Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Besluit bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden Ctgb 2007
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen
- Hoofdstuk 2. De aanvraag tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel
+ Hoofdstuk 3. Bijzondere vormen van aanvragen tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel
+ Hoofdstuk 4. De aanvraag tot toelating van een biocide
+ Hoofdstuk 5. Bijzondere vormen van aanvragen tot toelating van een biocide
+ Hoofdstuk 6. De registratie van een biocide met gering risico
+ Hoofdstuk 7. Vrijstelling ten behoeve van proefneming
+ Hoofdstuk 8. Proeven op gewervelde dieren
+ Hoofdstuk 9. Van de intrekking of wijziging op verzoek van een toelating of toepassing van een gewasbeschermingsmiddel of biocide
+ Hoofdstuk 10. De ambtshalve intrekking of wijziging van een gewasbeschermingsmiddel of biocide
Hoofdstuk 11. Mededeling nieuwe gegevens
+ Hoofdstuk 12. Aanvragen tot toelating van gewasbeschermingsmiddelen met bestaande werkzame stoffen die zijn of worden onderzocht voor opneming in een bijlage bij de gewasbeschermingsmiddelenrichtlijn
+ Hoofdstuk 13. Aanvragen tot toelating van biociden met bestaande werkzame stoffen die zijn of worden onderzocht voor opneming in een bijlage bij de biociderichtlijn
+ Hoofdstuk 14. Besluiten na een communautaire maatregel op grond van de gewasbeschermingsmiddelenrichtlijn
+ Hoofdstuk 15. Besluiten na een communautaire maatregel op grond van de biociderichtlijn
+ Hoofdstuk 16. De overgangstermijn bij een nieuwe beoordelings- en rekenmethode
+ Hoofdstuk 17. Afleverings- en opgebruiktermijn
+ Hoofdstuk 18. Overgangs- en slotbepalingen
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Besluit bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden Ctgb 2007

1.
Een aanvraag tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 23, lid 1, van de wet wordt door een aanvrager schriftelijk ingediend bij het Ctgb met het aanvraagformulier dat daartoe is vastgesteld. De aanvraag wordt ondertekend en bevat alle gegevens die voor het indienen van deze aanvraag zijn vastgesteld.
2.
Bij inzending van de aanvraag zijn de verschuldigde aanvraagkosten als bedoeld in artikel 10 van de wet voldaan, dan wel is een bewijs toegevoegd dat de aanvraagkosten zijn voldaan.
3.
Bij de aanvraag voegt de aanvrager een ingevulde door het Ctgb vastgestelde lijst met referenties waaruit voor elk, bij de aanvraag geleverd, onderzoek in ieder geval is aangegeven: de titel van het onderzoek, het nummer van het onderzoek, het jaar waarin het onderzoek is afgerond en of geheimhouding door de aanvrager wordt geclaimd.
4.
Het Ctgb tekent de datum van ontvangst aan op de aanvraag. Binnen 2 weken na deze aantekening bevestigt het Ctgb schriftelijk de ontvangst van de aanvraag, onder vermelding van een aanvraagnummer.
5.
Binnen 4 weken na de dagtekening van de ontvangstbevestiging als bedoeld in lid 4 stelt het Ctgb vast of alle in lid 1 tot en met lid 3 genoemde gegevens in het dossier fysiek aanwezig zijn.
Indien het dossier administratief onvolledig is wordt de aanvrager onder vermelding van de nog te leveren gegevens of te verrichte betaling schriftelijk uitgenodigd de ontbrekende gegevens of verzuimde betaling binnen 4 weken in te dienen of te betalen.
Na ontvangst van de ontbrekende gegevens of betaling dan wel wanneer de ontvangst van de ontbrekende gegevens of betaling achterwege blijft beslist het Ctgb binnen 2 weken over het niet in behandeling nemen van de aanvraag, dan wel stelt het Ctgb vast dat de aanvraag administratief volledig is.
Gegevens die na de afloop van de in de eerste volzin genoemde termijn, dan wel indien de aanvrager schriftelijk is uitgenodigd de aanvraag aan te vullen, de daarvoor vastgestelde termijn, worden ingediend, worden niet in behandeling genomen en teruggestuurd.
6.
Binnen 10 weken na de in lid 5, eerste volzin, bedoelde vaststelling, dan wel, indien toepassing is gegeven aan lid 5, tweede volzin, binnen 10 weken na de in lid 5, derde volzin, bedoelde vaststelling, beslist het Ctgb of de aanvraag wetenschappelijk volledig is door te beoordelen of de bij de aanvraag verstrekte gegevens en bescheiden van voldoende kwaliteit zijn voor de beoordeling van de aanvraag en besluitvorming daaromtrent.
Indien de gegevens niet adequaat zijn voor de beoordeling van de aanvraag wordt de aanvrager onder vermelding van de nog te leveren gegevens schriftelijk uitgenodigd deze gegevens binnen 4 weken, in te dienen.
Na ontvangst van de benodigde informatie dan wel wanneer de ontvangst van de nog te leveren gegevens achterwege blijft, beslist het Ctgb zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 8 weken over het in behandeling nemen van de aanvraag.
Gegevens die na de afloop van de in de eerste volzin genoemde termijn, dan wel indien de aanvrager schriftelijk is uitgenodigd de aanvraag aan te vullen, de daarvoor vastgestelde termijn, worden ingediend wordt niet in behandeling genomen en teruggestuurd.
7.
Het Ctgb neemt de aanvraag niet in behandeling indien:
a. de aanvraagkosten niet zijn voldaan, dan wel een bewijs als bedoeld in lid 2 niet bij de aanvraag is gevoegd;
b. de lijst met referenties als bedoeld in lid 3, niet bij de aanvraag is gevoegd;
c. de aanvraag niet voldoet aan het gestelde in artikel 24 en artikel 25 van de wet;
d. de aanvraag ingevolge lid 5 of lid 6 administratief respectievelijk wetenschappelijk onvolledig is;
e. ten onrechte dierproeven zijn uitgevoerd ten behoeve van de aanvraag dan wel de inlichtingen inzake dierproeven niet zijn ingewonnen overeenkomstig hoofdstuk 8;
f. voor een nieuwe werkzame stof niet tegelijkertijd voor de werkzame stof een aanvraag tot aanwijzing van een werkzame stof op grond van de gewasbeschermingsmiddelenrichtlijn is ingediend bij het Ctgb of bij de toelatingsinstantie van een andere lid-staat;
g. een vereiste schriftelijke verklaring van toegang als bedoeld in artikel 2:3, lid 6 ontbreekt;
h. een vereiste schriftelijke motivatie om het leveren van gegevens achterwege te laten als bedoeld in artikel 2:3, lid 7 ontbreekt;
i. de vereiste informatie over het gebruik van kleur en geur als bedoeld in artikel 2:3, lid 9 ontbreekt.
8.
Van het in behandeling nemen van de aanvraag wordt de aanvrager door het Ctgb schriftelijk op de hoogte gesteld.
9.
Het besluit van het Ctgb om een aanvraag niet in behandeling te nemen wordt schriftelijk, per aangetekende post bekendgemaakt aan de aanvrager.
1.
Gelijktijdig met de mededeling dat de aanvraag in behandeling is genomen doet het Ctgb een opgave van de verschuldigde samenvattings- en beoordelingskosten. In de opgave geeft het Ctgb een redelijke termijn waarbinnen de kosten moeten zijn voldaan. De aanvraag wordt niet verder behandeld zolang de kosten als in de eerste volzin bedoeld niet zijn voldaan.
2.
Het Ctgb stelt de aanvraag buiten behandeling indien de samenvattings- en beoordelingskosten niet binnen de in lid 1, tweede volzin, gestelde termijn zijn voldaan en de aanvrager dit verzuim binnen een door het Ctgb gestelde redelijke termijn niet heeft hersteld. Het besluit om de aanvraag buiten behandeling te stellen wordt aan de aanvrager schriftelijk, per aangetekende post toegezonden, onder opgave van de reden om de aanvraag niet in behandeling te nemen.
3.
Het Ctgb neemt uiterlijk 48 weken na de ontvangst van de in lid 1 bedoelde kosten een gemotiveerd besluit op de aanvraag.
Indien niet binnen de termijn als bedoeld in de eerste volzin kan worden beslist, deelt het Ctgb dit schriftelijk aan de aanvrager mede en stelt het Ctgb daarbij een zo kort mogelijke redelijke termijn vast waarbinnen op de aanvraag zal worden beslist.
4.
De in lid 3 bedoelde termijn voor het nemen van een besluit op de aanvraag vervalt indien het Ctgb binnen 34 weken na ontvangst van de kosten als bedoeld in lid 1 naar aanleiding van de samenvatting en beoordeling vaststelt dat de beoordeling niet kan worden afgerond omdat de beoordeling aanleiding geeft tot het stellen van aanvullende vragen, noodzakelijk om de beoordeling van de aanvraag af te ronden.
Het Ctgb kan de termijn van 34 weken verlengen voor een zo kort mogelijke termijn om de beoordeling af te ronden. Het Ctgb deelt de aanvrager de termijn mee.
De aanvrager wordt, onder vermelding van de in te dienen gegevens, schriftelijk in de gelegenheid gesteld de aanvullende gegevens binnen een door het Ctgb te stellen termijn in te dienen. Het Ctgb stelt de termijn vast aan de hand van de tijd die benodigd is voor het aanleveren en eventueel de samenvatting en beoordeling van deze gegevens.
Binnen 2 weken na de ontvangst van de aanvullende gegevens stelt het Ctgb vast of alle gegevens aanwezig en adequaat zijn om betrokken te worden in de samenvatting en beoordeling van de aanvraag.
Het Ctgb neemt het besluit tot het in behandeling nemen van de aanvullende gegevens overeenkomstig artikel het bepaalde in artikel 2:1 lid 5 en lid 6.
Het Ctgb beslist op de aanvraag binnen een aan de aanvrager schriftelijk bekent te maken gemotiveerde termijn. Deze termijn is zo kort mogelijk.
5.
Op de aanvraag wordt beslist met de voorhanden gegevens als de in lid 4 bedoelde gegevens niet binnen de daarvoor gestelde termijn door het Ctgb zijn ontvangen, mits de aanvrager schriftelijk in de gelegenheid is gestelde het verzuim binnen twee weken te herstellen.
Op schriftelijk verzoek van de aanvrager kan het Ctgb een nieuwe termijn vaststellen voor het indienen van de aanvullende gegevens.
Een verlenging van de termijn voor het indienen van de aanvullende gegevens wordt aan de aanvrager schriftelijk medegedeeld.
Het besluit tot het buiten behandeling stellen van de aanvraag wordt de aanvrager schriftelijk, bij aangetekende post bekendgemaakt.
1.
Het Ctgb geeft gelegenheid tot het indienen van een zienswijze door een belanghebbende voor zover de aanvraag als bedoeld in artikel 23, respectievelijk artikel 44, eerste lid, van de wet, betrekking heeft op een eerste toelating in Nederland;
a. van een gewasbeschermingsmiddel met een nieuwe werkzame stof;
b. van een wederzijdse toelating van een gewasbeschermingsmiddel met een nieuwe werkzame stof;
c. van een voorlopige toelating als bedoeld in artikel 34 van de wet; en
d. voor zover het Ctgb dit voor de besluitvorming nodig oordeelt bij een besluit tot toelating van een dringend vereist gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 123 van de wet.
2.
Het Ctgb legt het ontwerpbesluit, dat betrekking heeft op een aanvraag als bedoeld in lid 1, onderdelen a tot en met c en de aanvraag als bedoeld in onderdeel d als ingevolge dit onderdeel gelegenheid wordt gegeven tot het indienen van een zienswijze, met de daarop betrekking hebbende motivering, zo spoedig mogelijk na vaststelling voor een periode van 2 weken ter inzage op het Ctgb. Van de ter inzage legging doet het Ctgb tegelijkertijd mededeling in de Staatscourant en aan de aanvrager.
Een belanghebbende kunnen gedurende de periode dat het besluit ter inzage ligt bij het Ctgb schriftelijk aangeven dat een zienswijze zal worden ingediend. De zienswijze dient, schriftelijk, binnen 2 weken na afloop van de ter inzage periode, te worden ingediend.
Het Ctgb geeft bij het ongebruikt laten van de in de vorige alinea vastgestelde periode voor het aankondigen van een zienswijze zo spoedig mogelijk gevolg aan lid 3 en lid 4.
Indien binnen de daarvoor gestelde termijn een zienswijze is ingediend neemt het Ctgb binnen een redelijke termijn een besluit omtrent de aanvraag. De aanvrager wordt de beslistermijn schriftelijk medegedeeld, onder vermelding van de nieuw vastgestelde termijn.
3.
Het Ctgb maakt het besluit strekkende tot afwijzing van de aanvraag schriftelijk, per aangetekende post bekend aan de aanvrager.
4.
Het Ctgb maakt een besluit strekkende tot toelating bekend in de Staatscourant, onder vermelding van registratienummer, naam van het middel, toepassingsgebied, toelatinghouder en de datum van het besluit. Het besluit strekkende tot toelating wordt schriftelijk, per aangetekende post medegedeeld aan de aanvrager.
1.
Monsters: Het Ctgb kan de aanvrager verzoeken één of meer monsters binnen een in het verzoek gestelde termijn te overleggen. De aanvraag wordt buitenbehandeling gesteld indien aan het verzoek geen gehoor wordt gegeven en de aanvrager in de gelegenheid is gesteld alsnog het gevraagde binnen een daartoe door het Ctgb gestelde termijn in te dienen.
2.
Wijzigen van de aanvraag: De aanvrager kan zijn aanvraag tijdens de behandeling van de aanvraag wijzigen. Hij dient daartoe schriftelijk een verzoek in bij het Ctgb. Het Ctgb volgt het verzoek op. De aanvrager krijgt van het Ctgb bericht over de gevolgen voor de beslistermijnen en de beoordelingskosten die inwilliging van het verzoek tot gevolg heeft. Het Ctgb stelt een nieuwe beslistermijn vast in afwijking van de in artikel 2:2, lid 3 genoemde beslistermijnen en bepaald de beoordelingskosten.
3.
Wezenlijke verandering: Indien het verzoek als bedoeld in lid 2 een wezenlijke verandering behelst van samenstelling, gebruiksgebied of toepassingswijze van het middel wordt de gewijzigde aanvraag beschouwd als nieuwe aanvraag. Dit wordt de aanvrager binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag per aangetekende post medegedeeld.
4.
Informatieplicht: De aanvrager is verplicht om, indien hem gedurende de periode dat zijn aanvraag overeenkomstig artikel 2:1, artikel 2:2 en artikel 2:3 in behandeling is, voor de aanvraag en het te nemen besluit relevante nieuwe gegevens bekend worden met betrekking tot mogelijke gevaarlijke gevolgen voor de gezondheid van de mens of dier of voor het milieu van de werkzame stof of het gewasbeschermingsmiddel waarop de aanvraag betrekking heeft, hiervan terstond aan het Ctgb mededeling te doen.
5.
Betrekken gegevens en beoordelingskosten: Het Ctgb betrekt de in lid 4 bedoelde gegevens bij de beoordeling en samenvatting van de aanvraag en stelt de beoordelingskosten, die door de aanvrager betaald dienen te worden, vast.
6.
Verwijzing naar gegevens van een ander:Bij de aanvraag kan een aanvrager het overleggen van gegevens achterwege laten met een verklaring van toegang als bedoeld in artikel 25, respectievelijk 45, lid 2, van de wet en kan het Ctgb gebruik maken van gegevens die door een andere aanvrager zijn verstrekt voor een andere aanvraag. Het origineel van deze verklaring dient bij de aanvraag gevoegd te zijn, uitdrukkelijk bedoeld zijn voor ingediende aanvraag en bij indiening van de aanvraag niet ouder te zijn dan één jaar.
7.
Achterwege laten van gegevens: Bij de aanvraag kan een aanvrager ingevolge artikel 5 van het besluit het overleggen van gegevens schriftelijke en gemotiveerd achterwege laten. Met het achterwege laten van de gegevens heeft de aanvrager voldaan aan het vereiste om een gegeven in te dienen. Indien tijdens de beoordeling het Ctgb oordeelt dat een gegeven wel overgelegd had dienen te worden, wordt de aanvraag afgewezen.
8.
Intrekken van de aanvraag: De aanvrager kan zonder opgaaf van redenen een aanvraag schriftelijk intrekken tot het moment dat het besluit op aanvraag is medegedeeld en bekendgemaakt als bedoeld in artikel 2:3 lid 3 en artikel 2:3, lid 4. Indien de aanvraag wordt ingetrokken worden de aanvraagkosten niet terugbetaald en de beoordelingskosten kunnen slechts op verzoek terugbetaald worden voor de onderdelen waar nog geen kosten voor zijn gemaakt, zulks ter beoordeling van het Ctgb en tegen finale kwijting.
9.
Het gebruik van kleur en geur: De aanvrager voegt bij de aanvraag tot toelating als bedoeld in artikel 25 van de wet informatie over kleur- en geurstoffen die aan het gewasbeschermingsmiddel zijn toegevoegd en geeft de redenen aan voor de toevoeging van deze stoffen aan het betreffende gewasbeschermingsmiddelen.
10.
Voorschrift kleur en geur: Het Ctgb kan bij de toelating van een gewasbeschermingsmiddel, na overleg met de aanvrager, een voorschrift geven omtrent de kleur of geur in het toe te laten gewasbeschermingsmiddel, indien dit noodzakelijk is in verband met een of meer toelatingsvoorwaarden als bedoeld in artikel 28 van de wet.
11.
Opvallende kleur: Indien de kleuring van een gewasbeschermingsmiddel wordt voorgeschreven moet de kleur opvallend zijn.