Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Beleidsregels aanwijzing examenorganisaties drogisterijbranche
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht

Beleidsregels aanwijzing examenorganisaties drogisterijbranche

Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 21 juni 2013, 124046-105228-GMT houdende Beleidsregels aanwijzing examenorganisaties drogisterijbranche
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
Gelet op artikel 1, onderdeel qqq en 62 van de Geneesmiddelenwet;
Besluit:
Artikel 1
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
a. assistent-drogist: een assistent-drogist als bedoeld in artikel 1, onderdeel rrr, van de Geneesmiddelenwet;
b. drogist: een drogist als bedoeld in artikel 1, onderdeel qqq, van de Geneesmiddelenwet;
c. examenorganisatie: een organisatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel qqq, van de Geneesmiddelenwet;
d. minister: de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Artikel 2
Bij een verzoek tot aanwijzing als examenorganisatie wordt het volgende beoordelingskader in acht genomen:
a. De organisatie
De verzoekende organisatie is een stichting.
De stichting heeft tot doel het ontwikkelen en afnemen van examens van drogist en van assistent drogist.
De stichting neemt de examens zelf af.
De stichting heeft een examenreglement waarin de taken en verantwoordelijkheden van haar organen duidelijk omschreven zijn.
De stichting heeft een onafhankelijk toezichthoudend orgaan.
De stichting heeft een examencommissie waarvan de leden geen bestuurslid of medewerker van de stichting zijn.
De stichting hanteert openbare exameneisen.
De stichting heeft een klachtenregeling.
De stichting beschrijft op welke wijze de examens worden afgenomen.
De stichting toont de meerwaarde aan die zij heeft op het terrein van examinering van drogist en assistent-drogist.
De doelmatigheid van een verzoek tot aanwijzing als examenorganisatie wordt getoetst.
Het verzoek wordt schriftelijk gedaan.
De stichting legt bij een verzoek tot aanwijzing als examenorganisatie tenminste alle in dit onderdeel genoemde gegevens en bescheiden over: de stichtingsakte, de examenreglementen, de openbare exameneisen, een beschrijving van de wijze van examineren en een toelichting op de exameneisen.
b. Exameneisen
De exameneisen zijn erop gericht te waarborgen dat de drogist en de assistent-drogist in staat zijn verantwoorde zorg als bedoeld in artikel 62, tweede lid, Geneesmiddelenwet aan te bieden.
1.
Over de kwaliteit van de overgelegde exameneisen van, alsmede over de wijze van examinering door de verzoekende organisatie wordt advies uitgebracht aan de minister door een Commissie, bestaande uit vertegenwoordigers van het Centraal Bureau Drogisterijbedrijven te Maarssen, het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel te Leidschendam, de Consumentenbond te Den Haag en de vereniging Neprofarm te Huizen. De minister beslist op de aanvraag, gehoord hebbende het advies van de Commissie.
2.
De Commissie, bedoeld in het eerste lid, stelt een intern reglement en een werkwijze vast.
3.
De Commissie, bedoeld in het eerste lid, stelt minimum eindtermen voor de vakbekwaamheid van het beroep drogist en assistent-drogist op, die zij als richtsnoer hanteert bij haar advisering ten aanzien van het in artikel 2, onder b bepaalde.
4.
De Commissie, bedoeld in het eerste lid, maakt inzichtelijk op welke wijze zij de wijze van examinering van de verzoekende organisatie beoordeelt. De Commissie kan aanbevelingen doen en richtlijnen formuleren over de kwaliteitswaarborging van de examinering.
1.
Aanwijzing als examenorganisatie geschiedt voor de duur van ten hoogste vijf jaar.
2.
Indien hiertoe aanleiding is, kan de aanwijzing tussentijds worden ingetrokken.
3.
Op verzoek van de examenorganisatie kan de aanwijzing worden verlengd, telkens voor de duur van ten hoogste vijf jaar. Het verzoek tot verlenging wordt voorgelegd aan de in artikel 3, eerste lid, bedoelde Commissie.
1.
Iedere examenorganisatie brengt jaarlijks een verslag uit aan de minister.
2.
Het verslag, bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een beschrijving van de wijze van examinering, alsmede kengetallen over de examinering en de financiële huishouding van de examenorganisatie.
3.
Het verslag, bedoeld in het eerste lid, wordt toegezonden aan de in artikel 3 bedoelde Commissie. De Commissie kan naar aanleiding van het verslag advies uitbrengen aan de minister.
Artikel 6
Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst.
Artikel 7
Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels aanwijzing examenorganisaties drogisterijbranche.
Deze beleidsregels worden met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.
De
Minister