Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Regeling prudentieel toezicht verzekeraars met beperkte risico-omvang
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Rapportagevereisten verzekeraars met beperkte risico-omvang
+ Hoofdstuk 3. Branchegroepen en opgave van gesloten verzekeringen
+ Hoofdstuk 4. Waardering deelnemingen van verzekeraars met beperkte risico-omvang
+ Hoofdstuk 5. Rapportagevereisten verzekeraars met beperkte risico-omvang in een verzekeringsgroep
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Regeling prudentieel toezicht verzekeraars met beperkte risico-omvang

Regeling van De Nederlandsche Bank N.V. van 7 januari 2016 houdende regels met betrekking tot het prudentieel toezicht op verzekeraars met beperkte risico-omvang (Regeling prudentieel toezicht verzekeraars met beperkte risico-omvang)
De Nederlandsche Bank N.V.;
Gelet op de artikelen 4, vierde lid, 131, eerste lid 133 en 135 van het Besluit prudentiële regels Wft;
Gelet op de artikelen 5, tweede en derde lid, 6, derde lid, en artikel 9 van het Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft;
Na consultatie van de betrokken representatieve organisaties;
Besluit:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. DNB: De Nederlandsche Bank N.V.;
b. Wft: Wet op het financieel toezicht ;
e. totale intragroeppositie: totale financiële verhouding die voortvloeit uit alle intragroepovereenkomsten.
1.
De modellen van de staten, bedoeld in artikel 131, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit prudentiële regels Wft, worden vastgesteld voor een verzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in Nederland of een bijkantoor van een dergelijke verzekeraar als bedoeld in artikel 130, vierde lid, aanhef, van het Besluit prudentiële regels Wft, zoals opgenomen in bijlagen 1 en 2 bij deze regeling.
2.
De regels met betrekking tot de staten, bedoeld in artikel 131, eerste lid, onderdelen b tot en met f en h van het Besluit prudentiële regels Wft zijn opgenomen in de modellen van de staten, bedoeld in het eerste lid, en de bijbehorende toelichting op de staten.
1.
Een verzekeraar of een bijkantoor van een dergelijke verzekeraar als bedoeld in artikel 130, vierde lid, aanhef, van het Besluit prudentiële regels Wft, verstrekt de staten, bedoeld in bijlage 1 bij deze regeling jaarlijks binnen 20 weken na afloop van ieder boekjaar met betrekking tot dat boekjaar aan DNB.
2.
Een verzekeraar of een bijkantoor van een dergelijke verzekeraar als bedoeld in artikel 130, vierde lid, aanhef, van het Besluit prudentiële regels Wft, verstrekt de staten, bedoeld in bijlage 2 bij deze regeling per kwartaal binnen 6 weken na afloop van dat kwartaal aan DNB.
3.
In afwijking op het tweede lid verstrekt een verzekeraar of een bijkantoor de staten bedoeld in het tweede lid aan DNB over een kwartaal in boekjaar 2016 binnen 8 weken na afloop van dat kwartaal, over een kwartaal in boekjaar 2017 binnen 7 weken na afloop van dat kwartaal.
1.
Een verzekeraar als bedoeld in artikel 130, vierde lid, aanhef, van het Besluit prudentiële regels Wft dient geconsolideerde, waaronder gesubconsolideerde, staten in, in die gevallen waar dit uit de Wft of hetgeen bij of krachtens de Wft is vastgesteld, voortvloeit.
2.
De verzekeraar waardeert ten behoeve van de geconsolideerde, waaronder gesubconsolideerde, staten de actief- en passiefposten en de posten buiten de balansstelling op basis van Titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, tenzij uit de Wft of hetgeen bij of krachtens de Wft is vastgesteld, anders voortvloeit.
3.
De verzekeraar betrekt ten behoeve van geconsolideerde, waaronder gesubconsolideerde, staten uitsluitend die gerelateerde entiteiten die op grond van de Wft of hetgeen krachtens de Wft is vastgesteld, in de reikwijdte van consolidatie worden opgenomen.
Artikel 2:4
Een accountant betrekt bij zijn onderzoek, bedoeld in artikel 133 van het Besluit prudentiële regels Wft, de staten, bedoeld in bijlage 3 bij deze regeling.
Artikel 3:1
Het model van de opgave, bedoeld in artikel 135, eerste lid, van het Besluit prudentiële regels Wft, in te dienen door een levensverzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in Nederland met betrekking tot de vanuit Nederland of vanuit een bijkantoor in een andere lidstaat gesloten overeenkomsten van verzekering, wordt vastgesteld zoals is opgenomen in het onderdeel bijkantoren en vrije dienstverrichting levensverzekeraars met beperkte risico-omvang van bijlagen 1 en 2 bij deze regeling.
Artikel 3:2
De branchegroepen en het model van de opgave, bedoeld in artikel 135, tweede lid, van het Besluit prudentiële regels Wft, in te dienen door een schadeverzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in Nederland, met betrekking tot de vanuit Nederland of vanuit een bijkantoor in een andere lidstaat gesloten overeenkomsten van verzekering, worden vastgesteld zoals zij zijn opgenomen in het onderdeel bijkantoren en vrije dienstverrichting schadeverzekeraars met beperkte risico-omvang van bijlagen 1 en 2 bij deze regeling.
Artikel 3:3
Het model van de opgave, bedoeld in artikel 135, derde lid, van het Besluit prudentiële regels Wft, in te dienen door een natura-uitvaartverzekeraar wordt vastgesteld zoals is opgenomen in bijlage 4 bij deze regeling.
1.
Een verzekeraar met beperkte risico-omvang waardeert een deelneming in een verzekeraar met beperkte risico-omvang op basis van de aangepaste vermogensmutatiemethode uitgaande van de waarderingsmethoden overeenkomstig artikel 3:69a van de Wft en artikel 4, derde lid, van het Besluit prudentiële regels Wft.
2.
Een verzekeraar met beperkte risico-omvang waardeert een deelneming in een entiteit niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang overeenkomstig de waarderingsmethode die hij in zijn jaarrekening toepast, voor zover deze waarderingsmethode op basis van marktwaardering is.
3.
Indien het niet mogelijk is om een deelneming bedoeld in het tweede lid op basis van marktwaardering te waarderen, waardeert een verzekeraar met beperkte risico-omvang de deelneming overeenkomstig de waarderingsmethoden die hij in zijn jaarrekening toepast. De verzekeraar licht de redenen toe waarom het niet mogelijk is de betreffende deelneming op basis van marktwaardering te waarderen.
1.
Een verzekeraar als bedoeld in artikel 3:281, eerste lid, van de Wft rapporteert alle significante intragroepovereenkomsten en -posities met ondernemingen, bedoeld in artikel 3:281a, eerste lid, van de Wft met gebruikmaking van bladen IG-posities 1, 2 en 3 van de staat opgenomen in de bijlage 5 bij deze regeling. De rapportage wordt uiterlijk 6 weken na de ingevolge artikel 2:2, eerste lid, van toepassing zijnde indieningstermijn bij DNB ingediend.
2.
Van een significante individuele intragroepovereenkomst is sprake wanneer het bedrag van de hieruit voortvloeiende intragroeppositie meer bedraagt dan twintig procent van het solvabiliteitskapitaalvereiste van de verzekeraar. Van een significante totale intragroeppositie is sprake indien deze positie meer bedraagt dan twintig procent van het solvabiliteitskapitaalvereiste van de verzekeraar.
3.
Op verzoek van de verzekeraar bedoeld in het eerste lid kan DNB afwijken van het eerste en tweede lid.
1.
Voor de toepassing van artikel 5:1, eerste lid, wordt ten aanzien van elke significante individuele intragroepovereenkomst aangegeven:
a. het bedrag van de vordering: de intragroeppositie, waarbij alleen actiefposten en daarmee vergelijkbare off balance sheet instrumenten worden gerapporteerd; en
b. met welke onderneming van de groep de intragroepovereenkomst is aangegaan.
2.
Voor de toepassing van artikel 5:1, eerste lid, wordt ten aanzien van elke significante totale intragroeppositie aangegeven:
a. het bedrag van de totale intragroeppositie; en
b. met welke ondernemingen van de groep de intragroepovereenkomst is aangegaan.
3.
Voor de toepassing van artikel 5:1, eerste lid, worden de significante intragroepovereenkomsten en -posities ondergebracht in één van de volgende categorieën:
a. beleggingen;
b. rekening courant vorderingen;
c. leningen;
d. overige vorderingen;
e. garanties en posten buiten de balans;
f. herverzekeringstransacties en retrocessie; of
g. overeenkomsten met betrekking tot kostentoedeling.
4.
De in het derde lid, onderdeel d, bedoelde overige vorderingen gaan vergezeld van een toelichting betreffende de aard van de vordering.
1.
Een verzekeraar als bedoeld in de artikel 3:281b, eerste lid, van de Wft gebruikt voor de berekening van de aangepaste solvabiliteit, bedoeld in artikel 9 van het Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft de staten zoals opgenomen in bijlage 5 bij deze regeling met uitzondering van de bladen IG-posities 1, 2 en 3.
2.
De staten, bedoeld in het eerst lid, worden uiterlijk 6 weken na de ingevolge artikel 2:2, eerste lid, van toepassing zijnde indieningstermijn bij DNB ingediend.
Amsterdam, 7 januari 2016
De Nederlandsche Bank N.V.
directeur