Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Subsidieverordening Bedrijfschap Horeca en Catering
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ § 1. Algemene bepalingen
+ § 2. De aanvraag om subsidie
+ § 3. Subsidieverlening
+ § 4. Verplichtingen voor de subsidieontvanger
+ § 5. Voorschotverlening
+ § 6. Subsidievaststelling
+ § 7. Commissie
+ § 8. Slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2015. U leest nu de tekst die gold op -.

Subsidieverordening Bedrijfschap Horeca en Catering

Verordening van het Bedrijfschap Horeca en Catering van 7 oktober 2009, houdende regels terzake van het verstrekken van subsidies (Subsidieverordening Bedrijfschap Horeca en Catering)
Het bestuur van het Bedrijfschap Horeca en Catering;
Gelet op de artikelen 93, 95, 123 en 125 van de Wet op de bedrijfsorganisatie en gelet op Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;
Gelet op Hoofdstuk 4 van het Besluit beleidsregels Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad;
Besluit vast te stellen de navolgende verordening:
Artikel 1
In deze verordening wordt verstaan onder:
a. subsidie: de aanspraak op financiële middelen, door het bedrijfschap verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bedrijfschap geleverde goederen of diensten;
b. projectsubsidie: een subsidie voor een activiteit die naar haar aard een eenmalig karakter heeft;
c. budgetsubsidie: een voor een bepaald kalenderjaar te verstrekken subsidie die rechtstreeks is gerelateerd aan een bepaald niveau van prestaties of activiteiten;
d. exploitatiesubsidie: een voor een bepaald kalenderjaar te verstrekken subsidie ter dekking van het exploitatietekort van de subsidieontvanger;
e. voorschot: een gedeelte van het bedrag aan verleende subsidie, dat wordt betaald aan de subsidieontvanger voordat de beschikking tot vaststelling van de subsidie is genomen;
f. begroting: de door het bestuur vastgestelde en door de Sociaal-Economische Raad goedgekeurde begroting van inkomsten en uitgaven van het bedrijfschap, voor een bepaald jaar;
g. subsidieplafond: bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies;
1.
Deze verordening is van toepassing op alle door het bedrijfschap te verstrekken subsidies.
2.
Op per kalenderjaar aan rechtspersonen te verstrekken subsidies is afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing met inachtneming van het bepaalde in deze verordening.
1.
Het bestuur stelt jaarlijks in het kader van de begrotingbehandeling de budgetten vast die voor subsidiering beschikbaar zijn;
2.
Het bestuur kan jaarlijks in de begroting voor met name genoemde rechtspersonen een subsidieplafond opnemen;
3.
Het dagelijks bestuur kan jaarlijks een subsidieplafond instellen voor bepaalde subsidies, dan wel soorten van subsidies, onder vermelding van de wijze van verdeling van het beschikbare bedrag;
4.
Het dagelijks bestuur is bevoegd tot het nemen van besluiten omtrent subsidies.
1.
Subsidies worden slechts verstrekt voor zover in de begroting daarvoor de benodigde gelden ter beschikking zijn gesteld.
2.
Indien de subsidie ten laste komt van een begroting die nog niet is vastgesteld. kan zij worden verleend onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.
3.
Budget- en exploitatiesubsidies worden slechts verstrekt aan rechtspersonen met volledige rechtspersoonlijkheid.
1.
Een aanvraag voor een subsidie wordt schriftelijk bij het dagelijks bestuur ingediend voor 15 augustus van het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt gevraagd.
2.
In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag om een projectsubsidie schriftelijk bij het dagelijks bestuur ingediend uiterlijk twaalf weken voordat wordt gestart met de activiteit.
3.
Een aanvraag om subsidie wordt voldoende gemotiveerd en bevat ten minste het doel en een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, alsmede een uitgewerkte financiële onderbouwing.
4.
Bij een eerste subsidieaanvraag legt de aanvrager, voor zover zijnde een rechtspersoon, tevens over:
a. een afschrift van de oprichtingsakte, de statuten en de reglementen;
b. een beschrijving van de organisatievorm;
c. een actuele opgave van de bestuurssamenstelling;
d. de balans van het voorafgaande jaar met toelichting.
5.
Bij de indiening van de aanvraag voor een budget- of exploitatiesubsidie dient in ieder geval overgelegd te worden een activiteitenplan en een begroting omvattende een overzicht van alle voor het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt gevraagd geraamde inkomsten en uitgaven, voor zover betrekking hebbend op de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
6.
Bij een eerste aanvraag voor een budget- of exploitatiesubsidie wordt tevens overgelegd de laatst opgemaakte jaarrekening dan wel de balans en de staat van baten en lasten en de toelichting daarop of, indien deze bescheiden ontbreken, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag. De bescheiden zijn voorzien van een van een accountant afkomstige schriftelijke verklaring omtrent de getrouwheid onderscheidenlijk van een mededeling, inhoudende dat van onjuistheden niet is gebleken
1.
Subsidie wordt slechts verleend voor activiteiten ter bevordering van de sociaaleconomische ontwikkeling van de horecabranche of een of meer sectoren, met als uitgangspunt het leveren van een positieve bijdrage aan de sociaaleconomische ontwikkeling van de samenleving als geheel.
2.
Gelet op het eerste lid kan subsidie onder meer worden verleend voor:
a. activiteiten in het kader van de gemeenschappelijke ondersteuning van de horecabranche of een of meer sectoren;
b. onderzoek, ontwikkeling, voorlichting en promotie op het gebied van het algemeen belang dienende goede doelen.
3.
Subsidie wordt voorts slechts verleend indien:
a. het gezien de ontwikkelingen in de horecabranche, het bedrijfsleven of maatschappelijke ontwikkelingen in het algemeen, wenselijk is de te subsidiëren activiteiten op het geplande moment uit te voeren;
b. van het bedrijfsleven niet goed kan worden verwacht de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd zelf te financieren;
c. de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd niet of niet goed door het bedrijfschap kunnen worden uitgevoerd;
d. de activiteiten in beginsel te goede komen aan alle ondernemingen waarvoor het bedrijfschap is Ingesteld of die behoren tot een bepaalde sector binnen zijn werkingssfeer en de daarbij betrokken personen;
e. de te subsidiëren activiteiten doelmatig en doeltreffend worden uitgevoerd en de kosten in verhouding staan tot de baten.
1.
De subsidieverlening kan in ieder geval worden geweigerd indien een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat:
a. de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd ten tijde van de aanvraag reeds zijn gestart;
b. de activiteiten niet of niet geheel zal plaatsvinden;
c. de aanvrager niet zal voldoen aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
d. de aanvrager niet op een behoorlijke wijze rekening en verantwoording zal afleggen omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn.
e. de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
f. de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende middelen kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken;
g. de activiteiten niet passen binnen het beleid van het bedrijfschap;
h. niet wordt of zal worden voldaan aan de bepalingen als gesteld in deze verordening.
2.
De subsidieverlening kan voorts in ieder geval worden geweigerd indien de aanvrager:
a. in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid, of
b. failliet is verklaard of aan hem surséance van betaling is verleend of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.
c. achterstallige vorderingen van het bedrijfschap op de aanvrager niet zijn voldaan;
1.
De subsidieontvanger kan verplichtingen worden opgelegd met betrekking tot:
a. de aard en de omvang van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend;
b. de administratie van de aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten;
c. de te verzekeren risico's;
d. het stellen van zekerheid voor verleende voorschotten;
e. het verstrekken van gegevens en bescheiden benodigd voor het vaststellen van de subsidie;
f. het afleggen van rekening en verantwoording omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van belang zijn;
g. het beperken of wegnemen van de nadelige gevolgen van de subsidie voor derden.
2.
De subsidieontvanger kan andere verplichtingen worden opgelegd die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie, met betrekking tot onder meer:
a. de manier waarop het bedrijfschap betrokken is bij het verloop van de te subsidiëren activiteiten;
b. de wijze van rapportage;
c. de termijn waarbinnen de te subsidiëren activiteiten moeten zijn afgerond.
3.
De subsidieontvanger kan bij de subsidieverlening ook overigens verplichtingen worden opgelegd met betrekking tot onder meer:
a. de bekendmaking van de resultaten van de gesubsidieerde activiteiten;
b. het uitgeven van rapportages aan het bedrijfschap;
c. de auteursrechten op de in het kader van de gesubsidieerde activiteiten voortgebrachte werken;
d. het gebruik van de resultaten van de gesubsidieerde activiteiten ten behoeve van andere branches;
e. de keuze van de instelling die de te subsidiëren activiteiten uitvoert;
f. de evaluatie van de gesubsidieerde activiteiten.
4.
De subsidieontvanger worden de verplichtingen opgelegd die voortvloeien uit de Verordening financiën bedrijfslichamen 1999 , voor zover deze van toepassing zijn.
1.
Het dagelijks bestuur kan de subsidieontvanger op verzoek voorschotten verlenen.
2.
Een voorschot wordt slechts verleend als:
a. de aanvrager het voorschot vraagt om aan concrete betalingsverplichtingen voor de uitvoering van de gesubsidieerde activiteit te voldoen;
b. wordt voldaan aan de in de beschikking tot subsidieverlening gestelde voorwaarden.
3.
Een voorschot bedraagt ten hoogste 90% van het bedrag aan verleende subsidie.
4.
In afwijking van het bepaalde in het derde lid kan een voorschot van 100% op de verleende subsidie worden verstrekt, indien de subsidieontvanger ten genoegen van het dagelijks bestuur kan aantonen dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit geen doorgang kan vinden wegens het ontbreken van voldoende financiële middelen bij de subsidieontvanger.
5.
Voorschotten kunnen in termijnen worden verleend.
1.
Aanvragen om subsidievaststelling worden schriftelijk en gemotiveerd bij het dagelijks bestuur ingediend.
2.
Indien een beschikking tot subsidieverlening is gegeven wordt daarin de termijn aangegeven waarbinnen een aanvraag om subsidievaststelling, vergezeld van de daartoe van belang zijnde stukken en bescheiden, dient te worden ingediend.
3.
Indien aan een rechtspersoon voor een bepaald kalenderjaar subsidie is verleend wordt de aanvraag om subsidievaststelling binnen vier maanden na afloop van het kalenderjaar bij het dagelijks bestuur ingediend.
4.
Bij de aanvraag tot subsidievaststelling wordt rekening en verantwoording afgelegd omtrent de aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn.
1.
Indien een beschikking tot subsidieverlening is gegeven wordt de subsidie overeenkomstig de subsidieverlening vastgesteld.
2.
De subsidie kan lager worden vastgesteld indien:
a. de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden;
b. de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
c. de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid, of
d. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.
3.
Voor zover het bedrag van de subsidie afhankelijk is van de werkelijke kosten van de activiteiten waarvoor subsidie is vertoond, worden kosten die in redelijkheid niet als noodzakelijk kunnen worden beschouwd bij de vaststelling van de subsidie niet in aanmerking genomen.
4.
Indien geen aanvraag om subsidievaststelling is ingediend kan de subsidie ambtshalve worden vastgesteld.
5.
Indien geen beschikking tot subsidieverlening is gegeven zijn op de subsidievaststelling de bepalingen van de artikelen 6 en 7 van overeenkomstige toepassing.
1.
Er is een Adviescommissie subsidies Bedrijfschap Horeca en Catering.
2.
De commissie heeft tot taak het bestuur te adviseren omtrent het subsidiebeleid, alsmede het dagelijks bestuur te adviseren omtrent beschikkingen tot subsidieverlening, voorschotverlening en subsidievaststelling.
3.
Het bestuur regelt de samenstelling en werkwijze van de commissie.
Artikel 13
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2010.
Artikel 14
Deze verordening wordt aangehaald als: Subsidieverordening Bedrijfschap Horeca en Catering.
Zoetermeer, 7 oktober 2009
voorzitter
secretaris