Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Samenwonersvrijstelling voor niet langer samenwonende broer en zuster
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 12 juli 2007. U leest nu de tekst die gold op 11 juli 2007.

Samenwonersvrijstelling voor niet langer samenwonende broer en zuster

Samenwonersvrijstelling voor niet langer samenwonende broer en zuster De (plv) Directeur-Generaal Belastingdienst heeft namens de Staatssecretaris van Financiën het volgende besloten.
Een erflater en zijn zuster waren na het overlijden van hun ouders gezamenlijk in het ouderlijk huis blijven wonen. Zij voerden daar tot op zeer hoge leeftijd een gezamenlijke huishouding. De zuster werd t.g.v. een dwingende medische reden opgenomen in een verpleeghuis. De inrichting van de gemeenschappelijke woning bleef ongewijzigd. Daarna verhuisde de erflater met medeneming van zijn eigen meubilair naar een bejaardenhuis, waar de inrichting van zijn wooneenheid niet was gericht op bewoning tezamen met zijn zuster. Ook aan die verhuizing lag een dwingende medische reden ten grondslag. De partners bleven elkaar tot steun v.z.v. de omstandigheden dat toelieten. De erflater overleed drie jaar na zijn verhuizing. De zuster was enig erfgenaam.
De opname van de zuster in het verpleeghuis behoefde, nu deze het gevolg was van een dwingende medische reden, terwijl voorts de inrichting van de gemeenschappelijke woning bleef gericht op haar terugkeer, op zich niet te leiden tot verlies van de aanspraak op het tarief en de vrijstelling, geldend voor personen die een gemeenschappelijke huishouding voeren.
De daarop volgende verhuizing door de erflater met medeneming van slechts het eigen meubilair, had echter wel het verlies van de aanspraak op die faciliteit tot gevolg.
Gelet op de omstandigheid dat hier sprake is van hoogbejaarde partners, die totdat zich bij hen beiden een dwingende medische reden voordeed, hun gehele leven een gemeenschappelijke huishouding hadden gevoerd, heeft de Staatssecretaris van Financiën met toepassing van art. 63 AWR goedgekeurd dat m.b.t. het successierecht dat wegens de erfrechtelijke verkrijging door de zuster was verschuldigd, de vorenbedoelde faciliteit werd verleend.