Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Verordening slachting en weging slachtvarkens 2003
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemeen
+ Hoofdstuk 2. Het geslacht circuit
+ Hoofdstuk 3. Toezicht en handhaving
+ Hoofdstuk 4. Overgangs- en slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken
Let op. Deze wet is vervallen op 1 april 2012. U leest nu de tekst die gold op 31 maart 2012.

Verordening slachting en weging slachtvarkens 2003

Verordening slachting en weging slachtvarkens 2003
Het bestuur van het Productschap Vee en Vlees heeft,
gelet op de artikelen 93, eerste lid, 95, 102 en 104 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie, en de artikelen 10, 12, 13 en 14 van de lnstellingsverordening Productschap Vee en Vlees 1999-I,
op 9 april 2003 vastgesteld de navolgende
VERORDENING
Artikel 1
Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt:
1. verstaan onder: artikel 8 Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 Richtlijn nr. 64/433/EEG artikel 8, derde lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003 Verordening classificatie slachtvarkens 2003 artikelen 4 11 12 artikel 13 artikel 13, vierde lid artikel 30, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003 artikel 3, tweede lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003 artikel 8, tweede lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003
a. productschap : het Productschap Vee en Vlees;
b. bestuur : het bestuur van het productschap;
c. voorzitter : de voorzitter van het productschap;
d. slachtvarkens : voor onmiddellijke slachting hier te lande dan wel buiten Nederland bestemde varkens;
e. varkenshouder : degene die een landbouwonderneming drijft waarin slachtvarkens worden gehouden;
f. leverancier : degene die voor eigen rekening en risico slachtvarkens aan een be- of verwerker verkoopt, waarbij de winst dan wel het verlies niet ten bate dan wel ten laste van de be- of verwerker is of wordt gebracht;
g. opdrachtgever : hij die slachtvarkens voor eigen rekening en risico ter weging aanbiedt;
h. be- of verwerker : de be- of verwerker van vlees die slachtvarkens slacht of doet slachten:
i. weegbriefje/weeglijst : een door de afdrukinrichting van een weegwerktuig als bedoeld in geproduceerd document, bevattende het resultaat van een weging of een aantal opeenvolgende wegingen;
j. toezichthoudende instantie : de organisatie die door de voorzitter is belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde in deze verordening;
k. slachtrisico : het risico van schade, dat na de slachting wordt geleden in verband met de gehele of gedeeltelijke afkeuring van het slachtdier, voor zover de afkeuring betrekking heeft op andere delen dan de lever van het slachtdier, dan wel in verband met de voorwaardelijke goedkeuring of de uitbening door of in opdracht van de Voedsel en Waren Autoriteit;
l. slachtrisicoverzekeraar : een rechtspersoon, die het slachtrisicoverzekeringsbedrijf in overeenstemming met het bepaalde bij of krachtens de uitoefent;
m. EEG-richtlijn : van de Raad van de Europese Economische Gemeenschappen van 26 juni 1964 inzake gezondheidsvraagstukken op het gebied van het intracommunautaire handelsverkeer in vers vlees (PbEEG, L 121 );
n. slachtmerk : een onderscheidingsteken, bedoeld in ;
o. zware slachtvarkens : a) voor onmiddellijke slachting bestemde vrouwelijke varkens met een levend gewicht van 130 kg of meer, die ten minste eenmaal gebigd hebben; b) voor onmiddellijke slachting bestemde volwassen mannelijke varkens met een levend gewicht van 150 kg of meer;
p. spreider/haak : hulpwerktuig, niet deel uitmakende van het weegwerktuig, waaraan het geslachte varken bevestigd is op het tijdstip van weging;
q. classificatie : het indelen van slachtvarkens overeenkomstig het bepaalde in de ;
r. overligger : slachtvarken dat niet geslacht is op de dag van aanvoer op de slachtplaats;
s. werkdagen : : dagen niet zijnde zaterdagen, zon- en feestdagen, doch met inbegrip van die zaterdagen, zon- en feestdagen waarop slachtwerkzaamheden worden verricht;
t. wachtdagen : : dagen gedurende welke slachtvarkens overliggen;
u. uitbetalingsgewicht : het overeenkomstig het gestelde in de , en bepaalde gewicht, naar gelang het geval aangepast conform het gestelde in , eerste of tweede lid, afgerond op de wijze als in , voorgeschreven;
v. vervoersdocument : document, bedoeld in ;
w. slachtplaats : slachthuis, met bijbehorende terreinen, waar de slachtvarkens geslacht worden;
x. volgnummers : nummers die per dag de volgorde aangeven waarin slachtvarkens na slachting gewogen zijn;
y. weegwerktuig : weegwerktuig met inbegrip van de daaraan gekoppelde apparatuur, welke functies van het weegwerktuig uitvoert.
z. koppel : een groep slachtvarkens die afkomstig is van één herkomstbedrijf en op hetzelfde tijdstip ter slacht wordt aangeboden;
aa. UBN : uniek bedrijfsnummer, bedoeld in ;
bb. merk : Onderscheidingsteken, bedoeld in ;
cc. eigen code : een code op het slachtmerk die dient ter afrekening van het desbetreffende slachtvarken;
dd. ondernemer : degene, die een onderneming drijft, waarvoor het productschap is ingesteld
2. geacht te zijn begrepen onder
a. het kopen : het ontvangen;
b. het verkopen : het afleveren.
Artikel 2
Het bepaalde bij of krachtens deze verordening is niet van toepassing op de be- of verwerker, die gerekend op jaarbasis, ten hoogste 10.000 slachtvarkens slacht of doet slachten.
Artikel 3
De be- of verwerker is verplicht er voor zorg te dragen dat de ontvangen slachtvarkens identificeerbaar blijven tot en met het tijdstip van weging.
Artikel 4
Degene die slachtvarkens aanvoert of doet aanvoeren op een slachtplaats is verplicht onmiddellijk na aanvoer van de slachtvarkens op de slachtplaats het tijdstip van aankomst te vermelden op het vervoersdocument.
1.
Het is de be- of verwerker verboden vóór de weging iets van het slachtvarken af te snijden of te verwijderen, met uitzondering van de borstels, het bezoedelde weefsel rond de huidopening van het steekgat, het onderhuidse bezoedelde weefsel rond het steekgat, met inbegrip van het bloedvlees, met een maximum van 100 gram per slachtvarken, de tonsillen, de klauwen, de endeldarm en het aarseinde, de pezerik, de testikels, de tong met hartslag, de hersenen, het ruggenmerg, de reuzels, de nieren, het middenrif, de longhaas, het hartzakje en de inhoud van de borst- en de buikholte, daaronder niet begrepen de haasjes.
2.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, is de be- of verwerker verplicht ervoor zorg te dragen, dat de reuzels, de nieren, het middenrif en de longhaas voorafgaand aan het tijdstip van weging verwijderd worden.
3.
Indien ten gevolge van een beslissing op grond van het bij of krachtens de Vleeskeuringswet of de Veewet bepaalde een slachtvarken aan een bacteriologisch onderzoek onderworpen moet worden, is lid 2, niet van toepassing.
4.
De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat bij het verwijderen of afsnijden van de in het eerste lid bepaalde delen, de afsnijdingen aan vlees, spek of vet zo gering mogelijk zijn.
5.
Indien ten gevolge van een beslissing op grond van het bij of krachtens de Vleeskeuringswet of de Veewet bepaalde meer moet worden afgesneden of verwijderd dan op grond van het bepaalde in het eerste en vierde lid is toegestaan, is de be- of verwerker verplicht het geschatte gewicht van dat meerdere in aanmerking te nemen bij de vaststelling van het gewicht.
6.
De in het vijfde lid genoemde verplichting geldt niet indien de be- of verwerker vóór de slachting aantoont dat het een slachtvarken betreft hetwelk aan een slachtrisicoverzekeraar ter verzekering tegen slachtrisico is aangeboden, doch niet door deze is verzekerd.
7.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, is de be- of verwerker gerechtigd bij geslachte zware slachtvarkens de uier of, naar gelang het geslacht, het scrotum vóór het tijdstip van weging te verwijderen of te doen verwijderen.
8.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, en onverminderd het bepaalde in artikel 3, van deze verordening, is de be- of verwerker gerechtigd oormerken vóór het tijdstip van weging te verwijderen of te doen verwijderen. In het geval verwijdering van het oormerk plaatsvindt door het weg te snijden, gelden de navolgende voorwaarden:
a. bij het verwijderen van het oormerk dient zo weinig mogelijk van het oor weggesneden te worden;
b. het gewicht van het desbetreffende slachtvarken dient uiterlijk op het tijdstip van weging vermeerderd te worden met 50 gram per verwijderd oormerk.
Artikel 6
De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat de weging van de geslachte varkens geschiedt:
a. indien ze vóór 14.00 uur op de slachtplaats zijn aangevoerd, zo mogelijk op de dag waarop ze zijn aangevoerd, doch, met inachtneming van het bepaalde in artikel 14, eerste lid, onder a, in ieder geval de eerstvolgende werkdag vóór 12.00 uur;
b. indien ze na 14.00 uur op de slachtplaats zijn aangevoerd, zo spoedig mogelijk na het tijdstip waarop ze zijn aangevoerd, doch in ieder geval de eerstvolgende werkdag vóór 12.00 uur, een en ander tenzij zulks ingevolge het bepaalde in hoofdstuk V, onder 28, sub b. van bijlage 1 behorende bij de EEG-richtlijn, niet mogelijk is.
Artikel 7
De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat van elk slachtvarken de eigen code van het slachtmerk ofwel het volgnummer of individuele nummer in de afdrukinrichting wordt ingebracht.
Artikel 8
De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat de geslachte varkens, uiterlijk binnen 20 minuten na het tijdstip waarop een aanvang is genomen met het opensnijden van het karkas, worden gewogen.
1.
De be- of verwerker die slachtvarkens na de slachting weegt of doet wegen is verplicht gebruik te maken van een krachtens de IJkwet goedgekeurd weegwerktuig dat in ledige toestand tezamen met de spreiders/haken de nulstand aangeeft en voorzien is van:
a. een schaalverdeling met een afleeseenheid van ten hoogste 100 gram;
b. een afdrukinrichting met een afdrukeenheid van ten hoogste 100 gram;
c. een afdrukinrichting welke de datum der weging afdrukt;
d. een afdrukinrichting welke de eigen code van het slachtmerk ofwel het volgnummer of individuele nummer kan afdrukken;
e. een afdrukinrichting welke slechts het geregistreerde gewicht kan afdrukken wanneer het weegwerktuig zijn evenwichtsstand heeft bereikt;
f. spreiders/haken van eenzelfde gewicht.
2.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, mag de afwijking van het weegwerktuig inclusief die van de afdrukinrichting niet meer bedragen dan 1 afleeseenheid.
3.
In een frequentie van ten minste eenmaal per drie jaar dient het weegwerktuig, bedoeld in het eerste lid, gecontroleerd en goedgekeurd te worden door het Nederlands Meetinstituut N.V., dan wel door een door het Nederlands Meetinstituut N.V. erkende instantie.
Artikel 10
De be- of verwerker die zware slachtvarkens en slachtvarkens, niet zijnde zware slachtvarkens, slacht of doet slachten, is het, in afwijking van het bepaalde in artikel 9, eerste lid, onder f, toegestaan bij de weging gebruik te maken van twee typen spreiders/haken, mits:
a. slechts één type spreider/haak aangewend wordt voor zware slachtvarkens;
b. slechts één type spreider/haak aangewend wordt voor slachtvarkens, niet zijnde zware slachtvarkens;
c. de spreiderdhaken van één type van hetzelfde gewicht zijn;
d. de slachtingen van zware slachtvarkens en slachtvarkens, niet zijnde zware slachtvarkens, volledig gescheiden van elkaar plaatsvinden.
1.
De be- of verwerker die slachtvarkens na de slachting weegt of doet wegen is verplicht, van ingeslagen identificatienummers voorziene, toetsgewichten van 20 en 25 kg bij het weegwerktuig voorhanden te hebben tot een totaalgewicht van ten minste 140 kg.
2.
De in het eerste lid bedoelde toetsgewichten dienen zodanig bewaard te worden, dat zij te allen tijde geschikt zijn om als toetsgewicht aangewend te worden.
3.
In een frequentie van ten minste eenmaal per drie jaar dienen de toetsgewichten, bedoeld in het eerste lid, gecontroleerd te worden door het Nederlands Meetinstituut N.V., dan wel door een door het Nederlands Meetinstituut N.V. erkende instantie.
4.
Indien er tijdens de controle van de toetsgewichten een afwijking geconstateerd wordt, dienen de toetsgewichten gejusteerd te worden.
1.
Bij de weging moeten de twee helften van de geslachte varkens gelijktijdig in één keer worden gewogen, waarbij het door de afdrukinrichting afgedrukte gewicht bepalend is.
2.
Het gewicht van het geslachte varken moet zo nodig vermeerderd worden met het gewicht van overeenkomstig het bepaalde in artikel 5, vijfde lid, afgesneden en verwijderde delen.
Artikel 13
Het is de be- of verwerker verboden:
a. enige handeling te verrichten of te doen verrichten waardoor het gewicht van de slachtvarkens onjuist wordt beïnvloed;
b. apparatuur te plaatsen of te doen plaatsen waardoor het gewicht of de gewichtsvaststelling van de slachtvarkens onjuist wordt beïnvloed;
c. de weging zodanig te doen geschieden, dat daardoor de vaststelling van het gewicht onjuist wordt beïnvloed.
1.
Het met inachtneming van het gestelde in de artikelen 5, 12 en 13 bepaalde gewicht wordt vermeerderd met:
a. 1,25% van dat gewicht per wachtdag, indien de weging van het geslachte varken, in het geval bedoeld in artikel 6, onder a, plaatsvindt op de eerste werkdag na de dag van aanvoer en overigens aan de in laatstgenoemd artikel gestelde voorwaarde voldaan wordt;
b. 1,25% van dat gewicht en bovendien 1,25% van dat gewicht als bijtelling per wachtdag, indien de weging van het geslachte varken, in het geval bedoeld in artikel 6, onder a, niet plaatsvindt op de eerste werkdag na de dag van aanvoer, dan wel niet aan de in laatstgenoemd artikel gestelde voorwaarde voldaan wordt.
Daarbij wordt een gedeelte van een dag aangemerkt als een volle dag;
c. 1,25% van dat gewicht per wachtdag, indien ten aanzien van de weging van het geslachte varken, in het geval bedoeld in artikel 6, onder b, niet voldaan wordt aan de in dat artikel genoemde voorwaarde. Daarbij wordt een gedeelte van de dag aangemerkt als een volle dag.
2.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, wordt het met inachtneming van het gestelde in de artikelen 5, 12 en 13, bepaalde gewicht vermeerderd met:
a. een half procent van dat gewicht indien de in artikel 8, genoemde termijn met maximaal 20 minuten wordt overschreden;
b. één procent van dat gewicht indien de in artikel 8, genoemde termijn met méér dan 20 minuten wordt overschreden.
3.
De be- of verwerker is gerechtigd ten aanzien van de in artikel 5, lid 3, genoemde slachtvarkens, het bepaalde gewicht te verminderen met 2% van dat gewicht.
4.
Van het overeenkomstig het gestelde in de artikelen 5, 12 en 13, bepaalde gewicht, naar gelang het geval aangepast conform het gestelde in het eerste, tweede of derde lid, dienen ter bepaling van het uitbetalingsgewicht, onderdelen van kilogrammen te worden afgerond op hele kilogrammen en wel naar boven, indien het cijfer van het vastgestelde gewicht achter de komma 5 of meer bedraagt, of naar beneden, indien dat cijfer minder dan 5 bedraagt.
Artikel 15
Indien zich in de in artikel 14, eerste lid, genoemde gevallen, dagen, niet zijnde werkdagen, bevinden tussen de dag van aanvoer en de eerstvolgende werkdag is de be- of verwerker verplicht ervoor zorg te dragen dat de aanwezige slachtvarkens op die dagen voldoende gevoederd en gedrenkt worden.
1.
De be- of verwerker die slachtvarkens na de slachting heeft gewogen of heeft doen wegen is verplicht aan de verkoper van de desbetreffende slachtvarkens af te geven of te doen afgeven:
a. hetzij een weegbriefje/weeglijst hetwelk in ieder geval vermeldt:-
de naam van de eigenaar van de slachtplaats;-
het adres van de slachtplaats;-
de door het weegwerktuig afgedrukte datum der weging;-
per slachtvarken de, tijdens, de weging van het slachtvarken in de afdrukinrichting gebrachte, eigen code van het slachtmerk dan wel het volgnummer;-
per slachtvarken het UBN;-
het afgedrukte gewicht;-
per slachtvarken het uitbetalingsgewicht, bedoeld in artikel 14, vierde lid;-
indien de datum van weging een andere is dan de datum van aanvoer dienen beide data te worden vermeld, of dient op een andere wijze op het weegbriefje/weeglijst kenbaar te worden gemaakt welke termijn zich bevindt tussen het moment van aanvoer en het moment van weging. In beide gevallen dient op het weegbriefje of de weeglijst per slachtvarken duidelijk kenbaar te worden gemaakt dat er sprake is van een overligger;-
indien wordt uitbetaald naar kwaliteit als bedoeld in de Verordening classificatie slachtvarkens 2003 , tevens de gegevens bedoeld in artikel 12, van die verordening.
b. hetzij een gedagtekende bon of afrekening, vermeldende de gegevens, welke voorkomen op het onder a, bedoelde weegbriefje/weeglijst met uitzondering van het afgedrukte gewicht. Voorzover op de bon of afrekening een vermelding voorkomt terzake van de heffing ten behoeve van het productschap of inhoudingen aangaande verzekering, uitvoering classificatiewerkzaamheden en toezicht op het gestelde in deze verordening, wordt dit bedrag afzonderlijk vermeld. Indien op de bon of afrekening geen bedrag desbetreffende de heffing is vermeld, dan geldt de bon of afrekening als niet bevattende doorberekende bedragen;
c. hetzij een weegbriefje/weeglijst, welke tezamen met een bon of afrekening voldoet aan de hiervoor onder a, en b, voor die bescheiden gestelde voorschriften, mits kenbaar is dat deze bescheiden dezelfde weging betreffen;
d. op verzoek van de varkenshouder verstrekt de afnemer van de slachtvarkens een specificatie van de op de bon of afrekening niet nader omschreven kostenpost.
2.
De be- of verwerker is verplicht op het weegbriefje of de weeglijst, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en de gedagtekende bon of afrekening, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, op een voor de leverancier duidelijke wijze aan te geven dat het betreffende gewogen slachtvarken aan hem is toegewezen. Dit is het geval indien:
1. er geen of geen volledig oormerknummer op het weegbriefje of de weeglijst is afgedrukt, of
2. op het weegbriefje of de weeglijst van een of meerdere varkens hetzelfde oormerknummer is afgedrukt, terwijl de andere varkens van dit koppel een oplopende nummering hebben, of
3. varkens op de afrekening een ander oormerknummer krijgen dan op het weegbriefje of de weeglijst is afgedrukt.
Artikel 17
Een ieder die slachtvarkens per kg geslacht gewicht heeft gekocht, is verplicht aan de verkoper van de betreffende slachtvarkens af te geven of te doen afgeven:
a. hetzij het in artikel 16, eerste lid, onder a, bedoelde weegbriefje/weeglijst dan wel een afschrift daarvan;
b. hetzij de in artikel 16, eerste lid, onder b, bedoelde bon of afrekening dan wel een afschrift daarvan, welke tevens zijn naam en adres vermeldt;
c. hetzij een met inachtneming van het bepaalde in artikel 16, eerste lid, onder b, opgemaakte bon of afrekening, welke tevens zijn naam en adres vermeldt.
Artikel 18
Het is degene die slachtvarkens na de slachting heeft gewogen of heeft doen wegen, dan wel die slachtvarkens per kg geslacht gewicht heeft gekocht, verboden:
a. weegbriefjes/weeglijsten, bonnen of afrekeningen af te geven, die niet de in de artikelen 16 en 17 vereiste gegevens vermelden;
b. behoudens in het geval als bedoeld in artikel 18, eerste lid, méér dan eenmaal weegbriefjes/weeglijsten, bonnen of afrekeningen af te geven ten aanzien van dezelfde slachtvarkens, tenzij het de meermalige afgifte betreft van weegbriefjes/weeglijsten, bonnen of afrekeningen, die identiek zijn aan de eerder afgegeven weegbriefjes, bonnen of afrekeningen.
1.
Degene die slachtvarkens na de slachting heeft gewogen of heeft doen wegen, is verplicht:
a. van elk weegbriefje/weeglijst, bon of afrekening een gelijkluidend afschrift op overzichtelijke wijze gedurende ten minste één jaar te bewaren en aan degene, die hem deze slachtvarkens heeft verkocht, of aan de opdrachtgever na een desbetreffend verzoek onverwijld een gewaarmerkt afschrift van de hem oorspronkelijk ter beschikking gestelde bescheiden af te geven of te doen afgeven, mits het verzoek hiertoe hem binnen 3 weken na de dag waarop de weging heeft plaatsgevonden, heeft bereikt;
b. aan de betrokken varkenshouder, al dan niet via de leverancier van de desbetreffende slachtvarkens, onverwijld af te geven een afschrift van het in artikel 16, eerste lid, onderdeel a, bedoelde weegbriefje/weeglijst. De leverancier bedoeld in de vorige zin is verplicht het afschrift onverwijld aan de betrokken varkenshouder af te geven;
c. een exemplaar van het vervoersdocument, tezamen met de aanduiding, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Verordening PVV controle dierziekten varkens 2003, gedurende ten minste drie jaar op overzichtelijke wijze te bewaren.
2.
Degene die slachtvarkens heeft verkocht, of de opdrachtgever, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, alsmede de betrokken varkenshouder, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, zijn verplicht een afschrift van elk door hem ontvangen of door hem afgegeven weegbriefje/weeglijst, bon of afrekening ten minste één jaar te bewaren.
Artikel 20
Het is degene, die een der in de artikelen 16, 17, 18 en 19 bedoelde bescheiden heeft ontvangen, verboden ter zake van de daarop vermelde in deze verordening genoemde gegevens enige wijziging aan te brengen.
1.
Het is een ieder verboden om, in strijd met de waarheid, mededelingen te doen of gegevens te verstrekken aangaande slachtingen of wegingen waarop het gestelde in deze verordening van toepassing is.
Tevens is het verboden om, in strijd met de waarheid, de indruk te wekken dat slachtingen of wegingen zijn verricht overeenkomstig de verordening, als dit niet het geval is geweest.
2.
Het is verboden op weegbriefjes/weeglijsten, bonnen, afrekeningen of anderszins de aanduiding "slachting en weging slachtvarkens P.V.V.- regeling" te vermelden of te doen vermelden.
3.
Onverminderd het bepaalde bij of krachtens enig ander wettelijk voorschrift geldt de in het tweede lid, gestelde verbodsbepaling niet voor wat betreft het vermelden van een aanduiding met de in het tweede lid, genoemde tekst, indien en voor zover de slachting en weging heeft plaatsgevonden met inachtneming van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en het gestelde in het vijfde lid, niet van toepassing is.
4.
De be- of verwerker die slachtvarkens slacht en weegt conform het gestelde in deze verordening is gerechtigd het bij het Benelux- merkenbureau te 's-Gravenhage gedeponeerde beeldmerk "slachting en weging slachtvarkens P.V.V-regeling", van welk merk het productschap houder is, uitsluitend met inachtneming van het in het Reglement op het gebruik van het collectief merk (slachting en weging slachtvarkens P.V.V.-regeling) bepaalde, te voeren als vignet.
5.
Het is degene, die op grond van het bepaalde in artikel 3, van het reglement op het gebruik van het collectief merk (slachting en weging slachtvarkens P.V.V.-regeling), door de voorzitter de bevoegdheid is ontzegd om, gedurende een bepaalde termijn, het in het vierde lid bedoelde beeldmerk te bezigen, verboden om, gedurende deze termijn, de in het tweede lid bedoelde aanduiding of enige aanduiding van gelijke trekking, op weegbriefjes/weeglijsten, bonnen, afrekeningen of anderszins te vermelden of te doen vermelden.
1.
Het is verboden in strijd met de waarheid een aanduiding inzake een korter tijdsverloop dan bedoeld in artikel 8, op weegbriefjes/ weeglijsten, bonnen, afrekeningen of anderszins te bezigen.
2.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, dient de be- of verwerker die een aanduiding betreffende een korter tijdsverloop dan bedoeld in artikel 8, wenst te bezigen, -
hiervan schriftelijk melding te maken aan het productschap, en-
de melding vergezeld te doen gaan van een specimen van de op weegbriefjes/weeglijsten, bonnen, afrekeningen en andere met zodanig doel gebezigde bescheiden te gebruiken teksten, waarin een aanduiding als bedoeld in het eerste lid is vervat.
1.
Het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften wordt namens het productschap uitgeoefend door een door het bestuur aangewezen dienst of door het bestuur aangewezen personen.
2.
Ondernemers zijn verplicht:
a. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het bestuur aangewezen personen al die gegevens te verstrekken of te doen verstrekken, die naar diens/hun oordeel nodig is/zijn voor de vervulling van diens/hun taak;
b. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het bestuur aangewezen personen inzage te geven of te doen geven van die boeken en bescheiden, die naar diens/hun oordeel nodig is/zijn voor de vervulling van diens/hun taak;
c. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het bestuur aangewezen personen te allen tijde toegang te geven of te doen geven tot hun bedrijfsruimten en vervoermiddelen, waar dan wel waarin voorraden, tot het bedrijf van de ondernemer behorende, zijn opgeslagen dan wel worden vervoerd;
d. te gedogen dat controleurs van de door het bestuur aangewezen dienst of de door het bestuur aangewezen personen, monsters nemen uit de voorraden, waaronder begrepen verpakkingsmateriaal, van het bedrijf van de ondernemer, ongeacht de plaats waar of waarin zich die voorraden bevinden.
De ondernemer zal alsdan de van hem gevorderde medewerking verlenen overeenkomstig de aanwijzingen en het toezicht van die controleurs of aangewezen personen.
3.
De in het eerste lid, bedoelde personen zijn bevoegd berechtingrapporten ten behoeve van tuchtrechtelijke afhandeling op te maken.
4.
De be- of verwerker is verplicht tot betaling van de kosten van het toezicht. Deze kosten worden door de toezichthoudende instantie in rekening gebracht.
1.
De door het productschap uit hoofde van deze verordening verkregen gegevens omtrent ondernemingen worden in handen gesteld van de voorzitter; zij worden, behoudens aan personeelsleden van het secretariaat van het productschap, alsmede ten behoeve van de handhaving van het bepaald in deze verordening, niet verder bekend gemaakt.
2.
De door het bestuur aangewezen dienst of personen dient respectievelijk dienen, ter bescherming van de privacy van de ondernemer, vertrouwelijk en op verantwoorde wijze om te gaan met de uit hoofde van het toezicht verkregen gegevens.
1.
Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld.
2.
De tuchtrechtelijke maatregelen zijn:
a. een berisping, welke bestaat uit een schriftelijk of mondeling vermaan tot de ondernemer, in verband met het begane feit;
b. een geldboete van ten hoogste € 4.500,--, welke geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk kan worden opgelegd;
c. openbaarmaking van de tuchtbeschikking op kosten van de veroordeelde.
Artikel 26
De bij of krachtens deze verordening gestelde regelen zijn bindend voor:
a. de natuurlijke- en rechtspersonen, die de ondernemingen drijven, waarvoor het productschap is ingesteld, en de bij die ondernemingen werkzame personen, en
b. andere dan de onder a, bedoelde natuurlijke- en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten, die bedrijfsmatig in de aldaar bedoelde ondernemingen plegen te worden verricht.
1.
De voorzitter is bevoegd om op aanvraag een ontheffing te verlenen en hieraan voorschriften te verbinden of deze onder beperkingen te verlenen. De voorzitter is tevens bevoegd de ontheffing in te trekken.
2.
De voorzitter is bevoegd namens het bestuur een vrijstelling te verlenen en hieraan voorschriften te verbinden of deze onder beperkingen te verlenen. De voorzitter is tevens bevoegd de vrijstelling in te trekken.
3.
De bij of krachtens Verordening slachting en weging slachtvarkens 1987 verleende en op dit moment van kracht zijnde ontheffingen, worden geacht te zijn verleend bij of krachtens deze verordening.
1.
De Verordening slachting en weging slachtvarkens 1987 wordt ingetrokken.
2.
Na de inwerkingtreding van deze verordening berusten de uitvoeringsregelingen van de Verordening slachting en weging Slachtvarkens 1987 op deze verordening.
1.
Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening slachting en weging slachtvarkens 2003".
2.
Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van haar afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 juli 2003, treedt zij in werking op de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt zij terug tot en met 1 juli 2003, met uitzondering van artikel 25.
Voor het bestuur,
,
voorzitter
.
secretaris