Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Verordening bestemmingsheffing scholing, opleiding en werkgelegenheid bitumineus dakdekkersbedrijf 2003
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ § 1. Begripsbepaling en toepassingsgebied
+ § 2. De heffing
+ § 3. De vaststelling en oplegging van de heffing
+ § 4. De betaling van de heffing
+ § 5. Vermindering van heffing
+ § 6. Overige bepalingen en slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Verordening bestemmingsheffing scholing, opleiding en werkgelegenheid bitumineus dakdekkersbedrijf 2003

Verordening van het Hoofdbedrijfschap Ambachten van 2 oktober 2002 houdende regels terzake van de door het hoofdbedrijfschap aan de ondernemers die het bitumineuze dakdekkersbedrijf uitoefenen op te leggen bestemmingsheffing ten behoeve van scholing, opleiding en werkgelegenheid voor het bitumineuze dakbedekkingsbedrijf (Verordening bestemmingsheffing scholing, opleiding en werkgelegenheid bitumineus dakdekkersbedrijf 2003)
Het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Ambachten;
Gehoord de Vereniging Dakbedekkingsbranche Nederland (VEBIDAK), FNV Bouw en de Hout- en Bouwbond CNV;
Gelet op de artikelen 126 en 95 van de Wet op de bedrijfsorganisatie en op de artikel 7, eerste lid, onderdeel b en c, en artikel 10 van de Instellingsverordening Hoofdbedrijfschap Ambachten;
Besluit:
Artikel 1
In deze verordening wordt verstaan onder:
a. de voorzitter: de voorzitter van het Hoofdbedrijfschap Ambachten;
b. de ondernemer: degene die een onderneming drijft, dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven;
c. werknemer: degene die op grond van een arbeidsovereenkomst met de ondernemer in de onderneming werkzaam is in een functie die is vermeld in de functielijst die is opgenomen in de bijlage bij deze verordening;
d. de bruto loonsom: het bruto loon sociale verzekeringen als vermeld op de jaaropgave voor de bedrijfsvereniging;
e. het hoofdbedrijfschap: het Hoofdbedrijfschap Ambachten.
Artikel 2
Deze verordening is van toepassing op de ondernemers die een onderneming drijven waarin het bitumineuze dakdekkersbedrijf wordt uitgeoefend, met uitzondering van:
a. de ondernemingen waarin in hoofdzaak andere activiteiten worden verricht dan de uitoefening van het bitumineuze dakdekkersbedrijf respectievelijk die uit dien hoofde onder de werkingssfeer van een andere collectieve arbeidsovereenkomst vallen dan de Collectieve arbeidsovereenkomst voor de Bitumineuze en Kunststof Dakbedekkingsbedrijven;
b. de ondernemingen of gedeelten van ondernemingen waarin tevens bitumineuze dakbedekkingsmaterialen worden vervaardigd voor levering aan derden.
1.
Aan de ondernemers bedoeld in artikel 2, die op of na de dag van inwerkingtreding van deze verordening een onderneming drijven waarin het bitumineuze dakdekkersbedrijf wordt uitgeoefend, wordt een heffing opgelegd ten behoeve van scholings-, opleidings- en werkgelegenheidsprojecten.
2.
De heffingen worden vastgesteld op grondslag van de bruto loonsom van de werknemers over het jaar 2002.
3.
Ingeval de ondernemer in 2002 geen werknemers in loondienst had, bedraagt de grondslag van de heffing € 23.973,-.
4.
De heffingen worden als volgt vastgesteld:
a. de heffing scholing bedraagt 0,8% van de grondslag van de heffing;
b. de heffing opleiding en ontwikkeling bedraagt 0,5% van de grondslag van de heffing;
c. de heffing werkgelegenheidsprojecten bedraagt 0,2% van de grondslag van de heffing.
Artikel 4
In afwijking van artikel 3, tweede lid, wordt voor ondernemers die de bedrijfsuitoefening na 1 januari 2002 hebben aangevangen als grondslag gehanteerd de totale bruto loonsom over de periode van aanvang van de bedrijfsuitoefening tot en met 31 december 2003, met een maximum van twaalf maanden vanaf de aanvang van de bedrijfsuitoefening.
1.
De voorzitter stelt de grondslag van de heffingen vast.
2.
De ondernemer is verplicht om op eerste vordering de voorzitter de gegevens te verstrekken en de boeken en bescheiden over te leggen, die hij naar zijn oordeel nodig heeft om de grondslag van de heffingen te kunnen vaststellen. De voorzitter kan om een accountantsverklaring verzoeken.
3.
Indien de ondernemer, ondanks herhaald verzoek, de in het tweede lid bedoelde gegevens of bescheiden niet verstrekt of overlegt stelt de voorzitter de grondslag vast op basis van geschatte cijfers.
1.
De voorzitter stelt de heffingen vast op basis van de ingevolge artikel 5 vastgestelde grondslag.
2.
De beschikking tot oplegging van een heffing is schriftelijk. Op de beschikking wordt in ieder geval vermeld:
a. de naam en woonplaats dan wel vestigingsplaats van de ondernemer;
b. het totaal van de vastgestelde heffing;
c. de grondslag voor de berekening van de heffing;
d. de dagtekening van de beschikking;
e. de termijn waarbinnen de heffing uiterlijk moet zijn betaald; en
f. het registratienummer van de onderneming.
3.
Met de beschikking wordt een toelichting meegezonden. In de toelichting wordt in ieder geval ingegaan op :
a. de wijze waarop de heffing is samengesteld;
b. de wijze van betaling;
c. de bestemming van de heffing;
d. de mogelijkheid van bezwaar met vermelding van de in acht te nemen termijnen; en
e. de gevallen waarin de heffing niet is verschuldigd.
1.
Indien op het tijdstip waarop een heffingsbeschikking wordt genomen nog geen definitieve grondslag kan worden vastgesteld, stelt de voorzitter aan de hand van een voorlopige grondslag een voorlopige heffing vast. Artikel 6, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2.
Na het verstrijken van de periode bedoeld in artikel 4 verstrekt de ondernemer de gegevens of legt de boeken en bescheiden over, als bedoeld in artikel 5, tweede lid, op basis waarvan de definitieve grondslag wordt vastgesteld. Artikel 5, derde lid, en artikel 6 zijn van toepassing.
Artikel 8
De artikelen 9 en 10 van de Heffingsverordening Hoofdbedrijfschap Ambachten 2003 zijn van overeenkomstige toepassing.
1.
De ondernemer kan de heffingen in twee termijnen voldoen.
2.
De ondernemer is verplicht de eerste termijn binnen dertig dagen na de dagtekening van de heffingsbeschikking bedoeld in artikel 6, eerste lid, of 7, eerste lid, te voldoen.
3.
De tweede termijn vervalt zes maanden na de dagtekening van de heffingsbeschikking.
4.
Na het verstrijken van de in het tweede of derde lid bedoelde termijn zendt de voorzitter de ondernemer die het binnen die termijn verschuldigde bedrag niet of niet volledig heeft betaald, een herinnering.
5.
Indien de ondernemer het verschuldigde bedrag binnen veertien dagen na de dagtekening van de herinnering niet of niet volledig heeft betaald, maant de voorzitter de ondernemer schriftelijk aan om alsnog binnen tien dagen te betalen.
6.
Indien het vijfde lid wordt toegepast, brengt de voorzitter de ondernemer administratiekosten in rekening.
1.
Bij cumulatie van deze bestemmingsheffingen met een of meer andere aan het HBA te betalen bestemmingsheffing, vermindert de voorzitter de heffing tot nihil, indien de uitoefening van het bitumineuze dakdekkersbedrijf kan worden aangemerkt als een nevenactiviteit ten opzichte van die andere bedrijfsuitoefening of bedrijfsuitoefeningen waarvoor een bestemmingsheffing is opgelegd.
2.
De vermindering wordt alleen toegepast ten aanzien van de onderneming waarin één persoon alle bedrijven uitoefent waarvoor bestemmingsheffingen zijn opgelegd.
3.
Het eerste lid wordt niet toegepast bij cumulatie met de bestemmingsheffing opgelegd op grond van de Heffingsverordening bitumineus dakdekkersbedrijf 2003 .
Artikel 11
Indien er sprake is van zodanige omstandigheden dat betaling van de volledige heffing of betaling van welk bedrag dan ook in redelijkheid niet kan worden verlangd, kan de voorzitter op aanvraag van de ondernemer het heffingsbedrag verminderen.
1.
Een aanvraag als bedoeld in artikel 10 en 11 wordt schriftelijk ingediend binnen zes weken nadat de heffing is opgelegd.
2.
De aanvraag wordt ondertekend en bevat ten minste:
a. naam en adres van de aanvrager;
b. de dagtekening;
c. de dagtekening en het nummer van de heffingsnota waarop de aanvraag betrekking heeft;
d. de gronden van de aanvraag;
e. een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd.
Artikel 13
Indien door het verstrekken van onjuiste of onvoldoende gegevens ten onrechte vermindering op grond van artikel 10 en 11 is verleend, trekt de voorzitter zijn beschikking op de aanvraag om vermindering in.
Artikel 14
De bevoegdheid om de heffing bedoeld in artikel 3 op te leggen alsmede de bevoegdheid om de overige krachtens deze verordening te nemen besluiten te nemen, is gedelegeerd aan de voorzitter.
1.
Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van deze verordening en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit.
2.
De voorzitter gebruikt de bij de uitvoering van deze verordening ter beschikking komende gegevens uitsluitend voor de uitvoering van deze verordening.
3.
Tot de in het tweede lid bedoelde gegevens hebben uitsluitend toegang de voorzitter en de door deze aangewezen leden van het personeel van het secretariaat.
Artikel 16
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2003.
Artikel 17
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestemmingsheffing scholing, opleiding en werkgelegenheid bitumineus dakdekkersbedrijf 2003.
Deze Verordening zal in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie worden geplaatst.
Den Haag, 2 oktober 2002
voorzitter
secretaris