Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Besluit mandaat, volmacht en machtiging OPTA 2004
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Paragraaf 1. : Algemene bepaling
+ Paragraaf 2. : Algemene mandatering van bevoegdheden, volmacht en machtiging
+ Paragraaf 3. : Bijzondere mandaat- en volmachtbepalingen
+ Paragraaf 4. : Ondertekening
+ Paragraaf 5. : Bijzondere bepalingen
+ Paragraaf 6. : Slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 15 september 2005. U leest nu de tekst die gold op 14 september 2005.

Besluit mandaat, volmacht en machtiging OPTA 2004

Besluit van het college, onderscheidenlijk de voorzitter van het college van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit, houdende mandatering, volmacht en machtiging van bevoegdheden van het college aan de afzonderlijke leden van het college en de ambtenaren in dienst van het college
Het college, onderscheidenlijk de voorzitter van het college van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie autoriteit,
Overwegende dat het wenselijk is voor de uitvoering van de hun wettelijk opgedragen taken de bevoegdheid tot het nemen van besluiten en de bevoegdheid om privaatrechtelijke rechtshandelingen dan wel andere handelingen te verrichten, neer te leggen bij de voorzitter en de afzonderlijke leden van het college, alsmede bij functionarissen van het bureau van de OPTA;
Besluiten:
Artikel 1
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. de wet: de Wet Onafhankelijke post- en telecommunicatieautoriteit ;
b. college: het college genoemd in artikel 2, eerste lid, van de wet;
c. voorzitter: de voorzitter van het college genoemd in artikel 3, derde lid, van de wet;
d. bureau: het ambtelijk ondersteunend apparaat van het college;
e. mandaat: de bevoegdheid om in naam van het college besluiten te nemen;
f. volmacht: de bevoegdheid om in naam van het college privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;
g. machtiging: de bevoegdheid om in naam van het college handelingen te verrichten die noch een publiekrechtelijke rechtshandeling, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.
1.
Aan de voorzitter wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend ten aanzien van aangelegenheden die behoren tot de ingevolge de wet aan het college opgedragen taken en die naar hun aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat zij door het college behoren te worden afgedaan.
2.
Aan de vaste leden van het college wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend ten aanzien van aangelegenheden als bedoeld in het eerste lid, die tot hun portefeuille behoren en die naar hun aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat zij door het college behoren te worden afgedaan.
3.
De voorzitter kan de hem verleende bevoegdheden voor bepaalde gevallen verlenen aan een van de overige vaste leden van het college.
1.
De aan de voorzitter verleende bevoegdheden worden eveneens verleend aan de plaatsvervangend voorzitter.
2.
De plaatsvervangend voorzitter maakt van de aan hem verleende bevoegdheden slechts gebruik bij afwezigheid van de voorzitter en het lid van het college wiens portefeuille het betreft.
1.
Aan de volgende functionarissen van het bureau wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend ten aanzien van de aangelegenheden, bedoeld in artikel 2, eerste lid, die naar hun aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat zij behoren te worden afgedaan door de voorzitter of het lid van het college wiens portefeuille het betreft:
a. het hoofd van de afdeling Eindgebruikersmarkt;
b. het hoofd van de afdeling Interconnectie en Bijzondere Toegang;
c. het hoofd van de afdeling Nummers en Registraties;
d. het hoofd van de stafafdeling Bedrijfsvoering;
e. het hoofd van de stafafdeling Juridische Zaken;
f. het hoofd van de stafafdeling Strategie en Communicatie;
g. het hoofd van het Bureau Nummeruitgifte en Registratieverlening;
h. de plaatsvervangers van de hoofden, genoemd onder a tot en met g.
2.
De aan het hoofd van het Bureau Nummeruitgifte en Registratieverlening verleende bevoegdheden worden, wat betreft het geven van beschikkingen houdende toekenning of reservering, alsmede wijziging of intrekking van een toekenning of reservering op aanvraag van de desbetreffende houder van een nummer of houder van een reservering, van zogenoemde gratis, koop- of tariefnummers als bedoeld in het Nummerplan telefoon- en ISDN-diensten, eveneens verleend aan de functionarissen werkzaam bij het Bureau Nummeruitgifte en Registratieverlening, voor zover een beschikking betrekking heeft op niet meer dan 30 nummers.
3.
De in het eerste en tweede lid genoemde functionarissen maken van de aan hen verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot hun werkterrein en die naar hun aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat zij behoren te worden afgedaan door een hogergeplaatste.
4.
Plaatsvervangers maken van de aan hen verleende bevoegdheden slechts gebruik bij afwezigheid van de functionaris waaronder zij rechtstreeks ressorteren.
Artikel 5
Aan de functionarissen werkzaam bij de stafafdeling Juridische Zaken wordt machtiging verleend om het college in rechte te vertegenwoordigen. Zij maken van deze bevoegdheid uitsluitend gebruik voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot hun werkzaamheden en die naar hun aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat zij behoren te worden afgedaan door een hogergeplaatste.
1.
Onverminderd het bepaalde bij of krachtens de Ambtenarenwet wordt de bevoegdheid tot aanstelling en ontslag van ambtenaren bij de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit, in afwijking van het bepaalde in de artikelen 2, en 4, uitsluitend aan de voorzitter verleend.
2.
De Voorzitter maakt van de hem in het eerste lid verleende bevoegdheid alleen gebruik indien een aangelegenheid terzake naar haar aard of inhoud niet een zodanig gewicht heeft dat zij door het college behoort te worden afgedaan, en met inachtneming van de besluiten van het college met betrekking tot de personeelsformatie, het personeelsbeleid en de begroting.
3.
Artikel 3 is van overeenkomstige toepassing.
1.
De uitoefening van bevoegdheden, waardoor namens het college financiële verplichtingen worden aangegaan, is in afwijking van het bepaalde in artikelen 4 voorbehouden aan de Voorzitter en de in artikel 2, tweede lid, bedoelde portefeuillehouders, elk wat betreft de aangelegenheden die tot hun portefeuille behoren.
2.
De Voorzitter en de portefeuillehouders maken van de hen in het eerste lid verleende bevoegdheid alleen gebruik indien een besluit terzake naar zijn aard of inhoud niet een zodanig gewicht heeft dat het door het college behoort te worden afgedaan, en met inachtneming van de besluiten van het college met betrekking tot de begroting en het financieel beleid.
3.
De Voorzitter kan de hem in het eerste lid verleende bevoegdheid verlenen aan een of meer functionarissen van het bureau voor zover het financiële verplichtingen betreft die een door hem vast te stellen bedrag niet te boven gaan.
1.
Het in een document vastleggen van een besluit, privaatrechtelijke rechtshandeling of andere handeling door of namens het college genomen of verricht, geschiedt op briefpapier van het college.
2.
Een in een document opgenomen besluit, privaatrechtelijke rechtshandeling of andere handeling door het college genomen of verricht, wordt ondertekend door de voorzitter en bij diens ontstentenis door de plaatsvervangend voorzitter.
3.
In spoedeisende gevallen kan, bij ontstentenis van de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter, een document als bedoeld in het tweede lid worden ondertekend door een van de overige vaste leden van het college.
Artikel 9
Aan het college is voorbehouden:
a. het nemen van besluiten:
- tot vaststelling van de begroting, de meerjarenraming, het tarievenvoorstel aan de minister;
- het jaarverslag, de jaarrekening en eventuele halfjaarrapportages;
- tot het opleggen van een boete, het toepassen van bestuursdwang of het opleggen van een last onder dwangsom;
b. aangelegenheden betreffende:
- de hoofdlijnen van het personeelsbeleid, waaronder begrepen het vaststellen van kaders voor het te voeren arbeidsvoorwaardenbeleid en sociaal beleid;
- de hoofdlijnen van het formatiebeleid, alsmede de verdeling van personele middelen;
c. de hoofdlijnen van het algemeen communicatiebeleid, waaronder begrepen het beleid met betrekking tot de bekendmaking van belangrijke (voorgenomen) besluiten en de daarmee verband houdende communicatiestrategieën.
Artikel 10
Het Besluit mandaat, volmacht en machtiging OPTA 2001 wordt ingetrokken.
Artikel 11
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Artikel 12
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging OPTA 2004.