Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Kieswet
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Ook bekend als:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Afdeling I. Algemene bepalingen
+ Afdeling II. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van provinciale staten, van de algemene besturen en van de gemeenteraden
+ Afdeling III. De verkiezing van de leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
+ Afdeling IV. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal, provinciale staten, het algemeen bestuur en de gemeenteraad
- Afdeling V. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement
+ Afdeling Va. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van de eilandsraden, van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en van het Europees Parlement in Bonaire, Sint Eustatius en Saba
+ Afdeling VI. Straf-, slot- en overgangsbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Kieswet

Artikel Y 1
In deze afdeling wordt verstaan onder:
a. de Akte: de Akte betreffende de rechtstreekse verkiezing van de leden van het Europees Parlement (Brussel, 20 september 1976, Trb. 1976, 175);
b. lid van het Europees Parlement: een in Nederland gekozen lid van het Europees Parlement.
Artikel Y 2
De leden van het Europees Parlement worden, voor zover deze afdeling niet anders bepaalt, gekozen met overeenkomstige toepassing van de bij of krachtens afdeling II gestelde bepalingen inzake de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, met inachtneming van de Akte.
Artikel Y 3
De leden van het Europees Parlement worden gekozen door:
a. degenen die op de dag van de kandidaatstelling Nederlander zijn en op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en niet zijn uitgesloten van het kiesrecht;
b. de niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten van de Europese Unie, mits zij:
1°. op de dag van de kandidaatstelling hun werkelijke woonplaats hebben in het Europese deel van Nederland,
2°. op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt, en
3°. niet zijn uitgesloten van het kiesrecht, hetzij in Nederland, hetzij in de lidstaat waarvan zij onderdaan zijn.
Artikel Y 4
Lid van het Europees Parlement kunnen zijn:
a. zij die voldoen aan de vereisten die in artikel 56 van de Grondwet voor het lidmaatschap van de Staten-Generaal worden gesteld;
b. de niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten van de Europese Unie, mits zij:
1°. hun werkelijke woonplaats hebben in het Europese deel van Nederland,
2°. de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt, en
3°. niet zijn uitgesloten van het recht om gekozen te worden, hetzij in Nederland, hetzij in de lidstaat waarvan zij onderdaan zijn.
1.
De leden van het Europees Parlement worden gekozen voor een periode van vijf jaren, behoudens de mogelijkheid van een verlenging of verkorting van deze periode als gevolg van een verschuiving van de verkiezingsperiode ingevolge artikel 5, tweede lid, tweede volzin, van de Akte.
2.
Deze periode begint bij de opening van de eerste zitting na iedere verkiezing.
1.
In artikel D 3a, eerste lid, wordt in plaats van «personen, bedoeld in artikel B 1, tweede lid, » gelezen: personen, bedoeld in artikel Y 3, onderdeel a, die hun werkelijke woonplaats hebben in Aruba, Curaçao of Sint Maarten.
2.
Opname in de bestanden, bedoeld in artikel Y 2 juncto artikel D 3c, eerste en tweede lid, geschiedt tevens indien een persoon kiesgerechtigd is voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement en heeft verzocht tot registratie van zijn kiesgerechtigdheid voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer.
1.
Nederlanders die werkelijke woonplaats hebben in een andere lidstaat, kunnen in Nederland slechts als kiezer voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement worden geregistreerd, als zij hebben verklaard niet tevens in die andere lidstaat aan de verkiezing te zullen deelnemen.
2.
De in het eerste lid bedoelde verklaring wordt gelijktijdig ingediend met het in artikel D 3, eerste lid, bedoelde verzoek. Zij maakt deel uit van het in artikel D 3b, zesde lid, bedoelde formulier. Bij ministeriële regeling wordt de formulering van de verklaring vastgesteld.
3.
Burgemeester en wethouders van 's-Gravenhage wijzen een verzoek als bedoeld in artikel D 3, eerste lid, af indien zij van de desbetreffende lidstaat bericht hebben ontvangen dat de verzoeker in die lidstaat als kiezer is geregistreerd.
1.
De stemming voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement vindt plaats op de donderdag, gelegen in de daarvoor ingevolge artikel 11, eerste en tweede lid, van de Akte bepaalde periode.
2.
De kandidaatstelling vindt plaats op de vierenveertigste dag voor de stemming.
Artikel Y 10
Behalve op de in artikel G 1, vierde lid, genoemde gronden wordt op een verzoek om registratie van de aanduiding van een politieke groepering ten behoeve van de verkiezing van de leden van het Europees Parlement afwijzend beschikt, indien de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een aanduiding van een andere politieke groepering die reeds ten behoeve van de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer is geregistreerd, of met een aanduiding waarvoor reeds eerder ten behoeve van die verkiezing een registratieverzoek is ontvangen, en daardoor verwarring te duchten is.
Artikel Y 11
Artikel G 1, achtste lid, blijft buiten toepassing.
Artikel Y 12
Voor de overeenkomstige toepassing van de hoofdstukken H en I geldt Nederland als één kieskring. Artikel H 10a blijft buiten toepassing.
1.
Bij de lijst wordt van iedere daarop voorkomende kandidaat een schriftelijke verklaring overgelegd dat hij niet in een andere lidstaat kandidaat voor het lidmaatschap van het Europees Parlement zal zijn.
2.
Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld waar en wanneer de formulieren voor de in het eerste lid bedoelde verklaring, kosteloos, voor de kiezers verkrijgbaar zijn. Bij ministeriële regeling wordt voor het formulier een model vastgesteld.
Artikel Y 15
In aanvulling op artikel I 2, eerste lid, wordt het ontbreken van de verklaring, bedoeld in artikel Y 13, eerste lid, tevens als verzuim aangemerkt.
Artikel Y 17
Het centraal stembureau schrapt van de lijst in de eerste plaats de naam van de kandidaat van wie de verklaring, bedoeld in artikel Y 13, eerste lid, niet is overgelegd.
Artikel Y 22a
De stemming geschiedt in elke kieskring over de kandidaten wier namen voorkomen op de voor het gehele land geldig verklaarde kandidatenlijsten.
Artikel Y 22b
De artikelen N 12, eerste lid, tweede zin, en O 4, eerste lid, blijven buiten toepassing tot de sluiting van de stembussen in de lidstaat waar de kiezers het laatst hun stem uitbrengen tijdens de in de Akte bedoelde stemmingsperiode.
Artikel Y 23
Waar in de artikelen O 5 en P 24 sprake is van het orgaan waarvoor de verkiezing plaatsvindt, onderscheidenlijk plaats heeft gevonden, treedt daarvoor de Tweede Kamer in de plaats.
Artikel Y 23a
Voor de toepassing van de artikelen P 15 en P 19, tweede lid, wordt voor «25% van de kiesdeler» gelezen: 10% van de kiesdeler.
Artikel Y 24
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor zover nodig voorschriften worden gegeven die afwijken van krachtens afdeling II bij algemene maatregel van bestuur gestelde bepalingen.
1.
De Tweede Kamer onderzoekt zo spoedig mogelijk of de benoemde op grond van de nationale bepalingen als lid van het Europees Parlement kan worden toegelaten.
2.
De artikelen V 1 tot en met V 10 zijn daarbij van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat waar in deze artikelen sprake is van het vertegenwoordigend orgaan of het orgaan waarvoor de benoeming is geschied, daarvoor de Tweede Kamer in de plaats treedt.
Artikel Y 26
De voorzitter van de Tweede Kamer geeft van de uitkomst van het onderzoek onverwijld kennis aan de voorzitter van het Europees Parlement en aan de benoemde. Indien de Tweede Kamer heeft besloten dat de benoemde op grond van de nationale bepalingen als lid van het Europees Parlement kan worden toegelaten, zendt de voorzitter van de Tweede Kamer aan de voorzitter van het Europees Parlement tevens de geloofsbrief van de benoemde toe.
Artikel Y 27
Wanneer, anders dan bij de vaststelling van de uitslag van een verkiezing, in een opengevallen plaats moet worden voorzien, geschiedt dit met overeenkomstige toepassing van hoofdstuk W, met dien verstande dat voor de toepassing van artikel W 1, derde lid, voor «25% van de kiesdeler» wordt gelezen: 10% van de kiesdeler.
Artikel Y 28
Zodra onherroepelijk is komen vast te staan dat een lid van het Europees Parlement een van de in artikel Y 4 bedoelde vereisten voor het lidmaatschap niet bezit of een ingevolge de nationale bepalingen met het lidmaatschap onverenigbare betrekking vervult, houdt hij op lid te zijn. De voorzitter van de Tweede Kamer geeft hiervan onverwijld kennis aan de voorzitter van het Europees Parlement en aan de voorzitter van het centraal stembureau.
1.
Wanneer een lid van het Europees Parlement komt te verkeren in een van de gevallen, genoemd in artikel Y 28, geeft hij hiervan kennis aan de voorzitter van de Tweede Kamer, met vermelding van de reden.
2.
Indien de kennisgeving niet is gedaan en de voorzitter van de Tweede Kamer van oordeel is dat een lid van het Europees Parlement verkeert in een van de gevallen, genoemd in artikel Y 28, waarschuwt hij de belanghebbende schriftelijk.
3.
Het staat deze vrij de zaak uiterlijk op de achtste dag na de dagtekening van de in het tweede lid bedoelde waarschuwing aan het oordeel van de Tweede Kamer te onderwerpen.
Artikel Y 30
Indien de voorzitter van de Tweede Kamer een bericht ontvangt van de voorzitter van het Europees Parlement dat het lidmaatschap van een lid van het Europees Parlement is beëindigd wegens ontslag, overlijden of het vervullen van een ingevolge de Akte onverenigbare functie, geeft hij hiervan onverwijld kennis aan de voorzitter van het centraal stembureau.
Artikel Y 30a [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Tijdelijk ontslag van een lid van het Europees Parlement wegens zwangerschap en bevalling of ziekte geschiedt met overeenkomstige toepassing van de artikelen X 10 en X 11, met dien verstande dat:
a. in artikel X 10, eerste en tweede lid, voor «voorzitter van een vertegenwoordigend orgaan» wordt gelezen: voorzitter van de Tweede Kamer;
b. in artikel X 11, eerste en vierde lid, voor «voorzitter van het vertegenwoordigend orgaan» wordt gelezen: voorzitter van de Tweede Kamer;
c. de voorzitter van de Tweede Kamer van de beslissing tot tijdelijk ontslag onverwijld kennis geeft aan de voorzitter van het Europees Parlement.
1.
De voorzitter van het centraal stembureau benoemt een vervanger voor de plaats die is opengevallen als gevolg van een tijdelijk ontslag als bedoeld in artikel Y 30a. De artikelen Y 25 tot en met Y 27 zijn van overeenkomstige toepassing.
2.
Op de vervanger is artikel X 12, tweede en derde lid, van overeenkomstige toepassing.
Artikel Y 31
De kiesgerechtigde niet-Nederlander die onderdaan is van een andere lidstaat van de Europese Unie die zijn werkelijke woonplaats in het Europese deel van Nederland heeft, neemt aan de verkiezing deel hetzij in het Europese deel van Nederland, hetzij in de lidstaat waarvan hij onderdaan is.
1.
Burgemeester en wethouders registreren de kiesgerechtigdheid van de in artikel Y 3, onder b, bedoelde personen die ingezetene zijn van de gemeente, indien zij daartoe een schriftelijk verzoek hebben ingediend.
2.
Bij het verzoek vermeldt verzoeker zijn adres van verblijf en, voor zover van toepassing, de plaats in de lidstaat waarvan hij onderdaan is, waar hij het laatst als kiezer was geregistreerd. Bij het verzoek legt verzoeker een kopie over van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht. Voorts verklaart hij dat hij in de lidstaat waarvan hij onderdaan is, niet van het kiesrecht is uitgesloten en dat hij het kiesrecht uitsluitend in Nederland zal uitoefenen.
3.
Verzoeken die worden ontvangen na de dag van de kandidaatstelling blijven voor de daaropvolgende verkiezing buiten beschouwing.
4.
Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld waar en wanneer het formulier voor het verzoek, kosteloos, voor de kiezers verkrijgbaar is. Van het formulier maken de verklaringen, bedoeld in het tweede lid, deel uit. Bij ministeriële regeling wordt voor het formulier een model vastgesteld.
5.
Burgemeester en wethouders zenden aan de niet-Nederlander, die de nationaliteit van een andere lidstaat van de Europese Unie heeft, en die zich van buiten het Europese deel van Nederland vestigt in de gemeente, een formulier toe waarmee hij registratie van zijn kiesgerechtigdheid kan verzoeken.
6.
Burgemeester en wethouders beslissen op het verzoek uiterlijk op de zevende dag nadat zij het verzoek hebben ontvangen en maken de beslissing onverwijld aan de verzoeker bekend.
7.
Indien burgemeester en wethouders van een andere lidstaat bericht hebben ontvangen dat een niet-Nederlander die onderdaan is van die lidstaat aldaar van het kiesrecht is uitgesloten, registreren zij de kiesgerechtigdheid van betrokkene niet.
8.
Nadat het verzoek om registratie is ingewilligd, delen burgemeester en wethouders aan de door de desbetreffende lidstaat aangewezen autoriteit mede, dat betrokkene in Nederland als kiezer is geregistreerd. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze en het tijdstip waarop deze mededeling dient te geschieden.
9.
Ten minste zes weken voor de kandidaatstelling brengt de burgemeester de mogelijkheid van registratie voor niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten ter openbare kennis.
10.
Artikel D 9 is van overeenkomstige toepassing op een beschikking als bedoeld in dit artikel.
1.
De kiesgerechtigdheid van de niet-Nederlander die onderdaan is van een andere lidstaat blijft geregistreerd zolang betrokkene ingezetene is van een Nederlandse gemeente of totdat de registratie van de kiesgerechtigdheid van betrokkene is geschrapt.
2.
Burgemeester en wethouders schrappen de registratie van de kiesgerechtigdheid van de als kiezer geregistreerde niet-Nederlander die onderdaan is van een andere lidstaat:
a. op verzoek van betrokkene;
b. indien aan hen omstandigheden bekend worden op grond waarvan de desbetreffende persoon niet als kiezer behoort te zijn geregistreerd.
3.
Burgemeester en wethouders doen van een schrapping van de registratie van de kiesgerechtigdheid onverwijld mededeling aan betrokkene en aan de door de desbetreffende lidstaat aangewezen autoriteit waarvan betrokkene onderdaan is.
4.
Artikel D 9 is van overeenkomstige toepassing op een beschikking als bedoeld in dit artikel.
Artikel Y 33a
Burgemeester en wethouders schrappen de registratie van de kiesgerechtigdheid als bedoeld in artikel Y 32, eerste lid, indien betrokkene het Nederlanderschap verkrijgt.
Artikel Y 34
In de in artikel H 1 bedoelde openbare kennisgeving wordt tevens melding gemaakt van de mogelijkheid van kandidaatstelling van niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten.
1.
Bij de lijst wordt van iedere daarop voorkomende kandidaat die onderdaan is van een andere lidstaat en niet tevens de Nederlandse nationaliteit heeft een schriftelijke verklaring van de kandidaat overgelegd dat hij in die lidstaat niet is uitgesloten van het recht om te worden gekozen. De kandidaat vermeldt op deze verklaring tevens zijn nationaliteit, geboortedatum, geboorteplaats en zijn laatste adres in die lidstaat.
2.
De formulieren voor de verklaring zijn kosteloos voor de kiezers verkrijgbaar op dezelfde wijze en gedurende dezelfde termijn als de formulieren, bedoeld in artikel Y 13, tweede lid. Bij ministeriële regeling wordt voor het formulier een model vastgesteld.
3.
In aanvulling op artikel I 2, eerste lid, wordt het ontbreken van de verklaring, bedoeld in het eerste lid, tevens als verzuim aangemerkt.
Artikel Y 35a
Het centraal stembureau schrapt van de lijst de kandidaat van wie de verklaring, bedoeld in artikel Y 35, eerste lid, niet is overgelegd.
1.
Het centraal stembureau zendt de verklaring, bedoeld in artikel Y 35, eerste lid, onverwijld aan de daartoe aangewezen autoriteit in de andere lidstaat.
2.
Het centraal stembureau verzoekt de in het eerste lid bedoelde autoriteit voor aanvang van de zitting, bedoeld in artikel I 4, schriftelijk te verklaren of de kandidaat op wie de verklaring, bedoeld in artikel Y 35, eerste lid, betrekking heeft in die lidstaat is uitgesloten van het recht om te worden gekozen.
1.
Het centraal stembureau schrapt van de lijst de kandidaat die blijkens een verklaring als bedoeld in artikel Y 35b, tweede lid, in een andere lidstaat is uitgesloten van het recht om te worden gekozen, indien deze verklaring is ontvangen voor aanvang van de zitting, bedoeld in artikel I 4.
2.
Indien het centraal stembureau na het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, een verklaring als bedoeld in artikel Y 35b, tweede lid, ontvangt dat een kandidaat in de lidstaat waarvan hij onderdaan is, is uitgesloten van het recht om te worden gekozen, zendt het centraal stembureau de verklaring:
a. gelijktijdig met de kennisgeving, bedoeld in artikel V 1, derde lid, aan de Tweede Kamer, indien de kandidaat benoemd wordt tot lid van het Europees Parlement;
b. onverwijld aan de Tweede Kamer, indien de kandidaat lid is van het Europees Parlement.
Artikel Y 36
Het centraal stembureau stelt door tussenkomst van Onze Minister van Buitenlandse Zaken de andere lidstaten in kennis van de namen van hun onderdanen, die niet tevens de Nederlandse nationaliteit hebben en die op de geldige kandidatenlijsten voorkomen.
1.
Indien de autoriteit, bedoeld in artikel Y 35b, eerste lid, het centraal stembureau verzoekt te verklaren of een kandidaat in Nederland is uitgesloten van het recht om te worden gekozen, verzoekt het centraal stembureau Onze Minister van Veiligheid en Justitie een dergelijke verklaring te verstrekken. De verklaring wordt onverwijld verstrekt.
2.
Het centraal stembureau geleidt de verklaring van Onze Minister van Veiligheid en Justitie onverwijld door naar de in het eerste lid bedoelde autoriteit.
Artikel Y 39
Bij ministeriële regeling kunnen krachtens de afdelingen II en IV vastgestelde modellen die ingevolge bepalingen van deze afdeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement, voor deze verkiezing nader worden vastgesteld.