Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2006
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ § 1. Verbods- en gebodsbepalingen
+ § 2. Bepaling inzake werkingssfeer
+ § 3. Tuchtrechtelijke bepalingen
+ § 4. Slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 8 mei 2010. U leest nu de tekst die gold op 7 mei 2010.

Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2006

Verordening van het Bosschap van 8 december 2005, houdende regels ter zake van de bestrijding van insectenplagen in picea en larix (Verordening Bosschap Bestrijding Insectenplagen in Picea en Larix 2006)
Het bestuur van het Bosschap,
Gelet op de artikelen 93, 95, en 104 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie en artikel 5 van het Instellingsbesluit Bosschap 2003,
Besluit:
Artikel 1
Het is verboden in de door het bestuur van het Bosschap aangewezen gemeenten in het tijdvak van 1 mei tot 1 oktober:
a. hout behorende tot de geslachten Picea en Larix te laten liggen of gestapeld te houden;
b. geheel of gedeeltelijk ontwortelde of gebroken houtopstand behorende tot de geslachten Picea en Larix aanwezig te hebben.
Artikel 2
Het bepaalde in artikel 1 geldt niet ten aanzien van:
a. geheel ontschorst hout en hout dat in water ligt;
b. hout als bedoeld in artikel 1, onder a, en houtopstand als bedoeld in artikel 1 onder b, waarvan de grootste doorsnede niet meer dan 7 cm bedraagt, onverminderd het bepaalde in artikel 4.
1.
Het bestuur van het Bosschap kan van het verbod, bedoeld in artikel 1 ontheffing verlenen.
2.
Ontheffingen ten aanzien van vaste houtopslagplaatsen, houtstapelplaatsen en terreinen, welke daarmee gelijk zijn te stellen, kunnen worden verleend voor een periode van ten hoogste vijf jaren.
3.
Aan de ontheffing kunnen voorwaarden, voorschriften en beperkingen worden verbonden.
4.
Het bestuur van het Bosschap is bevoegd, de ontheffing geheel of gedeeltelijk in te trekken, indien een doelmatige bestrijding van bastkevers zulks naar zijn oordeel noodzakelijk maakt; één en ander in overeenstemming met de Algemene Wet Bestuursrecht .
1.
Het bestuur van het Bosschap is bevoegd tot het opleggen van de verplichting tot:
a. het leggen van vangstammen van bomen behorende tot de geslachten Picea en Larix;
b. het verwijderen van kwijnende en/of door bastkevers aangetaste bomen behorende tot de geslachten Picea en Larix.
2.
Het bestuur van het Bosschap is bevoegd geheel of gedeeltelijk ontheffing te verlenen van de verplichtingen bedoeld in lid 1.
3.
Het bestuur van het Bosschap is bevoegd de ontheffing geheel of gedeeltelijk in te trekken, indien een doelmatige bestrijding van bastkevers zulks naar zijn oordeel noodzakelijk maakt; één en ander in overeenstemming met de Algemene Wet Bestuursrecht .
Artikel 5
Het bestuur kan nadere regelen stellen ter uitvoering van deze verordening.
Artikel 6
De bepalingen van deze verordening zijn mede van toepassing op natuurlijke en rechtspersonen voor zover zij handelingen verrichten welke bedrijfsmatig in ondernemingen als bedoeld in de Registratieverordening Bosschap 2006 plegen te worden verricht.
1.
Overtredingen van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn feiten waarvoor een tuchtrechtelijke maatregel kan worden opgelegd.
2.
Een tuchtrechtelijke maatregel als bedoeld in lid 1 kan uitsluitend door het Tuchtgerecht van het Bosschap worden opgelegd.
1.
Het toezicht van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften wordt uitgeoefend door de Algemene Inspectiedienst (AID) van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, via daartoe door het bestuur van het Bosschap benoemde controleurs van de AID (hierna te noemen: de controleurs).
2.
Het toezicht als bedoeld in lid 1 wordt uitgeoefend in die gevallen, waarin ten minste het vermoeden bestaat dat een onderneming zich aan de naleving van één of meer voorschriften onttrekt.
3.
Ondernemingen als bedoeld in de Registratieverordening Bosschap 2006 zijn in het kader van het toezicht als bedoeld in lid 1 en lid 2 verplicht: -
aan de controleurs al die gegevens te verstrekken of te doen verstrekken, welke naar het oordeel van de controleurs nodig zijn voor de vervulling van hun taak-
aan de controleurs inzage te geven of te doen geven van die boeken en bescheiden, welke naar hun oordeel nodig zijn voor de vervulling van hun taak-
aan controleurs te allen tijde toegang te geven of te doen geven tot hun bedrijfsruimten en tot andere plaatsen, wanneer dat naar hun oordeel nodig is voor de vervulling van hun functie.
Artikel 9
Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2006.
Artikel 10
De Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2003 , goedgekeurd door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking no. TRCJZ/2003/1119 d.d. 23 april 2003 wordt ingetrokken.
Artikel 11
Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag, na die der afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
Zeist, 8 december 2005
voorzitter
secretaris