Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Begrippen regeling
+ Hoofdstuk 2. Tarieven
+ Hoofdstuk 3. Overgangs- en slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2007. U leest nu de tekst die gold op -.

Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006

Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006
De Algemeen Directeur van de Dienst Wegverkeer,
Gelet op de Wegenverkeerswet 1994, artikel 12:38, derde lid, van de Arbeidstijdenwet, artikel 38, tweede lid, van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen, artikel 1 van de Wet van 17 maart 1979, houdende regeling van de vergoeding van de kosten van registratie van motorboten, artikel 3 van de Tariefregeling vervoer gevaarlijke stoffen, artikel 9, vijfde lid, van de Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, artikel 26c van de Vleeskeuringswet, en de Regeling typegoedkeuring en installatie tachografen Rijnvaart 1995;
Besluit:
Artikel 1.1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Wet: Wegenverkeerswet 1994 ;
b. RDW: Dienst Wegverkeer.
Artikel 2.1.1. Valuta
De tarieven zijn weergegeven in euro, zijn exclusief leges voor de afgifte van kentekenbewijzen en exclusief BTW.
Artikel 2.1.2. Uurtarieven
Door de RDW worden, in het kader van de in dit besluit genoemde activiteiten, de volgende uurtarieven gehanteerd, tenzij anders vermeld:
Uurtarief technisch personeel: € 108,–.
Uurtarief administratief personeel: € 85,–.
Uurtarief consulting/projectmanagement: € 125,–.
Artikel 2.1.3. Kosten van derden
Indien sprake is van kosten van derden, voor zover niet in onderstaande tarieven opgenomen, worden deze, in aanvulling op de in dit besluit genoemde tarieven, in rekening gebracht.
Artikel 2.1.4. Keuringen buiten de RDW-keuringslocaties
Voor bezoeken gelden de volgende kosten:
a. Voorrijkosten keuren aan huis vanuit een keuringsstation: € 105,–;
b. € 120,– voor Regio A (vestigingen tot een geografische straal van 225 km vanuit Zoetermeer en voor reizen buiten Nederland anders dan per auto);
Voor Regio A buiten Nederland anders dan per auto geldt dat naast bovengenoemde kosten, tevens de gemaakte reis- en verblijfkosten in rekening worden gebracht;
c. € 263,– voor Regio B (vestigingen met een geografische straal groter of gelijk aan 225 km vanuit Zoetermeer die per auto worden bezocht);
Voor Regio B geldt dat naast bovengenoemde kosten, tevens de gemaakte reis- en verblijfkosten in rekening worden gebracht;
d. € 54,– voor reisuren die worden gemaakt, zoals genoemd in lid b en lid c;
e. € 120,– voor de afdeling Individueel Keuren Speciaal (vestigingen tot een geografische straal van 225 km vanuit Zoetermeer);
Indien nodig worden de gemaakte verblijfkosten in rekening gebracht;
f. € 263,– voor de afdeling Individueel Keuren Speciaal (vestigingen met een geografische straal groter dan of gelijk aan 225 km vanuit Zoetermeer);
Indien nodig worden de gemaakte verblijfkosten in rekening gebracht;
g. Indien sprake is van een programma waarbij meerdere inspecteurs separaat werken, worden bovenstaande kosten per inspecteur in rekening gebracht.
Artikel 2.1.5. Beveiligingskosten
Het erkende bedrijf dat gebruik maakt van datacommunicatie met de RDW via een beveiligde aansluiting, al dan niet door tussenkomst van een service provider, is voor de kosten van de instandhouding van de beveiligingsmaatregel per aansluiting jaarlijks € 18,– verschuldigd.
1.
Degene, aan wie een erkenning als bedoeld in Bijlage I , en in de artikelen 2.6.2, 2.6.3, 2.6.4 en 2.6.5, of een bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.6.6, is verleend, dan wel gebruik maakt van een beveiligde aansluiting als bedoeld in artikel 2.1.5, en wiens erkenning, bevoegdheid of beveiligingsmaatregel niet definitief is ingetrokken of beëindigd op 1 januari van het jaar waarin dit besluit van kracht is, is voor de instandhouding van de erkenning, bevoegdheid of beveiligingsmaatregel, het voor dat kalenderjaar geldende toezichtstarief verschuldigd.
2.
Indien een erkenning wordt geschorst, tijdelijk of definitief wordt ingetrokken, dan wel wordt beëindigd op eigen verzoek, vindt geen restitutie plaats voor het nog resterende kalenderjaar.
Artikel 2.1.7. Wijziging in producten
Indien gedurende het van kracht zijn van dit besluit nieuwe dan wel gewijzigde producten ontstaan, maar die niet in dit besluit zijn opgenomen, zullen de genoemde uurtarieven in rekening worden gebracht.
Artikel 2.1.8. Werkzaamheden na 18.00 uur
Indien het werkzaamheden betreft, die op verzoek van de aanvrager worden verricht tussen 18.00 uur en 07.00 uur, kan er een toeslag op basis van het uurtarief worden berekend. Dit geldt tevens voor werkzaamheden die worden verricht in het weekend en/of op feestdagen.
Artikel 2.1.9. Afronding op 5 eurocent
Bij afrekening van de dienstverlening in contant geld aan de balie van de RDW, wordt het totaalbedrag naar boven of naar beneden afgerond op 5 eurocent.
1.
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
a. APK-erkenning: een erkenning als bedoeld in artikel 83, van de wet, waarbij APK-I staat voor voertuigen met een toegestane maximum massa van 3500 kg of meer en APK-II voor voertuigen met een maximum massa van niet meer dan 3500 kg;
b. erkenning wijziging constructie LPG: een erkenning als bedoeld in artikel 101, van de wet met betrekking tot de inbouw van een LPG-installatie;
c. erkenning wijziging constructie snelheidsbegrenzer: een erkenning als bedoeld in artikel 101, van de wet met betrekking tot het aanbrengen, afstellen en verzegelen van een snelheidsbegrenzer;
d. kentekenkeuring: onderzoek verricht ten behoeve van de afgifte van een kentekenbewijs als bedoeld in artikel 48, van de wet;
e. keuringsplaats: inrichting waarin een erkenninghouder, die is gerechtigd keuringsrapporten af te geven voor motorrijtuigen en aanhangwagens, de handelingen in het kader van de periodieke keuringen mag verrichten;
f. mobiele keuringseenheid: keuringseenheid waarmede een erkenninghouder, die is gerechtigd keuringsrapporten af te geven voor motorrijtuigen en aanhangwagens, niet steeds in dezelfde inrichting, doch afwisselend in verscheidene inrichtingen handelingen in het kader van de periodieke keuringen mag verrichten;
g. mobiele installatie-eenheid: installatie-eenheid die niet steeds in dezelfde inrichting, doch afwisselend in verscheidene inrichtingen snelheidsbegrenzers aanbrengt, afstelt of verzegelt;
h. periodieke keuring: keuring verricht ten behoeve van de afgifte van een keuringsbewijs als bedoeld in artikel 72, van de wet ;
i. taxi: auto als bedoeld in artikel 80 van het Besluit Personenvervoer ;
j. werkplaats: inrichting waarin een bedrijf werkzaamheden verricht in het kader van het wijzigen van de bouw of inrichting van een voertuig.
2.
Voor de toepassing van deze paragraaf maken besloten ruimten die gelegen zijn in één gebouw, dan wel in verscheidene belendende of nagenoeg belendende gebouwen, en
a. waarin hetzelfde inbouw-, onderhouds- of reparatiebedrijf werkzaam is, dan wel
b. waarin dezelfde keurings- of onderhoudsdienst voor het eigen wagenpark werkzaam is, dan wel
c. waarin door dezelfde natuurlijke persoon of rechtspersoon keuringen van voertuigen worden verricht, doch geen reparaties of onderhoud aan voertuigen of onderdelen daarvan worden verricht, deel uit van één inrichting.
Artikel 2.2.2. Tarieven Bijlage I
De tarieven met betrekking tot het toezicht zijn vermeld in Bijlage I (aanvraag LPG-erkenning, toezicht LPG-?erkenning, aanvraag APK-erkenning, toezicht APK-erkenning, aanvraag SB/TA-erkenning, toezicht SB/TA-erkenning).
1.
Indien de aanvrager van een keuring niet verschijnt op de met de RDW afgesproken tijd en plaats, of wordt een niet geheel gereed voertuig ter keuring aangeboden waardoor niet tot keuring wordt overgegaan, dan kan een bedrag in rekening worden gebracht ter hoogte van maximaal het voor de aangevraagde keuring vastgestelde tarief.
2.
Het eerste lid is niet van toepassing, indien uiterlijk twee werkdagen vóór de afgesproken tijd bericht van verhindering is ontvangen door de RDW in geval van verrichtingen uit te voeren door de divisie Voertuigtechniek of door de betrokken keuringslocatie van de RDW in geval van keuringen uit te voeren door de divisie Voertuigtechniek.
Bijlage II van Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006">
Artikel 2.3.2. Tarieven Bijlage II
De tarieven met betrekking tot de individuele keuringen zijn vermeld in Bijlage II (kentekenonderzoeken, periodieke keuringen exclusief ADR-keuringen).
Artikel 2.3.3. Bijzondere verrichtingen
De vermelde tarieven zijn van toepassing op de desbetreffende producten, waarbij elk onderdeel van de test éénmalig wordt uitgevoerd. Extra (deel-)testen zullen aan de hand van het uurtarief aan de rekening worden toegevoegd. Voor testen waar een significant deel van de test achterwege wordt gelaten zal het tarief dienovereenkomstig worden verlaagd.
Bijlage III van Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006">
Artikel 2.3.4. Tarieven Bijlage III
De tarieven met betrekking tot de Wet vervoer gevaarlijke stoffen zijn vermeld in Bijlage III (ADR-voertuigen IKS, keuren ADR-voertuigen IK).
Artikel 2.3.5. Grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen en vleeskeuringen
In dit artikel wordt verstaan onder voertuig: vrachtauto, waaronder mede begrepen een laadkist, aanhangwagen of oplegger.
Artikel 2.3.6. Bijzondere verrichtingen
De vermelde tarieven zijn van toepassing op de desbetreffende producten, waarbij elk onderdeel van de test éénmalig wordt uitgevoerd. Extra (deel-)testen zullen aan de hand van het uurtarief aan de rekening worden toegevoegd. Voor testen waar een significant deel van de test achterwege wordt gelaten zal het tarief dienovereenkomstig worden verlaagd.
Bijlage IV van Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006">
Artikel 2.3.7. Tarieven Bijlage IV
De tarieven met betrekking tot de Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen (ATP) en de Vleeskeuringswet zijn vermeld in Bijlage IV (koelvoertuigen).
1.
Voor de behandeling van een verzoek om typegoedkeuring van een tachograaf als bedoeld in artikel 1 van de Regeling typegoedkeuring en installatie tachografen Rijnvaart 1995 is een vergoeding verschuldigd van:
a. indien de keuring plaats vindt door het beproevingslaboratorium van de RDW te Lelystad worden de uurtarieven gehanteerd, zoals onder artikel 2.1.2 staan vermeld;
b. indien de keuring elders plaats vindt, worden per bezoek additionele kosten in rekening gebracht zoals onder artikel 2.1.4 staan vermeld.
2.
Voor de behandeling van een verzoek om erkenning als installateur of reparateur van een tachograaf als bedoeld in artikel 4 van de Regeling typegoedkeuring en installatie tachografen Rijnvaart 1995 worden de uurtarieven gehanteerd, zoals vermeld in artikel 2.1.2.
Artikel 2.4.1. Begrippen paragraaf
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
a. aanhangwagen: voertuig als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel a, van het Voertuigreglement;
b. bedrijfsauto: motorrijtuig als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel h, van het Voertuigreglement;
c. complete bedrijfsauto: bedrijfsauto welke geheel gebruiksklaar voor goedkeuring wordt aangeboden;
d. getrokken voertuig: aanhangwagen;
e. personenauto: motorrijtuig als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel at, van het Voertuigreglement;
f. twee- of driewieler: voertuig zoals bedoeld in artikel 1.1, onderdeel m, q en ao, van het Voertuigreglement;
g. goedkeuring: het afgeven van een formele verklaring waarin wordt aangegeven dat de eigenschappen of prestaties van een object of systeem aan bepaalde objectieve normen voldoet en dat het voortbrengingssysteem van dat object binnen nauwe tolerantiegrenzen wordt gegarandeerd;
h. test: het vaststellen van eigenschappen (inclusief massa en afmeting) of prestaties van een object of systeem.
a. Bij aanvullingen van typegoedkeuringen die gelijktijdig worden uitgegeven op basis van één testresultaat, wordt een reductie op het tarief van de typegoedkeuring gegeven (W2-10, W11-20 en W>20);
b. Voor (type-)goedkeuringen geldt dat meerdere testen als één testresultaat worden beschouwd, mits de testen gelijktijdig worden uitgevoerd en het totaalresultaat van toepassing is op alle te wijzigen (type-)goedkeuringen.
Artikel 2.4.3. Negatief resultaat
Voor een test met een negatief resultaat en eventueel een geweigerde goedkeuring worden de desbetreffende tarieven in rekening gebracht.
Artikel 2.4.4. Berekening extra tijd
De vermelde tarieven zijn van toepassing onder de voorwaarde dat de keuringsambtenaar in de gelegenheid wordt gesteld efficiënt te werken. Indien de keuring aanzienlijk langer duurt dan de feitelijk noodzakelijke tijd, wordt extra tijd aan de hand van het uurtarief apart in rekening gebracht.
Artikel 2.4.5. Meer/minder testen
De tarieven vermeld in Bijlage V zijn van toepassing op de desbetreffende producten waarbij elk onderdeel van de test éénmalig wordt uitgevoerd. Extra (deel-)testen zullen aan de hand van het uurtarief aan de rekening worden toegevoegd. Voor testen waar een significant deel van de test achterwege wordt gelaten zal het tarief dienovereenkomstig worden verlaagd.
Artikel 2.4.6. Gebruik RDW-faciliteiten Test Centrum Lelystad
In het geval het testtarief is gebaseerd op het uurtarief voor technisch personeel, zal dit tarief worden verhoogd met de tarieven voor de benodigde faciliteiten.
Bijlage V van Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006">
Artikel 2.4.7. Tarieven Bijlage V
De tarieven met betrekking tot de Type Goedkeuring zijn vermeld in Bijlage V (toezicht typekeuringen, typegoedkeuringen, individuele keuringen).
Artikel 2.5.1. Ontheffingen
Het betreft hier de behandeling van een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 7.1 van het Voertuigreglement door de RDW, niet zijnde een aanvraag als bedoeld in artikel 2.
Bijlage VI van Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006">
Artikel 2.5.2. Tarieven Bijlage VI
De tarieven met betrekking tot de ontheffingen zijn vermeld in Bijlage VI (ontheffingen).
1.
De aanvrager van de hierna genoemde ingevulde verklaring, kentekenbewijzen of delen daarvan is, ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag, het hierna genoemde tarief verschuldigd:
a. een deel Ia van een tweedelig kentekenbewijs (eerste afgifte): € 37,–;
b. een deel van Ia van een kentekenbewijs, bevattende de lettergroep BN of GN 00–01 tot en met 69–99: € 37,–;
c. een deel Ia van een kentekenbewijs, bevattende de lettergroep GV of BO en twee groepen van twee cijfers: € 37,–;
d. een kentekenbewijs, bevattende de enkele letter Z en twee groepen van twee cijfers: € 11,55;
e. een verklaring, als bedoeld in artikel 31, tweede lid, artikel 32, tweede lid, en artikel 33, eerste lid, van het Kentekenreglement (uitvoerverklaring), met uitzondering van een namens de RDW door een daartoe bevoegd erkend bedrijf afgegeven uitvoerverklaring: € 11,55;
f. een kentekenbewijs, als bedoeld in artikel 4, zesde lid,van het Kentekenreglement: € 11,55;
g. een vervangend kentekenbewijs: € 29,50;
h. een deel Ia van een tweedelig kentekenbewijs, dat, na het wijzigen van de toegestane maximum massa waarvoor uitsluitend een administratieve test noodzakelijk is, wordt afgegeven ter vervanging van een bestaand deel Ia: € 57,75;
i. een deel Ia van een tweedelig kentekenbewijs, dat, na wijziging van de typegoedkeuring compleet voertuig waarvoor uitsluitend een administratieve test noodzakelijk is, wordt afgegeven ter vervanging van een bestaand deel Ia: € 57,75;
2.
Voor een deel Ib van een kentekenbewijs, alsmede een formulier als bedoeld in artikel 27, vierde lid, van het Kentekenreglement ten behoeve van bedrijfsvoorraad deel Ib van een kentekenbewijs is verschuldigd: € 10,25.
3.
Voor andere dan de in het eerste en tweede lid genoemde kentekenbewijzen, delen daarvan, is bij de aanvraag € 0,00 verschuldigd.
1.
De aanvrager van een handelaarskentekenbewijs is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag verschuldigd:
a. indien aan de aanvrager reeds een handelaarskenteken is opgegeven, dan wel een erkenning bedrijfsvoorraad is verleend: € 37,–;
b. in alle andere dan in de onderdeel a genoemde gevallen: € 500,–;
c. indien de aanvraag betreft een vervangend handelaarskentekenbewijs voor een handelaarskentekenbewijs: € 29,50.
2.
Degene aan wie een handelaarskentekenbewijs is afgegeven, is ter vergoeding van de kosten van het toezicht, als bedoeld in artikel 6 van de Regeling handelaarskentekens en kentekenbewijzen: € 175,– verschuldigd. Dit toezichttarief is niet verschuldigd, indien aan de houder van het handelaarskentekenbewijs tevens een erkenning bedrijfsvoorraad is afgegeven.
1.
De aanvrager van een erkenning voor de afgifte en inname van kentekenplaten is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag een tarief verschuldigd van: € 500,–.
2.
Degene aan wie een erkenning afgifte en inname van kentekenplaten is verleend, is ter vergoeding van de kosten van het toezicht, als bedoeld in artikel 70e, tweede lid, van de wet, jaarlijks een tarief verschuldigd van: € 367,–.
1.
De aanvrager van een erkenning voor het aanbrengen waarmerk in blanco kentekenplaten is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag een tarief verschuldigd van: € 500,–.
2.
Degene aan wie een erkenning aanbrengen waarmerk in blanco kentekenplaten is verleend, is ter vergoeding van de kosten van het toezicht, als bedoeld in artikel 70e, tweede lid, van de wet, jaarlijks een tarief verschuldigd van: € 367,–.
1.
De aanvrager van een erkenning bedrijfsvoorraad en een bedrijfsvoorraadpas is per vestiging of nevenvestiging, zoals die is opgenomen in het handelsregister van de Kamer van Koophandel, ongeacht of er ook aan de erkenning verbonden bevoegdheden worden aangevraagd, ter vergoeding van de kosten van de behandeling verschuldigd:
a. voor zover de betreffende vestiging of nevenvestiging al bekend is bij de RDW in het kader van het gebruik van handelaarskentekenbewijzen: € 20,35;
b. in alle andere dan het in onderdeel a genoemde geval: € 500,–.
2.
Degene aan wie een erkenning bedrijfsvoorraad is verleend, is voor iedere nevenvestiging, die na het verkrijgen van de erkenning wordt opgenomen in het handelsregister van de Kamer van Koophandel verschuldigd: € 500,–.
3.
De aanvrager van een bedrijfsvoorraadpas is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag, het hierna genoemde tarief verschuldigd voor:
a. iedere tweede of volgende bedrijfsvoorraadpas, bedoeld in artikel 48, tweede lid, van het Kentekenreglement: € 20,35;
b. een vervangende bedrijfsvoorraadpas: € 20,35.
4.
Degene aan wie een erkenning bedrijfsvoorraad is verleend, is ongeacht of er bevoegdheden aan de erkenning zijn verbonden, ter vergoeding van de kosten van het toezicht, als bedoeld in artikel 64, eerste lid, van de wet, per vestiging of nevenvestiging, zoals opgenomen in het handelsregister van de Kamer van Koophandel jaarlijks verschuldigd: € 175,–.
5.
Het erkende bedrijf is, ter vergoeding van de kosten van de datacommunicatie en verwerking van de gegevens, verschuldigd:
a. per opname in de bedrijfsvoorraad, als bedoeld in artikel 27, achtste lid, van het Kentekenreglement: € 0,38;
b. per melding van overdracht van een voertuig aan een in het buitenland woonachtig of gevestigd persoon, als bedoeld in artikel 32, derde lid, van het Kentekenreglement, dan wel per melding van het voorgoed buiten Nederland brengen, als bedoeld in artikel 33, vierde lid, van het Kentekenreglement: € 0,23;
c. per melding van het voorgoed buiten gebruik stellen van een voertuig, als bedoeld in artikel 37, vierde lid, van het Kentekenreglement: € 0,23.
1.
De aanvrager van de bevoegdheid tot het tenaamstellen van kentekenbewijzen voor voertuigen uit de bedrijfsvoorraad, is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag verschuldigd: € 250,–.
2.
Degene aan wie een bevoegdheid tot het tenaamstellen van kentekenbewijzen voor voertuigen uit de bedrijfsvoorraad, als bedoeld in artikel 46, tweede lid, onderdeel f, van het Kentekenreglement is verleend, is ter vergoeding van de kosten van het toezicht jaarlijks een tarief verschuldigd van: € 175,–.
a. een handelaarskentekenbewijs is afgegeven, dan wel
b. een erkenning afgifte en inname kentekenplaten is verleend, dan wel
c. een erkenning aanbrengen waarmerk in blanco kentekenplaten is verleend, dan wel
d. een erkenning bedrijfsvoorraad is verleend, dan wel
e. een bevoegdheid tot het tenaamstellen van kentekenbewijzen uit de bedrijfsvoorraad is verleend,
is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag, het volgende tarief verschuldigd:
a. € 50,– voor een wijziging van een erkenning zonder bedrijfsbezoek;
b. € 160,– voor een wijziging van een erkenning met bedrijfsbezoek;
c. € 225,– voor een aanvraag tot herintreding van een erkenninghouder;
d. € 100,– voor een naschouwing op een periodieke controle.
Artikel 2.6.8. Gegevens kentekenregister
Een belanghebbende als bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de wet, is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag tot het verstrekken van gegevens uit het kentekenregister, het hierna genoemde tarief verschuldigd:
a. € 7,95 per kenteken of natuurlijk persoon of rechtspersoon, indien de gegevens per afzonderlijk kenteken of persoon worden verstrekt;
b. € 4,90 per kenteken of natuurlijk persoon of rechtspersoon voor gerechtsdeurwaarders in het kader van het doorrijden na tanken zonder te betalen, inden de aanvraag schriftelijk of mondeling wordt ingediend en de gegevens schriftelijk of mondeling worden verstrekt;
c. € 0,40 per kenteken of natuurlijk persoon of rechtspersoon in de door de RDW te bepalen gevallen, indien de aanvraag op geautomatiseerde wijze wordt ingediend en de gegevens op geautomatiseerde wijze worden verstrekt;
d. € 0,40 per kenteken indien de gegevens worden verstrekt in het kader van de controle van het kenteken en de meldcode, indien de aanvraag op geautomatiseerde wijze wordt ingediend en de gegevens op geautomatiseerde wijze worden verstrekt;
e. € 0,15 per kenteken in het kader van de controle van het kenteken en de meldcode, indien voor het overige geen gegevens worden verstrekt en indien de aanvraag op geautomatiseerde wijze wordt ingediend en de gegevens op geautomatiseerde wijze worden verstrekt;
f. € 1.150,– voor het behandelen van de aanvraag voor het tot stand brengen van een aansluiting, waarlangs gegevensaanvragen geautomatiseerd kunnen worden ingediend, zoals bedoeld in dit artikel;
g. € 10,– per 1.000 kentekens of natuurlijke personen en per 1.000 stuks door de RDW gehanteerde eenheid gegevens, indien periodiek op geautomatiseerde wijze een selectie uit het kentekenregister wordt geleverd volgens door de aanvrager tijdig voor de aanvang van de periode opgegeven criteria;
h. € 0,– indien het een aanvraag en antwoord daarop betreft via het internet voor de bekendmaking van de APK-datum van een belanghebbende, als bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van het Kentekenreglement (particulieren).
Artikel 2.6.9. Kennisneming gegevens kentekenregister
De in het kentekenregister geregistreerde natuurlijke persoon die een verzoek om kennisneming en afschrift als bedoeld in hoofdstuk 6 ban het Privacyreglement kentekenregister 1996 indient, is € 4,90 verschuldigd.
1.
De aanvrager van een schorsing van de geldigheid van een kentekenbewijs is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag € 68,– verschuldigd. De aanvrager is evenwel € 113,50 verschuldigd, indien de aanvraag wordt ingediend binnen één jaar na de aanvraag van een schorsing, welke ingevolge artikel 68, eerste lid, onderdeel a of c, van de wet is geëindigd, en de tenaamstelling van het kentekenbewijs na het eindigen van de schorsing niet is gewijzigd.
2.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, is de aldaar bedoelde aanvrager € 22,70 verschuldigd, indien de aanvraag betrekking heeft op:
a. een motorfiets,
b. een bedrijfsauto met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg, of
c. een ander motorrijtuig dan de in de onderdelen a en b genoemde, voor zover het motorrijtuig vijftien jaar of ouder is.
3.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, is de aldaar bedoelde aanvrager € 22,70 verschuldigd, indien de aanvraag voor een schorsing wordt ingediend op of voor de laatste dag waarop een eerdere schorsing van de geldigheid van hetzelfde kentekenbewijs van kracht is.
4.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, en het tweede lid, aanhef en onderdeel c, is de aanvrager van een schorsing € 0,– verschuldigd, indien de aanvraag een voertuig van vijftien jaar en ouder betreft en de geldigheid van reeds vijf voor dergelijke voertuigen aan de aanvrager afgegeven kentekenbewijzen is geschorst tegen vergoeding van het in het tweede lid, bedoelde tarief.
Artikel 2.6.11. Afgifte rijbewijs
Het te betalen tarief voor rijbewijzen waarvoor ingevolge artikel 111, vijfde lid, van de wet, dan wel ingevolge artikel 47 van het Reglement rijbewijzen, de aanvraag wordt ingediend bij de RDW, bedraagt: € 27,55.
a. € 4,90 per informatie, indien de aanvraag schriftelijk wordt ingediend en de gegevens schriftelijk, op andere wijze dan in de vorm van afdruk op kettingformulieren worden verstrekt;
b. € 0,15 per informatie, indien de aanvraag op geautomatiseerde wijze wordt ingediend en de gegevens op geautomatiseerde wijze worden verstrekt ingeval het verificatie van als identificatiedocument getoonde rijbewijzen betreft, waarbij uitsluitend het al dan niet geldig zijn daarvan wordt teruggemeld;
c. € 10,– per 1.000 stuks informatie door de RDW gehanteerde eenheid van gegevens, indien periodiek op geautomatiseerde wijze een selectie uit het centraal rijbewijzen- en bromfiets- certificatenregister wordt geleverd volgens door de aanvrager tijdig voor de aanvang van de periode opgegeven criteria.
Artikel 2.6.13. Kennisneming gegevens centraal rijbewijzen- en bromfiets-certificatenregister
De kosten van kennisneming van gegevens door degenen omtrent wie gegevens in het register, bedoeld in de artikelen 126, eerste lid, en 142, eerste lid, van de wet, zijn opgenomen, worden vastgesteld op € 4,90 per kennisneming.
1.
De leasemaatschappij, die in aanmerking wil komen voor een registratie ten behoeve van het als eigenaar van het voertuig ontvangen van vervangende kentekenbewijzen, als bedoeld in artikel 36, derde lid, is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag verschuldigd: € 50,–.
2.
De leasemaatschappij, voor welke een registratie als bedoeld in het eerste lid, heeft plaatsgevonden, is ter vergoeding van de kosten van het toezicht per jaar verschuldigd: € 175,–.
3.
De leasemaatschappij, voor welke een registratie als bedoeld in het eerste lid, heeft plaatsgevonden, is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag van een overzicht van de voertuigen, waarvoor een registratie als daar bedoeld heeft plaatsgehad, verschuldigd: € 90,30.
Artikel 2.6.15. Tarief centrale servicenummer RDW
Degene, die gebruik maakt van het centrale servicenummer 0900-0739 is hiervoor € 0,10 per minuut verschuldigd.
Artikel 2.6.16. Aansprakelijkheid motorrijtuigen
De aanvrager van inlichtingen omtrent nakoming van de verplichting tot verzekering, als bedoeld in artikel 38, tweede lid, van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen, is ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag het hierna genoemde tarief verschuldigd:
a. € 4,60 per informatie, indien informatie wordt gevraagd over de verzekering van een afzonderlijk motorrijtuig;
b. € 0,40 per informatie, per motorrijtuig, ingeval van massale informatieverstrekking, op geautomatiseerde wijze aangevraagd en verstrekt op een door de RDW te bepalen wijze;
c. € 1.150,– voor het behandelen van de aanvraag voor het tot stand brengen van een aansluiting, waarlangs gegevensaanvragen geautomatiseerd kunnen worden ingediend, zoals bedoeld in dit artikel;
d. € 1.845,– per aanvraag, indien een uittreksel wordt gevraagd van alle lopende dekkingen van een verzekeringsmaatschappij;
e. € 10,– per 1.000 stuks informatie door de RDW gehanteerde eenheid van gegevens, indien periodiek op geautomatiseerde wijze een selectie uit het centraal register Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen wordt geleverd volgens door de aanvrager tijdig voor de aanvang van de periode opgegeven criteria.
Artikel 2.6.17. Registratiebewijs snelle motorboot
De aanvrager van een registratiebewijs voor een snelle motorboot is, ter vergoeding van de kosten van de behandeling van de aanvraag, het hierna genoemde tarief verschuldigd:
a. een registratiebewijs: € 29,80;
b. een vervangend registratiebewijs: € 29,50;
c. een gemodificeerd registratiebewijs: € 14,90.
Artikel 3.1. Overgangsbepaling Type GoedKeuring
Voor aanvragen waarvoor de tarieven en bedragen zijn vastgesteld in artikel 2.4.7 van dit besluit en die zijn ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit en waarvan binnen een termijn van drie maanden na deze datum het testrapport is opgeleverd, worden de tarieven van het jaar 2005 in rekening gebracht.
Artikel 3.2. Overgangsbepaling Toezicht, Kentekenonderzoek en Periodieke Keuringen
Voor aanvragen waarvoor de tarieven en bedragen zijn vastgesteld in artikel 2.2.2, artikel 2.3.2 en artikel 2.3.4 (met uitzondering van de eerste keuring ADR-voertuigen) van dit besluit en die zijn ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit, is het tarief van toepassing van het jaar waarin de keuring wordt uitgevoerd.
Artikel 3.3. Overgangsbepaling eerste keuring ADR-voertuigen en Koelvoertuigen
Voor aanvragen waarvoor de tarieven en bedragen zijn vastgesteld in artikel 2.3.4 (met uitzondering van de periodieke keuring ADR-voertuigen) en artikel 2.3.7 van dit besluit en die zijn ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit en waarvan binnen een termijn van drie maanden na deze datum het testrapport is opgeleverd, worden de tarieven van het jaar 2005 in rekening gebracht.
Artikel 3.4. Overgangsbepaling Ontheffingen
Voor aanvragen waarvoor de tarieven en bedragen zijn vastgesteld in artikel 2.5.2 van dit besluit en die zijn ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit, is het tarief van toepassing van het jaar waarin de ontheffing wordt verleend.
Artikel 3.5. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.
Artikel 3.6. Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2006.
Artikel 3.7. Bijlagen
Bij dit besluit behoren de Bijlagen I , II , III , IV , V , VI en een Legenda tariefseenheden.
Artikel 3.8. Slotbepaling
Het Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2005 (Stcrt. 2004, nr. 251), de 1 e Wijziging Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2005 (Stcrt. 2005, nr. 14), de 2 e Wijziging Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2005 (Stcrt. 2005, nr. 83) en de 3 e Wijziging Besluit tarieven Dienst Wegverkeer 2005 (Stcrt. 2005, nr. 165) wordt hierbij ingetrokken.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
De
Algemeen Directeur van de Dienst Wegverkeer