Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Besluit integere bedrijfsvoering kredietinstellingen en verzekeraars
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. – Integere bedrijfsvoering WTK 1992, WTN en WTV 1993
+ Hoofdstuk 2. – Wijzigingen in andere besluiten
+ Hoofdstuk 3. – Slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2007. U leest nu de tekst die gold op -.

Besluit integere bedrijfsvoering kredietinstellingen en verzekeraars

Besluit van 10 oktober 2003, houdende regels ter zake van een integere bedrijfsvoering door kredietinstellingen en verzekeraars alsmede tot wijziging van enkele koninklijke besluiten in verband met de Wet actualisering en harmonisatie financiële toezichtswetten (Besluit integere bedrijfsvoering kredietinstellingen en verzekeraars)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 16 juni 2003, FM 2003-0843 M, Generale Thesaurie, Directie Financiële Markten, Afdeling Integriteit;
Gelet op de artikelen 5, eerste lid, onderdelen c, d en e, 12, eerste lid, onderdelen c, d en e, tweede lid en zevende lid, en 30 van de Wet toezicht beleggingsinstellingen, de artikelen 7, vierde lid, onderdelen c en d, 11, 11a, vijfde lid, en 40, eerste lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995, de artikelen 22a, 30ca, 57 en 90d, vijfde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992, de artikelen 30, 31a en 93d, vijfde lid, van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf en de artikelen 55a, 70a, 98a, 165, zevende lid, 169, vijfde lid, onderdeel f, 188d, vijfde lid, en 188n tot en met 188v van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993;
De Raad van State gehoord (advies van 18 september 2003, no. W06.03.0225/IV);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 6 oktober 2003, FM 2003-1376 U;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
a. financiële onderneming: een kredietinstelling of een verzekeraar;
b. toezichthoudende autoriteit:
1°. De Nederlandsche Bank N.V. voorzover het kredietinstellingen betreft;
2°. De Pensioen- & Verzekeringskamer voorzover het verzekeraars betreft.
1.
Een financiële onderneming voert een adequaat beleid ter zake van het tegengaan van verstrengeling van tegenstrijdige belangen. De financiële onderneming draagt er zorg voor dat dit beleid zijn neerslag vindt in organisatorische en administratieve procedures en maatregelen.
2.
De toezichthoudende autoriteit stelt regels vast met betrekking tot de minimumvoorwaarden waaraan het beleid en de procedures en maatregelen, bedoeld in het eerste lid, moeten voldoen.
1.
Een financiële onderneming voert een adequaat beleid dat ertoe strekt dat:
a. betrokkenheid van de financiële onderneming bij strafbare feiten die het vertrouwen in de financiële onderneming of in de financiële markten in het algemeen schaden, wordt voorkomen;
b. betrokkenheid van de financiële onderneming bij handelingen die anderszins in het maatschappelijk verkeer zodanig onaanvaardbaar zijn dat deze het vertrouwen in de financiële onderneming of in de financiële markten in het algemeen schaden, wordt voorkomen;
c. niet wegens haar cliënten het vertrouwen in de financiële onderneming of in de financiële markten in het algemeen, wordt geschaad.
2.
De financiële onderneming draagt er zorg voor dat het in het eerste lid bedoelde beleid zijn neerslag vindt in organisatorische en administratieve procedures en maatregelen.
3.
De toezichthoudende autoriteit stelt regels vast met betrekking tot de voorwaarden waaraan het beleid en de procedures en maatregelen, bedoeld in het eerste en tweede lid, ten minste moeten voldoen.
Artikel 4
De in artikel 3, tweede en derde lid, bedoelde procedures en maatregelen betreffen in ieder geval:
a. de behandeling en administratieve vastlegging van incidenten die een ernstig gevaar vormen voor een integere bedrijfsvoering van de financiële onderneming, voorzover het betreft een gedraging van een personeelslid of van een persoon die het dagelijks beleid bepaalt dan wel mede bepaalt van de financiële onderneming, dan wel van een gekwalificeerde aandeelhouder of van een natuurlijke persoon of rechtspersoon die werkzaamheden verricht ten behoeve van de financiële onderneming.
b. de beoordeling, met het oog op de belangen van crediteuren of toekomstige crediteuren van de kredietinstelling dan wel van degenen die als verzekeringsnemers, verzekerden of gerechtigden op uitkeringen betrokken zijn of zullen worden bij overeenkomsten van verzekering gesloten of te sluiten met de verzekeraar, of de betrouwbaarheid van een personeelslid dat de financiële onderneming voornemens is te benoemen in een integriteitsgevoelige functie buiten twijfel staat. Onder integriteitsgevoelige functie wordt in dit verband verstaan:
1°. een leidinggevende functie die is geplaatst direct onder het echelon van de bepalers en medebepalers van het dagelijks beleid van de financiële onderneming;
2°. een functie waaraan overigens een bevoegdheid is verbonden die een wezenlijk risico bevat voor de integere bedrijfsvoering van de financiële onderneming.
1.
Onverminderd het bepaalde bij en krachtens de Wet identificatie bij dienstverlening beschikt een financiële onderneming over interne voorschriften ter zake van het vaststellen van de identiteit, de aard en de achtergrond van haar cliënten.
2.
De toezichthoudende autoriteit stelt regels vast met betrekking tot de voorwaarden waaraan de in het eerste lid bedoelde voorschriften ten minste moeten voldoen.
1.
Een financiële onderneming onderzoekt, op verzoek van de toezichthoudende autoriteit, of in haar administratie bepaalde personen of instellingen voorkomen die naar het oordeel van Onze Minister, in verband met vermoede terroristische activiteiten of daarmee verband houdende activiteiten, de integriteit van de financiële sector kunnen schaden.
2.
Een financiële onderneming verstrekt de uitkomst van het in het eerste lid bedoelde onderzoek, binnen een door de toezichthoudende autoriteit vast te stellen termijn, aan de toezichthoudende autoriteit.
Artikel 7
Een financiële onderneming meldt aan de toezichthoudende autoriteit ten behoeve van het toezicht op de naleving van het bij en krachtens de artikelen 2 tot en met 6 van dit besluit bepaalde de door de toezichthoudende autoriteit noodzakelijk geachte gegevens.
1.
Het bedrag van de boete, bedoeld in artikel 90d, vijfde lid, eerste volzin, van de Wet toezicht kredietwezen 1992, wordt bepaald op de wijze, voorzien in bijlage A .
2.
Het bedrag van de boete, bedoeld in artikel 93d, vijfde lid, eerste volzin, van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf, wordt bepaald op de wijze, voorzien in bijlage B .
3.
Het bedrag van de boete, bedoeld in artikel 188d, vijfde lid, eerste volzin, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, wordt bepaald op de wijze, voorzien in bijlage C .
4.
De toezichthoudende autoriteit kan het bedrag van de boete lager stellen dan in de bijlage is bepaald, indien het bedrag van de boete in een bepaald geval op grond van bijzondere omstandigheden onevenredig hoog is.
Artikel 9
[Wijzigt het Besluit financiële bijsluiter.]
Artikel 10
[Wijzigt het Besluit toezicht beleggingsinstellingen.]
Artikel 11
[Wijzigt het Besluit toezicht effectenverkeer 1995.]
Artikel 12
[Wijzigt het Besluit vrijgestelde onderlinge waarborgmaatschappijen 1994.]
Artikel 13
[Wijzigt het Overdrachtsbesluit Wet toezicht beleggingsinstellingen.]
Artikel 14
[Wijzigt het Overdrachtsbesluit Wet toezicht effectenverkeer 1995.]
Artikel 15
[Wijzigt het Besluit politieregisters.]
Artikel 16
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Artikel 17
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit integere bedrijfsvoering kredietinstellingen en verzekeraars.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 10 oktober 2003
De
Minister
Uitgegeven de eenentwintigste oktober 2003
De
Minister