Pensioenwet
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Ook bekend als:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Definities en toepassingsgebied
+ Hoofdstuk 2. Pensioenovereenkomst
+ Hoofdstuk 3. Uitvoeringsovereenkomst
+ Hoofdstuk 4. Algemene bepalingen met betrekking tot de pensioenuitvoerder
+ Hoofdstuk 5. Algemene bepalingen met betrekking tot pensioenfondsen
- Hoofdstuk 6. Financieel toetsingskader inzake pensioenfondsen
+ Hoofdstuk 7. Toezicht, handhaving en overige taken toezichthouder
+ Hoofdstuk 8. Gerechtelijke procedures
+ Hoofdstuk 9. Overige- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Artikel 137 Pensioenwet



1.
Een pensioenfonds stelt beleid vast met betrekking tot de voorwaardelijke toeslagverlening.
2.
Voor een pensioenfonds geldt bij de voorwaardelijke toeslagverlening het volgende:
a. bij een beleidsdekkingsgraad onder een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen niveau wordt geen toeslag verleend;
b. er wordt niet meer toeslag verleend dan naar verwachting in de toekomst te realiseren is; en
c. incidentele toeslagverlening om in het verleden niet toegekende toeslag of in het verleden doorgevoerde vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten te compenseren kan worden verleend indien die toeslagverlening geen gevolgen heeft voor de toeslagverlening in de toekomst overeenkomstig onderdeel b, de beleidsdekkingsgraad het niveau van het vereist eigen vermogen, bedoeld in artikel 132, behoudt en in enig jaar ten hoogste een vijfde van het vermogen dat voor deze toeslagverlening beschikbaar is, wordt aangewend.
3.
Het tweede lid is niet van toepassing indien:
a. een pensioenfonds volledig verzekerd is bij een verzekeraar;
b. de werkgever een onvoorwaardelijke verplichting heeft tot het verstrekken van bijdragen aan een pensioenfonds zodanig dat dit pensioenfonds steeds voldoet aan de bij of krachtens artikel 131 gestelde eisen ten aanzien van het minimaal vereist eigen vermogen en daarbij sprake is van onvoorwaardelijke toeslagverlening voor deelnemers conform minimaal de groeivoet van het prijsindexcijfer; of
c. anderszins sprake is van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen bijzondere omstandigheden.
4.
Pensioenfondsen kunnen de voorwaardelijke toeslagverlening financieren door:
a. het creëren van technische voorzieningen;
b. het creëren van eigen vermogen boven het vereist eigen vermogen ten behoeve van de toeslagverlening;
c. het putten uit het eigen vermogen boven het vereist eigen vermogen ten behoeve van de toeslagverlening;
d. het hanteren van een opslag op de premie; of
e. overrendement.
5.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel.