Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
Artikel 1. Begripsbepalingen
Artikel 2. Beoordelingsnormen
Artikel 3. Algemene regels
Artikel 4. Algemene regels specifiek voor de beoordeling van schriftelijke toetsen
Artikel 5. Algemene regels specifiek voor de beoordeling van cspe en cpe
Artikel 6. Vakspecifieke regels en beoordelingsmodel
Artikel 7. Vermeende fouten
Artikel 8. Noteren scorepunten
Artikel 9. Toekennen scorepunten
Artikel 10. Afwijking
Artikel 11. Gebruik vaktaal
Artikel 12. Aanvullende regels
Artikel 13. Aanpassing
Artikel 14. Inwerkingtreding
Artikel 15. Bekendmaking
Artikel 16. Intrekking
Artikel 17. Citeertitel
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 1 april 2015. U leest nu de tekst die gold op 31 maart 2015.

Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen

Regeling van het College voor Examens van 24 maart 2010, nr. CvE-10.0362, houdende vaststelling van de beoordelingsnormen en de daarbij behorende scores voor het centraal examen vwo, havo, vmbo (Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen)
Het College voor Examens,
Gelet op artikel 2, tweede lid, aanhef en onderdeel d, en achtste lid van de Wet College voor examens;
Besluit:
1.
In deze regeling gelden de begripsbepalingen die zijn gegeven in artikel 1 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.
2.
Voorts wordt in deze regeling verstaan onder:
’voorzitter’: de voorzitter van het College voor Examens;
’vakcommissie’: een vakcommissie van het College voor Examens
’opdracht’: een vraag of opdracht in een toets;
’uitvoering van een opdracht’: de wijze waarop een kandidaat een opdracht heeft uitgevoerd en het eindresultaat van die uitvoering;
’antwoord’: de uitvoering van een opdracht;
’opgave’: enige bij elkaar behorende opdrachten in een toets die als zodanig zijn aangemerkt;
’praktische toets’ : het in artikel 41 a van het Eindexamenbesluit genoemd praktische gedeelte van het centraal examen v.m.b.o., onderscheiden in een cspe (centraal schriftelijk en praktisch examen) voor de beroepsgerichte vakken en een cpe (centraal praktisch examen) voor de beeldende vakken;
’tweede examinator’: de door de directeur aangewezen medebeoordelaar van een examentoets;
’Examenbesluit’ : het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o , dan wel het Staatsexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o. 2000.
1.
De beoordelingsnormen voor de centrale examens worden weergegeven in een correctievoorschrift bij iedere toets. Dit bestaat uit:
a. regels voor de beoordeling, op grond van het Examenbesluit ;
b. algemene regels, op grond van deze regeling;
c. vakspecifieke regels, op grond van een besluit van het College voor Examens op grond van artikel 6 of 12 van deze regeling;
d. een beoordelingsmodel bij iedere toets.
2.
Het correctievoorschrift, bedoeld in het eerste lid, wordt ingericht met inachtneming van de Bijlagen 1 en 3 . In afwijking hiervan wordt het correctievoorschrift voor het centraal schriftelijk en praktisch examen vmbo ingericht met inachtneming van de Bijlagen 2 en 3.
3.
De directeur stelt na de afname van een toets het correctievoorschrift aan de examinator ter beschikking.
4.
In uitzonderingsgevallen kan het College voor Examens beslissen, dat bij een toets geen beoordelingsmodel wordt gevoegd.
1.
Voor de uitvoering van een opdracht worden door de examinator en door de gecommitteerde, dan wel de tweede examinator, scorepunten toegekend, in overeenstemming met het bij de toets behorende correctievoorschrift. Scorepunten zijn de gehele getallen 0, 1, 2, .., n, waarbij n het maximaal te behalen aantal punten voor een opdracht is.
2.
Scorepunten worden toegekend met inachtneming van de volgende regels.
a. Indien een opdracht volledig juist is uitgevoerd, wordt het maximaal te behalen aantal scorepunten toegekend.
b. Indien een opdracht gedeeltelijk juist is uitgevoerd, wordt een deel van de te behalen scorepunten toegekend in overeenstemming met het beoordelingsmodel.
c. Indien een opdracht is uitgevoerd op een wijze die niet in het beoordelingsmodel voorkomt en deze uitvoering op grond van aantoonbare, vakinhoudelijke argumenten als juist of gedeeltelijk juist aangemerkt kan worden, worden scorepunten toegekend naar analogie of in de geest van het beoordelingsmodel.
d. Indien in het beoordelingsmodel verschillende mogelijkheden zijn opgenomen, gescheiden door het teken/gelden deze mogelijkheden als verschillende formuleringen van hetzelfde (gedeelte van het) antwoord.
e. Indien in het beoordelingsmodel een gedeelte van het antwoord tussen haakjes staat, behoeft dit gedeelte niet in het antwoord van een kandidaat voor te komen.
f. Indien in een opdracht een fout is gemaakt die de verdere uitwerking van de opdracht beïnvloedt, mag alleen die fout en niet de invloed van die fout op de verdere uitwerking worden aangerekend, tenzij daardoor de opdracht aanzienlijk vereenvoudigd wordt of tenzij in het beoordelingsmodel anders is vermeld.
g. Een zelfde fout in de uitvoering van verschillende opdrachten moet steeds opnieuw worden aangerekend, tenzij in het beoordelingsmodel anders is vermeld.
1.
Indien een voorbeeld, reden, uitwerking, citaat of andersoortig antwoord gevraagd wordt, wordt uitsluitend het eerst gegeven antwoord beoordeeld.
2.
Indien meer dan een voorbeeld, reden, uitwerking, citaat of andersoortig antwoord gevraagd wordt, worden uitsluitend de eerst gegeven antwoorden beoordeeld, tot maximaal het gevraagde aantal.
3.
Indien in een antwoord een gevraagde verklaring of uitleg of afleiding of berekening ontbreekt dan wel foutief is, worden 0 scorepunten toegekend tenzij in het beoordelingsmodel anders is aangegeven.
4.
Het juiste antwoord op een meerkeuze vraag is de hoofdletter waarmee de juiste keuzemogelijkheid bij de vraag is aangeduid. Voor het juiste antwoord wordt 1 scorepunt toegekend, tenzij in het beoordelingsmodel een ander aantal punten is aangegeven, voor ieder ander antwoord 0 scorepunten.
1.
Mocht tijdens het examen een hulpmiddel niet werken en dit is niet te wijten aan het verkeerd gebruik door de kandidaat dan mag dat geen invloed hebben op de beoordeling van de kandidaat. De kandidaat mag daar in tijd en scorepunten niet door benadeeld worden.
2.
Indien een kandidaat binnen de gestelde tijd een (deel)opdracht opnieuw wil uitvoeren om de prestatie te verbeteren, wordt de kandidaat daartoe in de gelegenheid gesteld. Voor zover van toepassing stelt de examinator de daarvoor benodigde materialen ter beschikking.
Artikel 6. Vakspecifieke regels en beoordelingsmodel
De vakspecifieke regels en het beoordelingsmodel bij iedere toets, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder c en d, worden door het College voor examens vastgesteld voor elk van de vakken zoals vermeld in bijlage 3 , en maken na bekendmaking deel uit van die bijlage.
1.
Indien de examinator of de gecommitteerde meent dat in een toets of in het beoordelingsmodel bij die toets een fout of onvolkomenheid zit, beoordeelt hij het werk van de kandidaten alsof toets en beoordelingsmodel juist zijn.
2.
Degene die in de toets of het beoordelingsmodel een fout of onvolkomenheid meent te hebben geconstateerd kan deze fout aan het College voor Examens meedelen.
3.
Deze mededeling wordt voorgelegd aan de desbetreffende vakcommissie, en indien deze de mededeling als juist aanmerkt, kan de vakcommissie de voorzitter adviseren een beslissing op grond van artikel 10 te nemen.
4.
Het is niet toegestaan zelfstandig af te wijken van het beoordelingsmodel. Met een eventuele fout wordt bij de bepaling van het cijfer voor het centraal examen zoals bedoeld in artikel tweede lid onder e, van de wet College voor Examens, rekening gehouden.
1.
De examinator vermeldt op een lijst de namen of nummers van de kandidaten, het aan iedere kandidaat voor iedere opdracht toegekende aantal scorepunten en het totaal aantal scorepunten van iedere kandidaat.
2.
De directeur zendt van iedere toets de scores van een aantal kandidaten voor een door het College voor Examens te bepalen datum aan een door het College voor Examens te bepalen adres.
3.
Het College voor Examens geeft aan van welke kandidaten de scores aan dat adres worden gezonden.
1.
Voor een toets kan maximaal het aantal scorepunten worden behaald dat de som is van de maximale scores van de vragen waaruit de toets bestaat; de maximumscore van de toets wordt in het correctievoorschrift en voorop de toets vermeld.
2.
Scorepunten worden met inachtneming van het beoordelingsmodel toegekend op grond van de uitvoering door de kandidaat van iedere opdracht. Er worden geen scorepunten vooraf gegeven.
3.
De score voor de schriftelijke toets wordt als volgt verkregen. De examinator en de gecommitteerde stellen de score voor iedere kandidaat vast. Deze score wordt meegedeeld aan de directeur.
4.
De score voor de praktische toets wordt als volgt verkregen. De examinator en de tweede examinator stellen de score voor iedere kandidaat vast. Deze score wordt meegedeeld aan de directeur.
Artikel 10. Afwijking
Het College voor Examens of de voorzitter, kan, de voorzitter van de betreffende vakcommissie gehoord, beslissen dat voor een of meer opdrachten aan alle kandidaten het maximale aantal scorepunten of ten minste een aantal kleiner dan het maximum aantal scorepunten wordt toegekend.
Artikel 11. Gebruik vaktaal
Indien een kandidaat op grond van een algemeen geldende woordbetekenis, zoals bij voorbeeld vermeld in een woordenboek, een antwoord geeft dat vakinhoudelijk onjuist is, worden aan dat antwoord geen scorepunten toegekend, of tenminste niet de scorepunten die met de vakinhoudelijke onjuistheid gemoeid zijn.
Artikel 12. Aanvullende regels
Het College voor Examens kan op voorstel van een vakcommissie beslissen, dat in het correctievoorschrift bij een toets aanvullende regels worden opgenomen, waaronder regels voor aftrek van scorepunten. Deze zijn evenzeer verbindend als hetgeen in deze regeling is voorgeschreven.
Artikel 13. Aanpassing
De voorzitter van het College voor Examens is gemachtigd de vaststellingen als opgenomen in Bijlage 3 op onderdelen aan te passen.
Artikel 14. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking op 1 april 2010.
1.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
2.
De vakspecifieke regels en beoordelingsmodellen per toets bedoeld in artikel 6 worden bekend gemaakt op de in bijlage 3 onder 2 opgenomen wijze.
Artikel 16. Intrekking
De Regeling beoordeling centraal examen 2009 wordt ingetrokken.
Artikel 17. Citeertitel
Deze regeling kan worden aangehaald als de Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen.
Het
College
voorzitter