Rechtenmedia.nl - Juridische Online Uitgeverij  Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | JBmatch.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl | Rechtentotaal.nl
Aanwijzing uitvoerenden van muziekwerken in het openbaar
Bwb-id:
Officiele titel:
Citeertitel:
Soort regeling:
Wetsfamilies:
Eerst verantwoordelijk ministerie:

Geldigheidsdatum:
Ingangsdatum:
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature

Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Let op. Deze wet is vervallen op 15 juli 2003. U leest nu de tekst die gold op 14 juli 2003.

Aanwijzing uitvoerenden van muziekwerken in het openbaar

Aanwijzing uitvoerenden van muziekwerken in het openbaar
De Minister van Justitie,
Gelet op artikel 12 van het Koninklijk besluit van 12 oktober 1932 (Stb. 496).
Besluit:
Artikel 1
Als groepen van hen die muziek werken in het openbaar uitvoeren of doen uitvoeren worden ingevolge artikel 12 van het Koninklijk besluit van 12 oktober 1932 (Stb. 496) aangewezen:
1. de Vereniging Contactorgaan van Nederlandse Orkesten;
2. de Nederlandse Omroep Stichting;
3. de Nederlandse Bioscoopbond;
4. het Bedrijfschap HORECA;
5. de Stichting Centraal Beraad Amateuristische Muziekbeoefening CBAM;
6. de Bond van Kermisbedrijfhouders ‘BOVAK’;
7. de Nederlandse Kermis Bond;
8. de Stichting Samenwerkende Landelijke Centrale Organen voor Wijk-, buurt- en clubhuiswerk SALCO;
9. de Nationale Ziekenhuisraad;
10. de Vereniging van Nederlandse Gemeenten;
11. de Staat der Nederlanden;
12. de Raad van Nederlandse Werkgeversverbonden;
13. de Raad voor het Grootwinkelbedrijf;
14. de Nederlandse Bond voor Sociaal-Cultureel Vormingswerk;
15. het Overlegorgaan van de Centrale Ondernemersorganisaties in het Midden- en Kleinbedrijf.
Artikel 2
De beschikking van de Minister van Justitie van 29 september 1969, Stafafdeling Wetgeving Privaatrecht, nr. 381/669, wordt ingetrokken.
's-Gravenhage, 6 april 1976
De voornoemd,
Minister