Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Regeling beeldende kunst en cultureel erfgoed
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Ook bekend als:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
Artikel 1. doelstelling
Artikel 2. ondersteuningsmogelijkheden
Artikel 3. wie kan aanvragen? (ontvankelijkheid)
Artikel 4. beperkingen
Artikel 5. beoordelingscriteria
Artikel 6. hoogte van de bijdrage
Artikel 7. overig
Artikel 7a. Citeertitel
Artikel 8. overgangsregeling
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 7 december 2016. U leest nu de tekst die gold op 6 december 2016.

Regeling beeldende kunst en cultureel erfgoed

Regeling beeldende kunst, vormgeving en cultureel erfgoed
Het Bestuur van de Mondriaan Stichting,
Heeft op 24 september 2008 vastgesteld:
De Mondriaan Stichting wil de belangstelling voor en afname van beeldende kunst, vormgeving en cultureel erfgoed stimuleren en vergroten. Dat doet zij door activiteiten van excellente kwaliteit te ondersteunen, die een meerwaarde hebben en van belang zijn voor het leggen van relaties met het publiek en de samenleving.
Artikel 1. doelstelling
Deze regeling beoogt de afname van en belangstelling voor hedendaagse beeldende kunst en cultureel erfgoed in het Koninkrijk der Nederlanden te stimuleren en te verdiepen.
De Mondriaan Stichting wil bijdragen aan het leggen en onderhouden van sterke en diverse relaties met de samenleving, zodat de waarde van kunst en erfgoed wordt (h)erkend, gewaardeerd en aan betekenis wint. Ook wil zij bijdragen aan het versterken van de kunst- en erfgoedsector.
Artikel 2. ondersteuningsmogelijkheden
De Mondriaan Stichting ondersteunt activiteiten met betrekking tot professionele hedendaagse beeldende kunst en cultureel erfgoed, die bijdragen aan de doelstelling van de regeling:
a. incidentele activiteiten:
projecten: incidentele activiteiten op het gebied van hedendaagse beeldende kunst en cultureel erfgoed
publicaties: eenmalige, niet-monografische en opiniërende uitgaven, die bijdragen aan de gedachtevorming over hedendaagse beeldende kunst;
ontwikkelkosten: voorbereidingskosten tijdens de conceptfase van een activiteit;
voorwaardenscheppende activiteiten: projecten gericht op het vergroten van de expertise en professionaliteit van de vakgemeenschap.
b. programmeringen
Een programmering is een meerjarige reeks van inhoudelijk samenhangende activiteiten; de Mondriaan Stichting ondersteunt programmeringen van maximaal drie jaar die zich richten op onderzoek, experiment, opinievorming en presentatie. Er zijn drie verschillende vormen van ondersteuning:
hedendaagse beeldende kunst: deze programma’s dragen bij aan de (presentatie van de) ontwikkeling en innovatie op het gebied van hedendaagse beeldende kunst en de opinievorming daarover. Ondersteund worden presentatie-instellingen, kunstenaarsinitiatieven en tijdschriften die minimaal vier keer per jaar verschijnen.
internationale programmering door hedendaagse kunstmusea. Binnen dit budget kan de Mondriaan Stichting bijdragen aan programma’s waarin deze musea internationale ontwikkelingen tonen.
cultureel erfgoed: erfgoedinstellingen met een publieksfunctie die een nieuw, experimenteel of voorbeeldstellend programma willen ontwikkelen kunnen daarvoor ondersteuning krijgen.
c. overig
naast deze ondersteuningsmogelijkheden kunnen ook andere activiteiten worden ondersteund, wanneer zij bijdragen aan de doelstelling.
1.
Aanvragen kunnen worden ingediend door organisaties die rechtspersoonlijkheid bezitten en gevestigd zijn in het Koninkrijk der Nederlanden. Voor Nederlandstalige tijdschriften die buiten Nederland worden uitgegeven kan een uitzondering worden gemaakt.
2.
Geen aanvraag kunnen indienen:
organisaties die zich volgens hun statutaire doelstellingen en/of feitelijke activiteiten ten doel stellen uitsluitend de belangen te behartigen van één of enkele personen, of wanneer er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de rechtspersoon of het orgaan zich in overwegende mate richt op verkrijging van financiële ondersteuning ten behoeve van één of enkele personen;
wanneer er aanwijzingen zijn dat het toezicht op het doelmatig en verantwoord functioneren van de instelling onvoldoende is. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer in het bestuur van de aanvragende instelling één of meer personen zitting hebben die tevens de gesubsidieerde activiteiten uitvoeren.
instellingen gericht op het kunstvakonderwijs en sectorinstituten zonder museale functie.
instellingen die reeds met cultuurmiddelen door de Rijksoverheid worden gefinancierd kunnen geen ondersteuning krijgen voor het onderdeel programmering. Organisaties kunnen slechts voor één programmering tegelijkertijd ondersteuning ontvangen.
Artikel 4. beperkingen
Uitgesloten van ondersteuning zijn activiteiten:
a. waarvan de totale kosten minder dan € 25.000 bedragen (dit geldt niet voor voorwaardenscheppende activiteiten en ontwikkelkosten); waarvan de dekking voor meer dan 60% uit publieke middelen bestaat (m.u.v. gemeentelijke en provinciale subsidies); waarvoor reeds rechtstreeks met Rijksmiddelen een cultuursubsidie is verstrekt, dan wel waarbij sectorinstituten financieel betrokken zijn; die de aanvrager (goed) kan realiseren uit zijn reguliere budget, of die met hulp van andere partijen kan worden gerealiseerd, of waarbij geen sprake is van een redelijke eigen bijdrage aan de activiteitskosten.
b. waarvan de resultaten grotendeels of alleen aan de aanvragende organisatie ten goede komen, zoals projecten op het gebied van bouwkundige voorzieningen;
c. die gericht zijn op de productie van beeldende kunst of het verwerven van erfgoed, zoals opdrachten en aankopen.
d. die betrekking hebben op het behoud van gemeentelijke en Rijksmonumenten, of het opgraven van archeologische objecten;
e. waarbij geen sprake is van digitale duurzaamheid;
f. die een overwegend toeristisch karakter hebben;
g. die betrekking hebben op documentaires en die geen deel uitmaken van een meeromvattende activiteit;
h. die betrekking hebben op publicaties en tijdschriften over cultureel erfgoed.
Artikel 5. beoordelingscriteria
Aanvragen worden aan de volgende criteria getoetst:
a. meerwaarde: de aanvraag onderscheidt zich in inhoud, opzet en uitvoering van het bestaande landelijke aanbod op het terrein van beeldende kunst of cultureel erfgoed door het innovatieve, uitzonderlijke of voorbeeldstellende karakter.
b. publieksbenadering: uit de aanvraag blijkt een doordachte en realistische publieksbenadering. Het project/programma en de gebruikte methode(s) sluiten aan bij de gekozen doelgroep(en). De aanvraag omvat een effectief communicatie- en publiciteitsplan.
c. excellente uitvoering: de aanvraag overtuigt van de excellente uitvoering van de activiteit. De aanvraag en de betrokken instelling(en) wekken vertrouwen in een (artistiek en/of cultuurhistorisch) kwalitatief hoogstaand eindresultaat.
d. relaties met de samenleving: de aanvraag legt door de inhoud, het onderwerp of uitvoering een betekenisvolle relatie tussen beeldende kunst of cultureel erfgoed en de samenleving. De activiteit draagt bij aan een groter draagvlak voor de beeldende kunst of cultureel erfgoed in de samenleving.
Aanvragen voor ontwikkelkosten worden alleen getoetst op de potentiële maatschappelijke betekenis en meerwaarde. Voorwaardenscheppende activiteiten worden in plaats van op maatschappelijke betekenis getoetst aan bijdrage aan de verdere professionalisering van de sector.
1.
Bij het vaststellen van de hoogte van de bijdrage worden alleen variabele activiteitskosten in aanmerking genomen die relevant zijn in het licht van de doelstelling uit artikel 1. Lasten die op enigerlei wijze tot de normale exploitatiekosten kunnen worden gerekend en investeringen die niet direct op de realisatie van de activiteit gericht zijn, komen niet voor ondersteuning in aanmerking.
2.
Voor programmeringen van presentatie-instellingen en kunstenaarsinitiatieven bedraagt de ondersteuning maximaal 60% van de kosten inclusief het deel van de overhead dat redelijkerwijs aan het programma kan worden toegerekend.
3.
De maximale bijdrage voor tijdschriften bedraagt € 65.000 per jaar. Los van deze bijdrage kan een additioneel bedrag van maximaal € 20.000 per jaar worden toegekend ter dekking van internationale verspreiding van het tijdschrift. De ondersteuning kan maximaal drie jaren omvatten. Voor in het buitenland gevestigde Nederlandstalige tijdschriften is de ondersteuning beperkt tot de distributiekosten in Nederland met een maximum van € 25.000 per jaar.
4.
De maximale bijdrage voor ontwikkelkosten bedraagt € 15.000.
Artikel 7. overig
Als de middelen die de Mondriaan Stichting heeft bestemd voor specifieke activiteiten zijn uitgeput, kan een aanvraag zonder nader onderzoek worden afgewezen. De Mondriaan Stichting kan nadere regels stellen ter uitwerking van hetgeen in dit reglement is bepaald.
Deze regeling is een deelreglement als bedoeld in artikel 5 lid 2 van het Algemeen Reglement van de Mondriaan Stichting. Op dit reglement is de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing.
Artikel 7a. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beeldende kunst en cultureel erfgoed.
Artikel 8. overgangsregeling
Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2009, en vervangt de eerdere Beeldende kunst en vormgevingsregeling en Presentatieregeling erfgoed . Deze worden ingetrokken per 31 december 2008. Per 31 december 2008 wordt ook de Regeling Cultuureducatie ingetrokken.
Alle subsidieverzoeken die voor het moment van inwerkingtreding van deze regeling zijn ontvangen, worden afgehandeld volgens de op het moment van ontvangst geldende bepalingen, tenzij toepassing van onderhavige regeling gunstiger is.
Het
Bestuur van de Mondriaan Stichting