Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Beleidsregels reclame publieke media-instellingen 2011
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
Artikel 1. Strekking van de regeling
Artikel 2. Definities
Artikel 3. Herkenbaar en duidelijk onderscheiden
Artikel 4. Reclame voor medische behandelingen
Artikel 5. Aandeel
Artikel 6. Inkomsten
Artikel 7. Dienstbaarheidsverbod
Artikel 8
Artikel 9. Slotbepaling
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Beleidsregels reclame publieke media-instellingen 2011

Regeling van het Commissariaat voor de Media houdende beleidsregels omtrent de toelaatbaarheid, herkenbaarheid en afbakening van reclame- en telewinkelboodschappen in het media-aanbod van publieke media-instellingen (Beleidsregels reclame publieke media-instellingen 2011)
Het Commissariaat voor de Media,
Gelet op de artikelen 7.11, 7.12 en 7.20 van de Mediawet 2008,
Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,
Besluit:
Artikel 1. Strekking van de regeling
De beleidsregels vastgesteld in deze regeling hebben betrekking op de wettelijke voorschriften die zijn opgenomen in de bijlage bij deze regeling.
Artikel 2. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. wet: Mediawet 2008 ;
b. besluit: Mediabesluit 2008 ;
c. Commissariaat: Commissariaat voor de Media;
d. publiek media-aanbod: media-aanbod in de zin van artikel 1 Mediawet 2008 dat wordt aangeboden door een publieke media-instelling;
e. pagina: alle media-aanbod dat bij internet op één browserscherm wordt getoond, bij teletekst onder één paginanummer en bij andere typen elektronische distributievormen op één beeldscherm wordt vertoond;
f. video: een elektronisch product met bewegende beeldinhoud dat een geheel vormt en als zodanig herkenbaar onder een afzonderlijke titel wordt verspreid;
g. audio: een elektronisch product met geluidinhoud dat een geheel vormt en als zodanig herkenbaar onder een afzonderlijke titel wordt verspreid;
h. omlijsting: kader waarbinnen reclame- en telewinkelboodschappen worden geplaatst, bij reclame- of telewinkelboodschappen in het video en/of audio gedeelte van het media-aanbod door middel van een aankondiging en afkondiging, bij reclame- of telewinkelboodschappen in het tekst en/of grafische gedeelte van het media-aanbod in de vorm van een zichtbare afbakening van het overige media-aanbod;
i. als zodanig herkenbaar: de herkenbaarheid als bedoeld in artikel 2.88a, eerste lid, van de wet;
j. duidelijk onderscheiden: de onderscheiding als bedoeld in artikel 2.94, eerste lid, van de wet;
k. aandeel: het aandeel als bedoeld in artikel 2.95, eerste lid, van de wet.
Artikel 3. Herkenbaar en duidelijk onderscheiden
Reclame- en telewinkelboodschappen binnen het video- en/of audiogedeelte van het media-aanbod
1. Reclame- en telewinkelboodschappen zijn « als zodanig herkenbaar » indien deze voor de gemiddelde oplettende consument door de vorm en inhoud duidelijk herkenbaar zijn als reclame- dan wel telewinkelboodschap.
2. Reclame- en telewinkelboodschappen zijn «duidelijk onderscheiden» van het overige media-aanbod indien deze worden voorafgegaan door en afgesloten met een zichtbare en/of hoorbare omlijsting onder vermelding van «reclame», «advertentie»,«telewinkelboodschap», «Ster», dan wel woorden van gelijke strekking.
3. Alleen binnen een mediadienst op aanvraag mogen reclame- en telewinkelboodschappen voorafgaand aan of na afloop van de opgevraagde video of audio worden geplaatst, onverminderd het bepaalde in artikel 2.97 van de wet.
4. Reclame- en telewinkelboodschappen die aan het begin of het einde van de video of audio in een mediadienst op aanvraag worden aangeboden behoeven niet te worden opgenomen in blokken als bedoeld in artikel 2.96, eerste lid, onder a, van de wet.
Reclame- en telewinkelboodschappen binnen het tekst- en/of grafische gedeelte van het media-aanbod
5. Reclame- en telewinkelboodschappen zijn « als zodanig herkenbaar » indien deze voor de gemiddelde oplettende consument door de vorm en inhoud duidelijk herkenbaar zijn als reclame- dan wel telewinkelboodschap.
6. Reclame- en telewinkelboodschappen zijn « duidelijk onderscheiden » van het media-aanbod indien deze worden geplaatst in een apart kader dat geen onderdeel uitmaakt van het overige media-aanbod en onder vermelding van «reclame», «advertentie»,«telewinkelboodschap», «Ster», dan wel woorden van gelijke strekking.
Artikel 4. Reclame voor medische behandelingen
Onder reclame voor medische behandelingen, als bedoeld in artikel 2.94, tweede lid, onder a, van de wet wordt verstaan reclame voor behandelingen die worden verricht op grond van een overeenkomst inzake geneeskundige behandeling in artikel 7:446 van het Burgerlijk Wetboek.
Artikel 5. Aandeel
Reclame- en telewinkelboodschappen binnen het video- en/of audiogedeelte van het media-aanbod
1. Het aandeel reclame- en telewinkelboodschappen is beperkt in hoeveelheid en duur, niet overheersend en in elk geval niet hoger dan de maxima genoemd in wet en besluit .
Reclame- en telewinkelboodschappen binnen het tekst- en/of grafische gedeelte van het media-aanbod
2. Het aandeel reclame- en telewinkelboodschappen is beperkt in hoeveelheid en duur, niet overheersend en bedraagt in elk geval niet meer dan tien procent van de ruimte van een pagina.
1.
Onder «inkomsten» , bedoeld in artikel 2.105, derde lid, van de wet, wordt verstaan het resultaat van de inkomsten.
2.
Op het resultaat van de inkomsten worden de kosten die door de Ster, dan wel de regionale of lokale media-instelling, zijn gemaakt voor de verzorging van reclame- en telewinkelboodschappen in mindering gebracht
Artikel 7. Dienstbaarheidsverbod
Er is in ieder geval sprake van overtreding van het dienstbaarheidsverbod, bedoeld in artikel 2.141, eerste lid, van de wet, indien:
a. er in het kader van samenwerking met een private derde partij sprake is van een gezamenlijke website of dienst van een publieke media-instelling en een derde, waarbij reclame- en telewinkelboodschappen worden verzorgd door de Ster, dan wel de regionale of lokale media-instelling, en er op basis van inbreng en eigendom van die publieke media-instelling geen marktconforme afspraken over de verdeling van de opbrengsten van de reclame-inkomsten zijn gemaakt;
b. de Ster, dan wel de regionale of lokale media-instelling afhankelijk is van een derde om reclame- en telewinkelboodschappen te kunnen en/of mogen plaatsen en hiervoor meer dan de marktconforme vergoeding betaalt;
c. de Ster, dan wel de regionale of lokale media-instelling derde partijen inhuurt en hiervoor meer dan de marktconforme vergoeding betaalt.
Artikel 8
Er kan sprake zijn van overtreding van het dienstbaarheidsverbod, bedoeld in artikel 2.141, eerste lid, van de wet, indien in reclame- of telewinkelboodschappen inhoudelijk wordt aangesloten bij programma’s of ander media-aanbod van de publieke media-instellingen.
1.
Deze regeling wordt bekendgemaakt door kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de internetsite van het Commissariaat voor de Media (www.cvdm.nl).
2.
Deze regeling treedt in werking twee dagen na kennisgeving daarvan in de Staatscourant.
3.
Deze regeling zal worden geëvalueerd.
4.
Deze regeling wordt aangehaald als Beleidsregels reclame publieke media-instellingen 2011.
Commissariaat voor de Media,
Voorzitter.
Commissaris.