vast welke rechten op grond van deze wetgeving bestaan en vermeldt op dit formulier het bedrag van de uitkering, berekend overeenkomstig artikel 33, tweede, derde, vierde of vijfde lid van het Verdrag, alsmede eventueel het bedrag van de uitkering waarop de aanvrager aanspraak zou kunnen maken uitsluitend op grond van de krachtens de door dit orgaan toegepaste wetgeving vervulde tijdvakken, zonder dat de artikelen 32 tot en met 36 van het Verdrag worden toegepast. Genoemd formulier wordt aan het behandelende orgaan teruggezonden.
3.
Indien er twee of meer andere organen bij betrokken zijn, vult elk van deze organen het hem overeenkomstig het eerste lid van dit artikel toegezonden formulier aan met de vermelding van de tijdvakken van verzekering welke krachtens de door dit orgaan toegepaste wetgeving zijn vervuld en zendt het aan het behandelende orgaan terug. Dit orgaan zendt het aldus aangevulde formulier aan alle betrokken organen; elke van deze organen stelt, rekening houdende met artikel 32 van het Verdrag, vast welke rechten op grond van de door dit orgaan toegepaste wetgeving bestaan en vermeldt op dit formulier het bedrag van de uitkering, berekend overeenkomstig artikel 33, tweede, derde, vierde of vijfde lid van het Verdrag, alsmede eventueel het bedrag van de uitkering waarop de aanvrager aanspraak zou kunnen maken uitsluitend op grond van de krachtens de door dit orgaan dan het behandelende orgaan deze uitkeringen rechtstreeks tikelen 32 tot en met 36 van het Verdrag worden toegepast. Bedoeld formulier wordt aan het behandelende orgaan teruggezonden.
4.
Wanneer het behandelende orgaan vaststelt dat aan de in artikel 24, tweede lid van het Verdrag vermelde voorwaarden niet wordt voldaan stelt zij de overige betrokken organen hiervan in kennis.
5.
Wanneer het behandelend orgaan in het bezit is van alle in het tweede of het derde lid van dit artikel bedoelde gegevens, stelt dit orgaan, rekening houdende met artikel 32 van het Verdrag, op zijn beurt vast welke rechten op grond van de door dit orgaan toegepaste wetgeving bestaan en berekent, overeenkomstig artikel 33, tweede, derde, vierde of vijfde lid van het Verdrag, het bedrag van de uitkering dat dit orgaan verschuldigd is, alsmede eventueel het bedrag van de uitkering waarop de aanvrager aanspraak zou kunnen maken uitsluitend op grond van de krachtens de door dit orgaan toegepaste wetgeving vervulde tijdvakken, zonder dat de artikelen 32 tot en met 36 van het Verdrag worden toegepast.
6.
Zodra het behandelende orgaan bij ontvangst van de in het tweede of derde lid van dit artikel bedoelde gegevens vaststelt dat artikel 35, tweede of derde lid of artikel 37, eerste lid van het Verdrag moet worden toegepast, stelt het de overige betrokken organen hiervan in kennis.
1.
Indien het behandelende orgaan vaststelt dat de aanvrager krachtens de door dit orgaan toegepaste wetgeving recht heeft op uitkering zonder dat een beroep behoeft te worden gedaan op de tijdvakken van verzekering welke zijn vervuld krachtens de wetgeving van de andere Verdragsluitende Partijen waaraan de belanghebbende of de overledene onderworpen is geweest, betaalt dit orgaan hem deze onmiddellijk als voorlopige uitkering, onverminderd het bepaalde in de volgende leden van dit artikel.
2.
Elk orgaan dat overeenkomstig artikel 33, vijfde lid van het Verdrag gerechtigd is de uitkeringen of bestanddelen van uitkeringen welke het de rechthebbende verschuldigd is, rechtstreeks te berekenen, betaalt hem deze uitkeringen onmiddellijk. Indien een ander orgaan dan het behandelende orgaan deze uitkeringen rechtstreeks aan de rechthebbende betaalt, stelt het het behandelende orgaan hiervan onmiddellijk in kennis en reserveert het, met het oog op de toepassing van het zevende lid van dit artikel, het bedrag van de eventuele achterstallige termijnen ten behoeve van elk orgaan dat teveel mocht hebben uitbetaald.
3.
Ingeval het behandelende orgaan uitkeringen betaalt krachtens het eerste lid van dit artikel, vermindert het het bedrag van deze uitkeringen in voorkomend geval met het bedrag van de uitkeringen welke krachtens het vorige lid door ieder ander orgaan werden betaald, zodra het hiervan op de hoogte is.
4.
Indien een van de betrokken organen, het behandelende orgaan uitgezonderd, tijdens de behandeling van de aanvraag vaststelt dat de aanvrager recht heeft op uitkeringen krachtens de door eerstbedoeld orgaan toegepaste wetgeving, zonder dat een beroep behoeft te worden gedaan op de tijdvakken van verzekering welke zijn vervuld krachtens de wetgeving van de andere Verdragsluitende Partijen waaraan de belanghebbende of de overledene onderworpen is geweest, doet dit orgaan hiervan onverwijld mededeling aan het behandelende orgaan, dat het bedrag van deze uitkeringen onmiddellijk voor rekening van eerstbedoeld orgaan als voorlopige uitkering aan de rechthebbende uitbetaalt, in voorkomend geval onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid van dit artikel.
5.
Ingeval het behandelende orgaan uitkeringen zou moeten betalen krachtens het eerste en het vierde lid van dit artikel, betaalt het alleen de hoogste uitkering, in voorkomend geval onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid van dit artikel.
6.
Ingeval het behandelende orgaan geen uitkeringen krachtens het eerste, tweede of vierde lid van dit artikel betaalt en in gevallen waarin vertraging kan optreden, betaalt dit orgaan de belanghebbende een terugvorderbaar voorschot, waarvan de hoogte wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 33, eerste tot en met vierde lid van het Verdrag.
7.
Bij de definitieve afhandeling van de aanvraag om uitkeringen vereffenen het behandelende orgaan en de andere betrokken organen hun rekeningen betreffende de voorlopige uitkeringen en voorschotten, verleend overeenkomstig het eerste, derde, vierde, vijfde en zesde lid van dit artikel. De door deze organen ter zake teveel betaalde bedragen kunnen worden ingehouden op de termijnbetalingen welke zij aan de belanghebbende moeten doen.
Artikel 36. Herberekening van uitkeringen hetzij ambtshalve hetzij op verzoek van de belanghebbenden
Voor de toepassing van artikel 36, tweede en derde lid, van het Verdrag is artikel 34 van deze Schikking van overeenkomstige toepassing.
1.
Elk der betrokken organen geeft de aanvrager kennis van de genomen beslissing op zijn aanvraag om uitkeringen, zodra deze beslissing, na overleg met het behandelende orgaan, als definitief kan worden beschouwd en licht hierover tegelijkertijd laatstbedoeld orgaan in. Elke beslissing moet er melding van maken dat het gaat om een gedeeltelijke vaststelling van de uitkering en de in de wetgeving van de betrokken Verdragsluitende Partij voorziene rechtsmiddelen en beroepstermijnen aangeven. De beroepstermijnen gaan eerst in op de datum waarop de belanghebbende de beslissing heeft ontvangen.
2.
Na de definitieve afhandeling van de aanvraag om uitkeringen zendt het behandelend orgaan de aanvrager alsook elk der andere betrokken organen, bij wijze van eindinformatie een samenvatting van alle naar aanleiding van deze aanvraag genomen beslissingen.
Artikel 38. Kennisgeving van beslissingen aan de belanghebbende en aan de organen die de uitkering verschuldigd zijn in geval van herberekening, schorsing of intrekking van de uitkering
Bij herberekening dan wel schorsing of intrekking van de uitkering geeft het betrokken orgaan van zijn beslissing onverwijld kennis aan de belanghebbende en aan elk der andere organen die uitkering verschuldigd zijn, eventueel door tussenkomst van het behandelende orgaan. De beslissing dient de rechtsmiddelen en beroepstermijnen, voorzien in de wetgeving van de betrokken Verdragsluitende Partij te vermelden. De beroepstermijnen gaan eerst in op de datum waarop de belanghebbende de beslissing heeft ontvangen.
Artikel 39. Maatregelen ter bespoediging van de vaststelling van de uitkeringen
Ter bespoediging van de vaststelling van de uitkeringen zijn de volgende voorschriften van toepassing:
a) wanneer een persoon die voordien aan de wetgeving van een of meer Verdragsluitende Partijen onderworpen was, onderworpen is aan de wetgeving van een andere Verdragsluitende Partij, verzoekt het bevoegde orgaan van laatstbedoelde Partij aan het verbindingsorgaan van de andere Verdragsluitende Partij of Partijen om alle gegevens, betreffende de organen waarbij de belanghebbende is aangesloten geweest en, eventueel, de inschrijvingsnummers welke hem zijn toegekend;
b) op verzoek van de belanghebbende of van het orgaan, waarbij hij is aangesloten, maken de betrokken organen, voor zover mogelijk, vanaf een jaar voorafgaande aan de datum waarop de belanghebbende de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, een overzicht van zijn verzekeringsloopbaan.
I.
Wanneer een rechthebbende op
a) invaliditeitsuitkeringen,
b) ouderdomsuitkeringen toegekend in geval van arbeidsongeschiktheid,
c) ouderdomsuitkeringen toegekend aan bejaarde werklozen,
d) ouderdomsuitkeringen toegekend in geval van beëindiging van de beroepswerkzaamheden,
e) uitkeringen aan nagelaten betrekkingen toegekend in geval van invaliditeit of van arbeidsongeschiktheid,
f) uitkeringen die worden toegekend op voorwaarde dat de inkomsten van rechthebbende een bepaalde grens niet overschrijden,
op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij dan de bevoegde Staat woont of verblijft, wordt de administratieve en medische controle op verzoek van het bevoegde orgaan uitgeoefend door het orgaan van de woon- of verblijfplaats, op de wijze als bepaald in de wettelijke regeling die door laatstgenoemd orgaan wordt toegepast. Het bevoegde orgaan blijft evenwel bevoegd de rechthebbende voor eigen rekening te doen onderzoeken door een arts van eigen keuze.
2.
Indien uit de in het vorige lid bedoelde controle blijkt dat de rechthebbende werkzaamheden verricht of dat hij inkomsten geniet welke de voorgeschreven grens overschrijden, is het orgaan van de woon- of verblijfplaats verplicht het bevoegde orgaan dat om controle heeft verzocht een rapport toe te zenden. Dit rapport maakt melding van de door het bevoegde orgaan gevraagde inlichtingen.
Artikel 41. Uitwisseling van gegevens tussen organen in geval van herkrijging van het recht op uitkeringen
Wanneer de belanghebbende na schorsing van de uitkeringen welke hij genoot, opnieuw recht op uitkeringen verkrijgt, terwijl hij op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij dan de bevoegde Staat woont, verstrekken de betrokken organen elkaar alle nodige inlichtingen met het oog op de hervatting van bedoelde uitkeringen.
1.
Indien het orgaan van een Verdragsluitende Partij dat uitkeringen verschuldigd is, de verschuldigde uitkeringen niet rechtstreeks betaalt aan de rechthebbenden die op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij wonen, wordt de betaling van deze uitkeringen op verzoek van het orgaan dat deze verschuldigd is, verricht door het verbindingsorgaan van laatstbedoelde Partij of door het orgaan van de woonplaats, zulks op de tussen door de bevoegde autoriteiten van de betrokken Verdragsluitende Partijen overeengekomen wijze; indien het orgaan dat uitkeringen verschuldigd is, de uitkeringen rechtstreeks aan die rechthebbenden betaalt, stelt dit orgaan het orgaan van de woonplaats van de betaling van de uitkeringen in kennis.
2.
De bepalingen van vroegere overeenkomsten, welke betrekking hebben op de betaling van uitkeringen en welke van toepassing zijn op de dag voor de inwerkingtreding van het Verdrag, blijven van toepassing voor zover zij in bijlage 5 zijn vermeld.
Artikel 43. Kennisgeving van overbrenging van de woonplaats van de rechthebbende
De rechthebbende op uitkeringen welke krachtens de wetgevingen van een of meer Verdragsluitende Partijen verschuldigd zijn, is verplicht het orgaan of de organen welke deze uitkeringen verschuldigd zijn en, eventueel, het uitbetalende orgaan in kennis te stellen van iedere overbrenging van de woonplaats.