Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie Fonds voor Cultuurparticipatie 2013-2016
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Paragraaf 1. : Algemene bepalingen
+ Paragraaf 2. : Procedure
+ Paragraaf 3. : Versterking Actieve Cultuurparticipatie
+ Paragraaf 4. : Beeldbepalende projecten
+ Paragraaf 5. : Voorbeeldprojecten
+ Paragraaf 6. : Kleinschalige projecten
+ Paragraaf 7. : Verplichtingen en verantwoording
+ Paragraaf 8. : Monitoring en Evaluatie
+ Paragraaf 9. : Overige Bepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 15 augustus 2013. U leest nu de tekst die gold op 14 augustus 2013.

Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie Fonds voor Cultuurparticipatie 2013-2016

Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie Fonds voor Cultuurparticipatie 2013–2016
Het bestuur van het Fonds voor Cultuurparticipatie,
Gelet op artikel 10 lid 4 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;
Besluit tot vaststelling van onderstaande regeling:
Artikel 1.1. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
bestuur: het bestuur van het Fonds voor Cultuurparticipatie;
Fonds voor Cultuurparticipatie: de Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;
actieve cultuurparticipatie: kunstzinnige of erfgoedactiviteiten die door een amateur of vrijwilliger in de vrije tijd worden uitgevoerd;
Versterking Actieve Cultuurparticipatie: beleidsprogramma gericht op het ondersteunen van projecten om waardevolle vormen van actieve cultuurparticipatie inhoudelijk of organisatorisch toekomstbestendig te maken;
culturele activiteiten: activiteiten die plaatsvinden op het gebied van kunst of op het gebied van erfgoed;
culturele instellingen: verenigingen en stichtingen met een culturele doelstelling;
monitoring: het door middel van periodieke peilingen zicht houden op zowel de uitvoering als op tussentijdse resultaten van de activiteiten die in het kader van deze regeling worden gesubsidieerd;
evaluatie: het door middel van wetenschappelijk verantwoord onderzoek of door raadpleging van betrokkenen en deskundigen, al dan niet met gebruikmaking van monitorgegevens, tot een weloverwogen oordeel komen over de doeltreffendheid en doelmatigheid van activiteiten die in het kader van deze regeling worden gesubsidieerd;
Artikel 1.2. Doel
Het bestuur kan aan rechtspersonen zonder winstoogmerk met een culturele doelstelling stimuleringssubsidies verstrekken die bijdragen aan één of meerdere van de drie programmaonderdelen van het beleidsprogramma Versterking Actieve Cultuurparticipatie zoals nader uitgewerkt in artikel 3.1 van deze regeling.
1.
Voor de periode 2013–2016 heeft het Fonds voor Cultuurparticipatie per kalenderjaar het volgende bedrag beschikbaar voor het verstrekken van stimuleringsubsidies, het uitvoeren van flankerend beleid en monitoring en evaluatie voor de versterking van de actieve cultuurparticipatie als bedoeld in paragraaf 3 van deze regeling: € 3.100.000.
2.
Een besluit tot het verhogen of verlagen van het subsidieplafond, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen op basis van wijzigingen in de Rijksbegroting en wordt bekendgemaakt via de website van het Fonds voor Cultuurparticipatie.
3.
Het bestuur kan specifieke subsidieplafonds vaststellen voor de in artikel 3.1 van deze regeling onderscheiden programmaonderdelen. Tevens is het bestuur bevoegd om per aanvraagronde specifieke subsidieplafonds vast te stellen voor de projecttypen als bedoeld in artikel 3.2.
4.
Het bestuur kan eerder vastgestelde subsidieplafonds voor de programmaonderdelen, zoals bedoeld in het vorige lid, verhogen of verlagen.
5.
Het bestuur kan het bedrag als bedoeld in het eerste lid, dat niet is benut, herverdelen.
6.
Besluiten als bedoeld in het tweede, derde, vierde en vijfde lid, worden bekendgemaakt via de website van het Fonds voor Cultuurparticipatie.
1.
Het bestuur kan, onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, subsidie weigeren:
a) als de aanvrager reeds een instellingssubsidie van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ontvangt;
b) als de aanvrager voor dezelfde activiteiten reeds een meerjarige subsidie ontvangt van een van de rijkscultuurfondsen;
c) als de aanvrager in de voorgaande twee jaar niet heeft voldaan aan één of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen, waaronder in elk geval ook vallen het juist en tijdig afronden van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante veranderingen in de uitvoering en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten;
d) als de aanvrager niet voldoet aan de voor de betreffende instelling gebruikelijke normen met betrekking tot bestuur, toezicht en transparante verantwoording als bedoeld in de Code Cultural Governance, welke voor het eerst is vastgesteld in 2006;
e) als de aanvraag afkomstig is van een onderwijsinstelling,uitgeverij of omroep organisatie;
f) als de aanvraag onvoldoende aantoonbaar maakt dat er sprake zal zijn van inhoudelijke of organisatorische ontwikkeling danwel onvoldoende concreet is met betrekking tot de uit te voeren activiteiten;
g) als de aanvraag redelijkerwijs gefinancierd kan worden uit het reguliere taakstellingbudget van de aanvrager danwel het activiteiten betreft die tot de reguliere taakstelling van de aanvrager horen;
h) als de aanvraag overwegend receptieve of journalistieke activiteiten bevat;
i) als de aanvraag primair gericht is op het realiseren van een beeld- of geluid registratie van bijvoorbeeld concerten en voorstellingen danwel tot doel heeft subsidie te verwerven voor investeringen in bedrijfsmiddelen of bouwkundige voorzieningen;
j) als de aanvraag korter dan drie maanden voor de start van het project wordt ingediend of als de aanvraag afkomstig is van een aanvrager aan wie het in artikel 4.5, 5.5 en 6.5 gemaximeerde aantal keren projectsubsidie is toegekend;
k) als de aanvraag niet aansluit bij de prioritaire thema’s en vraagstukken die in een specifieke aanvraagronde gebruikt worden.
2.
Subsidie wordt in ieder geval geweigerd indien aan de aanvrager subsidie is of zal worden verleend op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid .
Artikel 1.5. Beperking
Een instelling kan nooit over enige periode tegelijkertijd meerdere subsidies voor dezelfde activiteiten ontvangen op basis van deze of andere deelregelingen van het Fonds voor Cultuurparticipatie.
1.
Een aanvraag als bedoeld in de artikelen 4 en 5, wordt digitaal ingediend via de website van het Fonds voor Cultuurparticipatie met behulp van een door het bestuur opgesteld formulier. Indien het wegens omstandigheden niet mogelijk is om de aanvraag digitaal in te dienen kan deze na overleg per post worden ingediend.
2.
Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier tijdig is ontvangen door het Fonds voor Cultuurparticipatie en vergezeld gaat van de gevraagde bijlagen zoals op het formulier gemeld.
1.
Een aanvraag in een van de aanvraagrondes dient uiterlijk om 17:00 uur te zijn ontvangen op de dag waarop de aanvraagronde voor een van de projecten zoals omschreven in de artikelen 4.4, 5.4 en 6.4 sluit.
2.
Een project waarvan de aanvraag is gehonoreerd dient uiterlijk zes maanden na toekenning van de subsidie te beginnen met de uitvoering van de activiteit.
3.
Indien een aanvraag, na een gehele of gedeeltelijke afwijzende beslissing, in de daarop volgende aanvraagronde nogmaals wordt ingediend, wordt die aanvraag binnen een periode van zes maanden na ontvangst van de eerste aanvraag zonder nader onderzoek afgewezen, tenzij nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden worden vermeld. Worden nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bij de aanvraag vermeld, dan volgt nader onderzoek.
1.
Bij het vaststellen van de hoogte van de subsidie worden alleen de in de aanvraag begrote variabele projectkosten in aanmerking genomen, een en ander overeenkomstig de in artikel 1.2 verwoorde doelstelling.
2.
Het Fonds voor Cultuurparticipatie ondersteunt maximaal 50 procent van de in de aanvraag begrote variabele projectkosten met dien verstande dat het aandeel van het Fonds voor Cultuurparticipatie in de totale begrote variabele projectkosten minimaal € 3.000,– en maximaal € 80.000,– is, afhankelijk van het type project zoals uitgewerkt in paragraaf 4, 5 en 6 van deze regeling.
3.
De in de begroting opgenomen post onvoorziene kosten mag maximaal 5% van de totale projectbegroting bedragen.
1.
Aanvragen die aan de voorwaarden voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen worden onderverdeeld in:
A. honoreren;
B. honoreren voor zover het budget dat toelaat; en
C. niet honoreren.
2.
Als een subsidieplafond ontoereikend is om alle aanvragen met het advies ’honoreren voor zover het budget dat toelaat’ te honoreren, worden de aanvragen in een rangorde geplaatst op basis van de van toepassing zijnde criteria.
3,.
Het bestuur honoreert eerst de aanvragen met het advies ’honoreren’. Vervolgens worden de aanvragen met het advies ’honoreren voor zover het budget dat toelaat’ in rangorde geplaatst. Het bestuur verdeelt het beschikbare budget volgens de rangorde, waarbij aanvragen worden toegewezen of gedeeltelijk toegewezen totdat het van toepassing zijnde subsidieplafond is bereikt. De resterende aanvragen worden afgewezen.
4.
De subsidie van een aanvraag die wegens ontoereikendheid van het budget gedeeltelijk is toegewezen wordt alsnog verhoogd tot het geadviseerde bedrag, indien en zodra het bestuur het desbetreffende subsidieplafond verhoogt. Vervolgens wordt steeds de eerst daaropvolgende aanvraag toegewezen totdat het verhoogde subsidieplafond is bereikt.
Artikel 2.5. Besluit
Uiterlijk binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag of sluitingsdatum van een [aanvraagronde, stelt het bestuur de aanvrager van zijn besluit in kennis. Indien niet binnen de gestelde termijn op de aanvraag kan worden beslist, stelt het bestuur de aanvrager daarvan in kennis en noemt hij de termijn waarbinnen de beslissing tegemoet kan worden gezien.
Artikel 3.1. Programmaonderdelen
Een aanvraag voor een projectsubsidie onder deze regeling kan worden ingediend voor de volgende doeleinden:
a) versterking van de organisatiestructuur of vernieuwing van het aanbod van actieve cultuurparticipatie in de vrije tijd;
b) versterking actieve cultuurparticipatie onder de doelgroep ouderen;
c) het levend houden van immaterieel erfgoed;
Artikel 3.2. Type projecten
Een aanvraag op het gebied van een van de drie programmaonderdelen van deze regeling, zoals genoemd in artikel 3.1, kan worden ingediend voor drie type projecten:
a) beeldbepalende projecten;
b) voorbeeldprojecten;
c) kleinschalige projecten.
1.
Aanvragen die voldoen aan de vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen kunnen door het bestuur ter advies over de subsidiehoogte worden voorgelegd aan een adviescommissie, een interactief digitaal forum of een andere passende beoordelingswijze.
2.
De ingediende aanvragen worden beoordeeld binnen het programmaonderdeel zoals bedoeld in artikel 3.1 waaronder zij vallen.
3.
Het bestuur neemt een besluit op de aanvraag.
1.
Alle aanvragen worden onderling tegen elkaar afgewogen en beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:
a) kwaliteit;
b) samenwerking; en
c) effect.
2.
Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag op alle in het vorige lid genoemde criteria positief beoordeeld zijn.
Artikel 3.5. Duur
Een subsidieaanvraag voor een project onder deze regeling kan voor de looptijd van één dag tot twee jaar worden ingediend.
Artikel 4.1. Waarvoor
Een aanvraag kan worden gedaan voor een beeldbepalend project op het gebied van actieve cultuurparticipatie dat één van de programmaonderdelen, genoemd in artikel 3.1, op landelijke schaal onder de aandacht brengt.
Artikel 4.2. Wie kan aanvragen
Een aanvraag kan worden gedaan door een culturele instelling die op zijn werkterrein geldt als boegbeeld en beschikt over aantoonbare ervaring op het gebied van projecten gericht op actieve cultuurparticipatie.
Artikel 4.3. Subsidiehoogte
Het minimaal aan te vragen en toe te kennen bedrag voor de gehele duur van het project is € 25.000 en het maximaal aan te vragen en toe te kennen bedrag is € 80.000.
1.
Er vindt gedurende de subsidieperiode 2013–2016 in beginsel één aanvraagronde per jaar plaats. Indien daartoe aanleiding bestaat kan het bestuur besluiten een extra aanvraagronde in te lassen en het resterende budget uit de eerste ronde daarnaar over te hevelen.
2.
Per aanvraagronde worden aanvragers via de website van het Fonds voor Cultuurparticipatie uitgenodigd om voor een thema, passend bij een van de programmaonderdelen zoals genoemd in artikel 3.1, een beeldbepalend project te ontwerpen.
Artikel 4.5. Maximaal aantal keer dat een aanvraag gehonoreerd kan worden
Gedurende de subsidieperiode 2013–2016 kan een aanvrager maximaal één keer subsidie ontvangen voor een beeldbepalend project.
Artikel 5.1. Waarvoor
Een aanvraag kan worden ingediend voor een project dat een voorbeeldwerking heeft ten behoeve van de in artikel 3.1 beschreven programmaonderdelen en bijdraagt aan de inhoudelijke of organisatorische versterking van de actieve cultuurparticipatie.
Artikel 5.2. Wie kan aanvragen
Een aanvraag kan worden gedaan door een culturele instelling.
Artikel 5.3. Subsidiehoogte
Voor de totale duur van het project kan minimaal € 5.000 en maximaal € 25.000 worden aangevraagd en toegekend.
1.
Per aanvraagronde kunnen aanvragers hun aanvraag digitaal via de website indienen bij het Fonds voor Cultuurparticipatie.
2.
Er vinden gedurende de subsidieperiode 2013–2016 in beginsel drie subsidierondes per jaar plaats.
3.
De sluitingtermijnen van de aanvraagrondes zijn: 15 januari, 15 april, 15 september.
4.
Er kan per aanvraagronde met een thema worden gewerkt.
Artikel 5.5. Maximaal aantal keer dat een aanvraag gehonoreerd kan worden
Gedurende de subsidieperiode 2013–2016 kan een aanvrager maximaal twee keer subsidie ontvangen voor een voorbeeldproject mits deze projecten in opzet, inhoud en uitvoering wezenlijk van elkaar verschillen.
Artikel 6.1. Waarvoor
Een aanvraag kan worden ingediend voor een project waarmee op kleinschalige wijze bijgedragen wordt aan de in artikel 3.1. omschreven doeleinden.
Artikel 6.2. Wie kan aanvragen
Een aanvraag kan worden gedaan door een culturele instelling met maximaal 2 fte in dienst en een substantieel aantal vrijwilligers.
Artikel 6.3. Subsidiehoogte
Voor de totale duur van het project kan minimaal € 3.000 en maximaal € 5.000 worden aangevraagd en toegekend.
1.
Per aanvraagronde kunnen aanvragers hun aanvraag digitaal via de website indienen bij het Fonds voor Cultuurparticipatie.
2.
Er vinden gedurende de subsidieperiode 2013–2016 in beginsel drie aanvraagrondes per jaar plaats.
3.
De sluitingtermijnen van de aanvraagrondes zijn: 15 januari, 15 april, 15 september.
4.
Er kan per aanvraagronde met een thema worden gewerkt.
Artikel 6.5. Maximaal aantal keer dat een aanvraag gehonoreerd kan worden
Gedurende de subsidieperiode 2013–2016 kan een aanvrager maximaal twee keer subsidie ontvangen voor een kleinschalig project mits beide projecten qua opzet inhoud en uitvoering wezenlijk van elkaar verschillen.
1.
De subsidieontvanger meldt zo spoedig mogelijk aan het bestuur als:
a) de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;
b) niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of
c) er aanzienlijke inhoudelijke, artistieke, organisatorische of zakelijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.
2.
De subsidieontvanger is verplicht tot evaluatie en monitoring van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt als bedoeld in artikel 3.2 onder a.
3.
Het bestuur kan bij beschikking andere dan de in het eerste en tweede lid van dit artikel opgenomen verplichtingen aan de subsidie verbinden.
Artikel 7.2. Verantwoording, voorschotten,vaststelling en betaling
De verantwoording, bevoorschotting,vaststelling en betaling van de subsidie geschiedt overeenkomstig het daarover bepaalde in hoofdstuk 8, 9, 10 en 11 van het Algemeen Reglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie.
Artikel 8.1. Monitoring en evaluatie
Activiteiten als bedoeld in artikel 3.2 onder a [en b] en die in het kader van deze regeling worden ontwikkeld en uitgevoerd worden gemonitord en geëvalueerd. Het monitoring en evaluatietraject wordt door het Fonds voor Cultuurparticipatie geïnitieerd.
Plusregeling van Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie Fonds voor Cultuurparticipatie 2013-2016">
Artikel 9.1. Intrekking Plusregeling
Met de publicatie van de Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie Fonds voor Cultuurparticipatie 2013–2016 in de Staatscourant vervalt de Plusregeling Fonds voor Cultuurparticipatie . Alle subsidieaanvragen die voor het moment van inwerkingtreding van de Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie zijn ontvangen, met inbegrip van daarop ingestelde bezwaar- en beroepprocedures, worden afgehandeld volgens de Plusregeling Fonds voor Cultuurparticipatie.
1.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2013.
2.
Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2017. Op bezwaar- en beroepsprocedures die op dat moment nog niet zijn afgerond, blijft het bepaalde in deze regeling van overeenkomstige toepassing.
Artikel 9.3. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Versterking Actieve Cultuurparticipatie Fonds voor Cultuurparticipatie 2013–2016.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
Het bestuur van het Fonds voor Cultuurparticipatie,
directeur / voorzitter van het bestuur.